Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

narcose bij baby

Narcose bij baby en kind

Als je kind wordt geopereerd, gaat hij onder algehele anesthesie. Dit wordt ook wel narcose genoemd. Hoe werkt narcose? En wat en hoe lang mag je kind nog eten en drinken voordat hij onder narcose gaat?

Wat is narcose?

Narcose wil zeggen dat je gaat ‘slapen’ met behulp van medicijnen, zodat je niets van de ingreep voelt en meemaakt. Dit wordt slapen genoemd, maar het is geen gewone slaap. Onder narcose kun je niet uit jezelf wakker worden.

Advertentie

Onderzoek vooraf

Om je kind veilig onder narcose te brengen, wil de anesthesioloog eerst alles weten over de gezondheid van je kind. Slikt je kind medicijnen of heeft hij last van bepaalde aandoeningen? Je kind wordt ook lichamelijk onderzocht en als het nodig is, vindt er extra onderzoek plaats. Aan de hand van de lengte en het gewicht van je kind wordt de dosering van de medicijnen bepaald die nodig zijn voor de narcose.

Is je kind al eens eerder onder narcose geweest? Wat waren toen de ervaringen? Ook dat wil de anesthesioloog graag weten. Ook is het goed om te vertellen of je kind ergens (over)gevoelig of allergisch voor is. Misschien heeft je kind wel last van bloedneuzen. Vertel het ook als er een tand of kies loszit bij je kind. Bij het inbrengen van de beademingsbuis kunnen die losse tanden of kiezen losraken. Het is dan beter om die tand of kies eruit te trekken. Dit gebeurt vlak voor het inbrengen van de beademingsbuis, dus dan is je kind al verdoofd.

Voorzorgsmaatregelen

Een te vroeg geboren baby is de eerste maanden extra gevoelig voor ademhalingsstoornissen na een narcose. Een ruggenprik zonder narcose kan deze problemen soms voorkomen. Als het nodig is om de beademing van je kind extra te controleren, wordt er een bewakingsbed geregeld op de kinderafdeling.

Als je kind verkouden is, is de kans op problemen met de ademhaling en op complicaties (denk aan een longontsteking) groter. De operatie kan dan worden uitgesteld, tenzij de operatie dringend is.

Tip: dit kun je doen als je baby verkouden is

Voorbereiding op de operatie

Op de afdeling waar je kind wordt opgenomen, geven pedagogisch medewerkers en verpleegkundigen voorlichting over de narcose. Vaak is er ook speciaal voorlichtingsmateriaal voor je kind. Denk bijvoorbeeld aan een fotoboek met foto’s en uitleg over narcose.

Vindt de ingreep plaats op de Operatieve Dagbehandeling? Dan ga je met je kind naar het pre-operatieve spreekuur. Ook voor andere operaties moeten jullie je meestal daar melden. Als je kind is opgenomen, komt de anesthesioloog meestal op de dag voor de operatie ’s avonds even langs.

De anesthesioloog legt jou en je kind uit wat de narcose precies inhoudt en wat je kind kan verwachten. Ook kan hij meer vertellen over de eventuele problemen met het inbrengen van de beademingsbuis en extra pijnbestrijding met een speciale verdovingsprik of infuuspomp. Zo kan je kind na de operatie op de Intensive Care komen te liggen. Als dit bij jouw kind wordt verwacht, wordt dit met je besproken. Je zou kunnen vragen of je voor de operatie al een kijkje kunt nemen op die afdeling. Dan weten jullie wat jullie te wachten staat.

Meer weten? Zo bereid je je kind (en jezelf) voor op een operatie

Niet eten en drinken voor de operatie

De maag van je kind moet leeg zijn voor de operatie. Als hij toch eet, wordt er maagzuur aangemaakt. Onder anesthesie kan dit maagzuur in de longen terecht komen. Dit kan een ernstige longontsteking veroorzaken. Om dit te voorkomen, moet je kind voor de operatie ‘nuchter’ zijn. Dit betekent dat hij vanaf een bepaalde tijd niets meer mag eten en drinken. Doet hij dit toch, dan kan de operatie niet doorgaan.

In dit schema kun je zien hoe laat je kind in het ziekenhuis moet zijn (de opnametijd). Daarachter zie je vanaf welke tijd je kind niet meer mag eten en drinken.

Opnametijd Niet meer eten vanaf: Niet meer drinken vanaf:
08:00 uur 02:00 uur 06:00 uur
09:00 uur 03:00 uur 07:00 uur
10:00 uur 04:00 uur 08:00 uur
11:00 uur 05:00 uur 09:00 uur
12:00 uur 06:00 uur 10:00 uur
13:00 uur 07:00 uur 11:00 uur
14:00 uur 08:00 uur 12:00 uur
15:00 uur 09:00 uur 13:00 uur
16:00 uur 10:00 uur 14:00 uur

Als je kind een dag vóór de operatie al wordt opgenomen, hoeft hij niet nuchter te komen.

Nuchterbeleid voor kinderen ouder dan zes maanden:

Tot zes uur voor de opnametijd mag je kind alleen een lichte maaltijd eten. Je kunt kiezen uit:

  • 2 beschuitjes of crackers met jam, zonder boter óf;
  • 1 snee brood met jam, zonder boter óf;
  • Kunstvoeding

Tot twee uur voor de opnametijd mag je kind alleen heldere dranken drinken zoals:

  • Thee, water, heldere appelsap, limonade zonder prik
  • Je kind mag geen melkproducten of bouillon drinken

De operatiedag

Bij geplande ingrepen (dus geen spoed) is dit de afspraak

  • Pasgeborenen tot zes maanden mogen in geval van borstvoeding liefst tot drie uur voor de ingreep volgens hun eigen voedingsschema. Drinkt jouw baby kunstvoeding? Dan mag je baby tot vier uur voor de ingreep volgens eigen voedingsschema drinken.
  • Tandenpoetsen voor de operatie wordt afgeraden.

Premedicatie

Een uur voor de narcose krijgt je kind premedicatie. Je kind kan nog even naar de wc en krijgt dan operatiekleding aan. Daarna krijgt je kind een drankje of zetpil, zodat hij slaperig wordt en op bed of bij jou op schoot blijft zitten.

Als je kind aan de beurt is, wordt hij naar de operatieafdeling gebracht. Beide ouders mogen mee tot aan de balie van de afdeling. Of je mee mag naar de operatiekamer tot de operatie begint, is afhankelijk van de volgende situatie:

  1. Is je kind ouder dan zes maanden? Dan mag één ouder mee naar de operatiekamer. Bij jongere kinderen kan er geen ouder mee.
  2. Bij hartoperaties mag er alleen een ouder mee als je kind minstens één jaar is. Hartoperaties brengen namelijk grotere infectierisico’s met zich mee.
  3. Bij spoedoperaties en ingrepen buiten kantoortijd beslist de anesthesioloog of er een ouder mee mag.
  4. Als je zwanger bent en je kind wordt met een kapje verdoofd, wordt je aangeraden niet mee te gaan. Je kunt namelijk ook wat anesthesiedamp inademen en dat kan schadelijk zijn voor je ongeboren kind.

Als jij de ouder bent die meegaat in de operatiekamer, moet je je omkleden. Daarna ga je met het anesthesieteam en de verpleegkundige van de afdeling naar de operatiekamer.

Onder narcose brengen

Kinderen die onder narcose moeten, zijn vaak minder angstig als hun vader of moeder erbij is op het moment dat ze in slaap worden gebracht. Dat geldt ook voor het wakker worden op de uitslaapkamer.

Voordat je kind wordt ingeleid (onder narcose gebracht), kun je zachtjes voor je kind zingen of met hem praten. Een natuurlijke reactie van je kind is dat hij de inleiding wil uitstellen. Ga hier niet in mee, want dit zorgt alleen maar voor meer spanning. Ook uitgebreid troosten heeft vaak een tegenovergesteld effect. Je bevestigt hiermee zijn angst dat er iets naars gaat gebeuren.

Baby’s en peuters worden meestal met een kapje verdoofd. Door in het kapje te ademen, krijgen ze anesthesiedamp binnen en vallen ze snel in slaap. Meestal duurt het zo’n dertig seconden. Bij grotere kinderen kan dit langer duren. Soms wordt er verdoofd met een prikje. Ze vallen snel in slaap. Als je kind slaapt, moet je weer uit de operatiekamer.

Voor ouders in de operatiekamer

  • Je kind kan onrustig gaan bewegen als hij bijna onder narcose is. Dit kan er naar uitzien, maar je kind is zich hier niet meer van bewust.
  • Sommige kinderen sluiten niet meteen hun ogen. Ook dit kan een vreemde indruk maken. Het lijkt of je kind nog bij bewustzijn is, maar dat is niet zo.
  • Als je kind onder narcose wordt gebracht, kan dit voor jou een emotionele gebeurtenis zijn. Als je denkt dat je het niet aankunt, laat dit dan op tijd aan de anesthesioloog weten.
  • Als je zwanger bent, kun je beter niet met je kind mee naar de operatiekamer.
  • Als je kind onder narcose is, moet je de operatiekamer weer uit.
  • Het kan zijn dat je kind ondanks alle voorbereidingen in paniek raakt. Als dat zo is, zal de anesthesioloog je kind snel onder narcose brengen om deze stressvolle situatie zo kort mogelijk te laten duren.

Bewakingsapparatuur

Tijdens de operatie is je kind aangesloten op bewakingsapparatuur.

  • Je kind krijgt stickers op zijn borstkas geplakt en wordt aangesloten op bewakingsapparatuur.
  • Om zijn bovenarm krijgt je kind een manchet. Hiermee wordt automatisch om de paar minuten zijn bloeddruk opgemeten.
  • Met een metertje op zijn teen of vinger worden het zuurstofgehalte in het bloed en de polsslag gemeten.

Meestal wordt al tijdens de operatie een zetpil tegen de pijn gegeven. Na de operatie haalt de anesthesioloog de beademingsbuis weg en maakt hij je kind wakker.

Lees ook: Je baby een zetpil geven, hoe doe je dat?

Na de operatie

Na de operatie wordt je kind naar de uitslaapkamer gebracht. Daar blijft hij tot hij wakker en stabiel is. Via een pompje of zetpil krijgt je kind pijnstillende medicijnen. Als je kind uit de uitslaapkamer mag, gaat hij naar de verpleegafdeling. Daar neemt een zaalarts de zorg voor je kind over.

Intensive Care

Het kan zijn dat je kind na de operatie naar de Intensive Care wordt gebracht. Je kind is dan meestal nog onder narcose. Ook heeft hij nog de beademingsbuis in. Het hangt af van de operatie hoe lang je kind op deze afdeling moet blijven. Ook de conditie van je kind en eventuele complicaties spelen hierbij een rol.

Bijwerkingen

  1. Kinderen zijn (in tegenstelling tot volwassenen) niet misselijk na een operatie. Kinderen die last hebben van wagenziekte, kunnen wel misselijk worden. Ook kinderen die aan hun ogen of oren zijn geopereerd, kunnen misselijk worden. Je kind kan medicijnen krijgen tegen de misselijkheid.
  2. Had je kind voor de operatie al last van bepaalde aandoeningen? Die kunnen door de operatie tijdelijk verergeren. Dit zal de anesthesioloog met je bespreken.
  3. Het kan een paar dagen duren voordat de laatste anesthesiemiddelen uit het lichaam van je kind zijn verdwenen. De genezing van de wond kost je kind veel energie, dus hij kan de eerste dagen suf en slaperig zijn.
  4. Je kind kan hees zijn of keelpijn hebben door de beademingsbuis. Dit gaat vanzelf over.
  5. Bij een lokale verdoving voor pijnbestrijding na de operatie kan het voorkomen dat de armen of benen van je kind tijdelijk wat slapper en gevoelloos zijn. Let daarom goed op als je kind na de operatie weer gaat lopen. Pas ook op met (te) warme voorwerpen.

Hoe risicovol is een narcose?

Narcose en een operatie kunnen voor jou en je kind best spannend zijn. Veel ouders zijn angstiger voor de narcose dan voor de ingreep zelf. Hoewel er wel degelijk bijwerkingen zijn (zie hierboven), blijkt uit onderzoek dat de kans op overlijden door anesthesie nihil is. Bij slechts 1 op de 10.000 patiënten speelde óf de anesthesie óf de chirurgie voor een deel een rol bij de oorzaak van overlijden.

Uit de onderzoeksresultaten bleek verder dat alleen zeer jonge of ernstig zieke kinderen en kinderen die een spoed- of hartoperatie moeten ondergaan, een verhoogd risico op overlijden hebben.

Bron: Isala

Tip: heeft je kind een van deze 12 symptomen, ga dan naar de huisarts