tijgeren kruipen staan

Wanneer leert een baby rollen, kruipen, zitten en staan?

Een kind leert veel in zijn eerste levensjaar. Van een afhankelijk lief klein baby’tje wat vooral slaapt en drinkt, verandert hij in een zelfstandige dreumes. Hoe loopt zijn ontwikkeling van het onhandige tijgeren tot leren kruipen, zitten en staan?

Gevecht met de zwaartekracht

Om het zitten, kruipen en staan onder de knie te krijgen, moet je kind flink aan de slag. Oefenen, oefenen en nog eens oefenen om voldoende spierkracht en een gevoel voor evenwicht te ontwikkelen.

Advertentie

Het is een constant gevecht met de zwaartekracht en er gaan heel wat mislukte pogingen vooraf aan het kunnen rollen, kruipen of staan. Je kunt je kind stimuleren door hem regelmatig op een kleed of in de box te leggen. Je kind moet veel ruimte krijgen om zelf te bewegen en oefenen. Van alleen rondkijken vanuit de maxi-cosi of een wipstoeltje leert hij weinig.

Het gebruik van de armen en benen

In de eerste paar maanden ligt een kindje met name op zijn rug met zijn lichaam op de ondergrond. Vanaf maand 2 proberen de meeste kindjes hun handjes een beetje naar elkaar toe te brengen of naar de mond te brengen. Ook trappelen ze soms een kleine beetje met hun beentjes. Ze beginnen wat beter te kijken en te volgen en als je geluk hebt heb je zijn eerste lachje al gekregen.

Vanaf 3 maanden of 4 maanden kijken kinderen soms naar hun handjes. Ook de knietjes beginnen een beetje omhoog te komen. Op deze leeftijd zou je je kindje al onder een babygym neer kunnen leggen zodat het zijn armen een beetje gaat gebruiken. Let op: de speeltjes aan de babygym moeten wel zo hangen dat je kindje erbij kan. De speeltjes aan de babygym kunnen het best een felle kleur hebben of zwart wit. Kinderen zien in hun eerste maanden vooral contrast, en felle kleuren zoals blauw, geel en rood. Ook is het leuk om bijvoorbeeld een belletje of knisper doekje aan de babygym te hangen.

In de eerste maanden is het ook belangrijk om je kindje vaak op de buik te leggen. Het liefst een paar keer per dag. In het begin zal je kindje het nog niet lang volhouden maar na verloop van tijd zal het beter gaan. Het is hierbij belangrijk dat je je kindje op een wat hardere ondergrond legt zodat het wat weerstand heeft. Op een zacht bed of een zachte bank is het vaak erg zwaar om op je armen te steunen. Probeer de ellebogen onder de schouders te zetten. Verder is het wel zo leuk als je kindje iets te zien heeft op zijn buik. Ga zelf ook op de grond voor hem liggen zodat je op zijn level bent en het ook leuk is voor hem om op zijn buik te liggen.

Het leren omrollen

Verder is het erg belangrijk om iedere je kindje niet in een keer op zijn buik te leggen maar eerst op de rug te leggen en het dan om te rollen. Zo voelt je kindje al een beetje hoe het naar zijn buik moet komen. Het is daarnaast ook rustiger voor het kind om omgerold te worden.

Vanaf een maand of 5-6 beginnen kindjes ook hun voetjes een beetje te ontdekken en kunnen ze soms per ongeluk omrollen naar hun zij. De hele snelle kunnen al dan doorrollen naar hun buik. Vaak is het daarna moeilijker om terug te rollen van buikligging naar rugligging. Ook dit kan je een beetje begeleiden. Door ze op hun zij te leggen de zwaartekracht het werk te laten doen.

Vanaf 7 maanden oud kunnen de meeste kindje wel een beetje rollen. Ook de buikligging wordt makkelijker en het kind kan zich wat hoger oprichten. Sommige kinderen kunnen in buikligging al speeltjes naar zich toe trekken binnen hun bereik.

Het pivoteren – 360 graden ronddraaien op buik

De fase hierna heet ‘pivoteren’. Dit betekent ronddraaien om je as. Je kunt dit het beste stimuleren door je kindje juist op een wat gladdere ondergrond te leggen zonder sokjes aan. Doormiddel van een speeltje kan je je kindje uitlokken tot het volgen van het kindje. Je probeert dit zowel linksom als rechts om te doen. Op een gladde ondergrond glij je wat makkelijker waardoor je minder moeite hoeft te doen om in beweging te komen. Tijdens het pivoteren traint je kindje zijn ‘flanken’ waardoor hij ook zijwaarts wat sterker wordt wat weer nodig is om te kunnen kruipen en zitten.

Tijgeren

Na het pivoteren begint het tijgeren. Vaak zie je dat kinderen zich in eerste instantie op hun handen/armen afzetten en dan juist naar achteren gaan. Dit kan erg frustrerend zijn. Maar na een tijdje oefenen lukt het ze vaak wel. Je kunt eventueel wat druk onder de voetjes geven zodat ze zich kunnen afzetten. Ook dit gaat weer makkelijker op een gladde vloer. Probeer een speeltje voor ze te leggen, wat net niet binnen handbereik ligt.

Kruipen en zitten

Rond een maand of 8 tot 10 begint vaak het kruipen en het gaan zitten. In deze fase is het handig om weer van ondergrond te wisselen. Het beste is om je kindje op een tapijt te leggen of vloerbedekking of eventueel een kinder speelkleed wat grip heeft, en niet schuift ten opzichte van de ondergrond.

Je zou je kindje kunnen helpen door het over jou benen heen te laten tijgeren/kruipen. Zo kan je kindje een beetje wennen aan het gewicht op zijn armen en benen. Probeer het zwaartepunt altijd op de knietjes te houden. Dus het gewicht een beetje naar achter duwen zodat het eerst kan wennen aan het gewicht op de armen.

Probeer je kindje voor deze tijd dus nog niet teveel in zit neer te zetten. Het is belangrijk dat hij zelf leert dat hij zelfstandig tot zit kan komen. Vaak is een kind dan ook pas echt sterk genoeg om lang te kunnen zitten. Of om bijvoorbeeld in een fietsttoeltje te zitten.Lees hier meer over het proces: leren zitten.

Staan en lopen

Als een kindje eenmaal kan kruipen kan het soms een tijdje duren voordat het gaat staan. Meestal gaat een kindje eerst op zijn knieen aan iets spelen en komt dan langzaam aan bijvoorbeeld de bank omhoog tot stand. Dit is meestal rond een jaar ongeveer. Daarna begint het zijwaarts stappen aan de bank en daarna komt het los lopen en los staan. Probeer je kindje op zijn blote voetjes te laten staan zodat hij goed voelt en grip heeft met zijn voetjes.

Het kan zijn dat je kindje niet gaat kruipen maar het liefst zit en op zijn billen schuift. Probeer je kindje toch te stimuleren tot kruipen. Als dit echt niet lukt, probeer je kindje dan in ieder geval af en toe aan bijvoorbeeld een poef oid op zijn knieen te laten spelen zodat het in ieder geval via zijn knieen uiteindelijk kan gaan staan.

Ook is het helemaal niet gek als een motorisch kindje niet ontwikkelt zoals je verwacht. Pin jezelf dus niet te veel vast op schema’s en mijlpalen. Bij het consultatiebureau gebruiken ze het ‘van Wiechenschema’. Hierbij wordt naar drie ontwikkelingsgebieden gekeken. Grof motorisch, fijn motorisch en sociaal emotioneel. Het is belangrijk om naar alle gebieden te kijken. Als je kind grof motorisch minder snel ontwikkelt kan het heel goed zijn dat hij zich fijn motorisch of qua spraak sneller ontwikkelt. Dit kan ook andersom. Als je echt twijfelt aan de ontwikkeling van je kindje dan is het goed om dit te bespreken met het consultatie bureau of een kinderfysiotherapeut.

Maak je huis babyproof

Zodra je baby leert kruipen, dan is het opletten geblazen! Ze hebben het namelijk zo onder de knie. De wereld van je baby wordt nu opeens een stuk groter en hij gaat op ontdekkingstocht door het huis. Vanaf dat moment moet je opletten waar hij is en zorgen dat je huis veilig is. Met zo’n nieuwschierig kind, is het belangrijk dat de veiligheid in en om het huis in orde is. Het is tijd om je huis baby-proof te maken.

Anna Baltus

Kinderfysiotherapeute

Anna is mede eigenaar van De Fysio Studio in Amsterdam waar zij kinderen van 0 tot 18 jaar behandelt. Anna is expert op het gebied van alles wat met motorische ontwikkeling bij kinderen te maken heeft. Haar doel is om kinderen binnen hun kunnen met plezier te laten bewegen, zonder beperkingen, pijn of angst.