eerste woordjes

Eerste woordjes van je baby

Iedere baby ontwikkelt zich in zijn eigen tempo. Dit geldt voor groeien, lopen en ook voor het zeggen van zijn eerste woordje. Wanneer kun je het eerste woordje verwachten?

Vanaf de 21ste week van je zwangerschap kan je baby horen. Hij vangt vanaf dat moment allerlei geluiden op, zowel in jouw buik als erbuiten. Je baby heeft na de geboorte dan ook een voorkeur voor bekende geluiden, zoals de stem van zijn moeder.

Advertentie

Huilen

Het eerste geluid dat je baby maakt, is huilen. Dat is zijn manier om jou te laten weten dat er iets met hem aan de hand is. Hij heeft honger, een vieze luier, is moe of wil even lekker met je knuffelen. Naast het huilen zal je kind ook geluiden maken als ‘eh’, ‘oh’, ‘uh’ en ‘ah’. Als hij heel veel plezier heeft, kan hij ook kirren. De kirgeluiden worden later uitgebreid door klanken.

Lees ook: Dunstan Babytaal, leer de huilgeluiden van je baby ontcijferen

Brabbelen

Als je baby ongeveer drie maanden oud is, begint hij met brabbelen. Hij kan nog niet bewust iets aan je duidelijk maken, maar het gaat hem om het contact dat hij met je maakt. Als hij een geluidje maakt en jij reageert daarop, stimuleer je hem om nog meer geluiden te maken. 

Lees ook: Dit is het nut van brabbelen

Codetaal

In de aanloop naar de eerste echte woordjes is je baby al flink aan het oefenen. Hij bootst klanken na die hij hoort. Het zijn nog geen echte woorden, maar het begint er langzaam op te lijken. Met een beetje puzzelen kan je deze gecodeerde taal al aardig interpreteren.

Passieve taalontwikkeling

Na ongeveer zes maanden gaat je baby zich meer interesseren voor geluiden en taal. Hij begrijpt steeds beter wat je tegen hem zegt, maar hij kan nog niets terug zeggen. Dit noem je de passieve taalontwikkeling en die loopt voor op de actieve taalontwikkeling.

Actieve taalontwikkeling

Je baby oefent zelf ook met allerlei geluiden en klanken. Waarschijnlijk begint hij met de klinkers ‘a’ en ‘o’. Daar komen dan geleidelijk meer medeklinkers bij. Het uitspreken van betekenisvolle klanken en woorden noem je de actieve taalontwikkeling.

Voordat de ouders echte woordjes herkennen, of tussen de echte woorden door, gebruikt een kind protowoorden. Dat zijn brabbels die vaak wel degelijk betekenis hebben. Zo doelt een kind met ‘toepie’ bijvoorbeeld op speen.

De eerste echte woordjes

Voor veel ouders is het eerste woordje van hun kind een enorme mijlpaal. Maar wanneer gaat je kind zijn eerste woordje zeggen? Dit kan per kind, net zoals met alle andere ontwikkelingen van je kind, enorm verschillen. Het ene kind zegt al iets voor zijn eerste verjaardag en de ander doet dat een paar maanden later. Gemiddeld is je kind tussen de één en anderhalf jaar als hij zijn eerste woordje zegt. 

Tips: zo stimuleer je je kind om te gaan praten

Welk eerste woordje?

Over de hele wereld zijn ‘mama’ of ‘papa’ – of een soortgelijke benaming in een andere taal – één van de eerste woordjes die een kind zegt. Dat komt doordat baby’s lipklanken zoals M, P en B als eerste klanken ontwikkelen. Jouw kind zegt misschien ‘bal’, ‘dag’ (‘da!’) of ‘auto’ als eerste, afhankelijk van waar zijn interesse naar uitgaat, wat hij veel hoort en makkelijk kan uitspreken.

Met een woord worden in eerste instantie meerdere dingen of personen aangeduid. Zo zal de buurman eerst ‘papa’ genoemd worden of een trein ‘bus’.

Na het eerste woordje volgen vaak snel meer woordjes. Je kind krijgt in de gaten dat hij door geluiden en woorden iets kan duidelijk maken. Gedurende de eerste paar jaar zijn woorden nog onvolledig in opbouw en is je kind nog veel aan het brabbelen.

Zo zal hij nog niet zo snel ‘slapen’ zeggen, maar ‘ape’. Een ander woord dat je snel zult horen is ‘die’ en dan wijst je kind ook naar wat hij bedoelt. Hij probeert contact met je te maken en je te laten zien wat hij wil.

Je baby zal daarbij ook intonatie en ritme gaan gebruiken om verschillende dingen gedaan te krijgen. Zo zal ‘Hond?’ (Waar is de hond? Wat doet hond nou?) wat anders betekenen dan ‘Hond!’ (de hond is stout, de hond loopt naar buiten).

Geluidwoordjes

Als je kind een auto ziet, zal hij eerder ‘toet’ zeggen dan ‘auto’. En als hij een hond ziet, zegt hij ‘waf’ of ‘woef’. Dit noem je geluidswoordjes. Je kind benoemt dingen naar het geluid wat ze maken. Dit kun je samen nadoen met plaatjes in boeken, maar ook op straat kun je dit samen oefenen.

De gemiddelde taalontwikkeling

Wanneer een zorgverlener, zoals een consultatiebureauarts, erachter wil komen of de taalontwikkeling van je kind ongeveer naar verwachting verloopt, gebruikt ze de richtlijn Gereviseerde Minimum Spreeknormen. Op deze lijst is te zien wat een kind op een bepaalde leeftijd minimaal kan zeggen of begrijpen. In onderstaande tabel staan we alleen stil bij de actieve taal.

Je hoeft je niet direct zorgen te maken als je kind op een bepaalde leeftijd nog niet alle woorden zegt die hij zou moeten zeggen. Het ene kind is nu eenmaal sneller dan het andere. Bovendien wordt op een consultatiebureau niet alleen de actieve taalontwikkeling bekeken, maar ook altijd hoeveel een kind begrijpt en hoe het kind zonder woorden communiceert.

Leeftijd Gereviseerde Minimum Spreeknormen

0-1 jaar Huilen, lachen, kraaien, spelen met stem. Brabbelpatronen worden steeds langer en ingewikkelder.
1 jaar tot 1,5 jaar Veel en gevarieerd brabbelen.
1,5 jaar tot 2 jaar Zegt zo’n vijf tot tien woordjes.
2 jaar tot 2,5 jaar Zinnen van twee woordjes.
2,5 jaar tot 3 jaar Zinnen drie woorden, nog weinig grammaticale structuur.
3 jaar tot 3,5 jaar Zinnen van drie tot vijf woorden. Ongeveer de helft is verstaanbaar.
3,5 jaar tot 4 jaar Vertelt spontaan wel eens een verhaaltje.
4 jaar tot 5,5 jaar Eenvoudige, enkelvoudige zinnen, al meer grammaticale structuur. Minstens 75 procent van wat het kind zegt is verstaanbaar.
Vanaf 5,5 jaar Goed gevormde, ook samengestelde zinnen. Goed verstaanbaar.

Tabel Gereviseerde Minimum Spreeknormen per leeftijd

Als je denkt dat je kind niet aan deze richtlijnen voldoet, dan mag je altijd een afspraak maken op het consultatiebureau of met de huisarts.

Tips om de taalontwikkeling te stimuleren

Je hebt het misschien niet altijd in de gaten, maar je baby leert het meeste van jou. Je kunt je baby elke dag stimuleren in zijn taalontwikkeling, zonder dat je daar veel moeite voor hoeft te doen.

  • Praat rustig, in korte zinnen en gebruik eenvoudige woorden.
  • Blijf de woorden herhalen en praat op een vriendelijke toon.
  • Laat ook stiltes vallen, zodat je baby de kans krijgt om iets terug te brabbelen.
  • Zet de televisie of radio niet de hele dag aan, want dit zorgt voor veel prikkels en ruis. Je baby kan moeilijk het verschil horen wat nu echt belangrijk is en wat niet.
  • Alles wat je met je kind doet, kun je benoemen. Denk bijvoorbeeld als je hem aankleedt, als je met hem wandelt of als je hem in de box legt. Kinderen onthouden ontzettend veel.
  • Je kunt niet vroeg genoeg beginnen met voorlezen. Dit is ook goed voor de taalontwikkeling van je baby. 
  • Dit geldt ook voor het zingen van kinderliedjes. Je baby kan luisteren naar je stem en kijken naar de bewegingen die je maakt. 
  • Geef op een positieve manier feedback. Stel dat je kind ‘waf’ zegt tegen een hond dan kun jij zeggen dat het een hond is.

Meer lezen: 7 voordelen van voorlezen aan je baby

Versprekingen corrigeren

Het klinkt soms heel schattig als je kind een woordje verkeerd zegt, maar gebruik zelf altijd de goede woorden. Het is moeilijker om hem iets af te leren dan aan te leren. Een woord dat nog niet juist klinkt, hoef je niet expliciet te corrigeren maar impliciet. Stel dat je kind ‘pampoline’ zegt, herhaal het dan op de goede manier en zeg: ‘Ja, dat is een trampoline.’ Op die manier verbeter je hem zonder dat hij het idee heeft dat hij iets verkeerds doet. Hij voelt zich bovendien aangemoedigd om lekker verder te oefenen met praten.

Ook interessant: Zo leer je je kind beter uit zijn woorden te komen. 

Stotteren

Bij een normale taalontwikkeling is het heel normaal dat je kind af en toe over woorden struikelt. In gedachten weten ze soms al heel goed wat ze willen vertellen, maar hun mondmotoriek en timing werkt nog niet goed mee. Je kind kan dan stotteren. Als je het vermoeden hebt dat je kind blijft stotteren, kun je de hulp inschakelen van een logopedist.

Tip: Hier lees je meer over de meest voorkomende spraakproblemen.

Jente Timmer

Logopedist

Jente behandelt als logopedist kinderen met spraak- en taalproblemen. De taal- en communicatieve ontwikkeling van jonge kinderen boeit haar mateloos en is daarom haar gebied van expertise. Als eigenaar van Meertaalpraktijk geeft Jente daarnaast workshops over (meer)talig opvoeden en thuis brengt ze de meertalige opvoeding in de praktijk bij haar twee kinderen.