Hoera, je baby is 6 maanden: wat mag hij eten?

Als je baby zes maanden is, breekt er een nieuwe fase aan: de introductie van vaste voeding. En dat is wennen, na maandenlang melk. Niet alleen de structuur van het eten is opeens anders, ook de manier van eten (met een lepeltje) en de smaak is nieuw. Waar begin je mee én mag je je baby eigenlijk nog wel borst- of flesvoeding geven?

Ouders van Nu samen met Kruidvat

Zeker wel! De eerste maanden zijn vooral bedoeld om te oefenen met vast voedsel. Het vervangt nog niet de borstvoeding of de flesvoeding. Pas vanaf acht maanden kun je de melkvoedingen langzaam gaan afbouwen. Je kunt bijvoorbeeld de melkvoeding die je normaal altijd geeft in de ochtend of middag vervangen door vaste voeding.

Overstappen op opvolgmelk

Geef je borstvoeding? Dan kun je hier gewoon mee doorgaan als je baby zes maanden is en al zijn eerste hapjes krijgt. Wil je de borstvoeding af gaan bouwen en overgaan op flesvoeding – omdat je bijvoorbeeld weer gaat werken? Dan mag je vanaf zes maanden overstappen op opvolgmelk. Dit bevat alle belangrijke voedingsstoffen die je baby nodig heeft voor zijn groei en ontwikkeling.

Fijn om te weten: alle kunstvoeding in Nederland is veilig. Voor de samenstelling van kunstmatige opvolgmelk gelden wettelijke EU-richtlijnen. Elk merk moet aan die richtlijnen voldoen. Geef je al flesvoeding? Dan is zes maanden ook hét moment om voor opvolgmelk te gaan, te herkennen aan nummer 2 en 3. Is je baby een jaar of ouder? Dan kun je dreumesmelk (nummer 4) of peutermelk (nummer 5) geven.

Vooruit met de geit

Een alternatief voor reguliere opvolgmelk is opvolgmelk op basis van geitenmelk, zoals Opvolgmelk Geit van Kruidvat eigen merk. De smaak is mild en romig. Ook deze opvolgmelk is gemaakt volgens de allerstrengste eisen waaraan babyvoeding moet voldoen.

Groente of fruit?

Tussen de vier en zes maanden mag je al starten met het eerste hapje. Het advies is om met groente te beginnen. Waarom? Geef je je baby eerst fruithapjes, dan went hij aan de zoete smaak en zal hij daarna misschien minder graag groente eten. Ga wel voor zachte smaken als aardappel, worteltjes, broccoli of bloemkool. 

Eén smaak

Om je baby aan verschillende smaken te laten wennen, kun je hem beter niet meteen verschillende smaken door elkaar geven. Houd het dus bij één ingrediënt, dat je je baby een paar dagen achterelkaar geeft. Introduceer na een paar dagen een andere smaak. Heeft hij zo’n beetje alles geproefd, dan kan je smaken gaan combineren.

Tien keer proeven

Vliegt het eerste hapje er meteen weer uit? Geen zorgen. Een baby moet wel tien keer proeven voordat hij aan een nieuwe smaak gewend is. Dus heb geduld!

Variëren = smaken leren

Uit onderzoek blijkt: hoe meer verschillende dingen je kind in zijn eerste levensjaar proeft, hoe sneller hij later nieuwe dingen lust. De investering waard dus om flink te variëren.

Dit gaven jullie als eerste hapje (en zo reageerde je baby)

Worteltjes is de onbetwiste nummer één als het gaat om het eerste (oefen)hapje. Zo blijkt uit de reacties op een oproep die wij deden op Instagram. Maar wat is nog meer favoriet? En hoe reageerden jullie baby’s op de allereerste hap? Hier een aantal van de leukste en grappigste reacties.

Michelle: ‘Bloemkool. En Zoey zat met tranen in d’r ogen te kokhalzen.’

Lise Catharina: ‘Doperwtjes en hij vond ’t viessssss.’

Hanne: ‘Avocado! Na 6 maanden. Wennen, maar hij at door!’

Mani: ‘Pastinaak. Die lepel was raar, maar het hapje was smullen.’

Debbie: ‘Worteltjes, hij vond het lekker! Maar hij keek ook al weken het eten uit mijn mond.’

Arsia: ‘Banaan! Hij moest wennen. Nu is hij 7 maandjes en dol op mango.’

Jasmijn: ‘Bloemkool… Zijn blik was vernietigend.’

Denise: ‘Broccoli. Hij keek heel vies, maar ging erna heel hard lachen.’

Liselotte: ‘Pompoen. Even wennen, maar wel lekker. De wortel gaat er deze dagen nog makkelijker in.’

Steffie: ‘Worteltjes! Niet eens een vies gezicht, meteen meer meer meer!’

Saartje: ‘Gepureerde bio pastinaak. Ze pakte vrij snel zelf de lepel dus ik geloof dat het een succes was.’

Sandra: ‘Peer. Ik werd heel raar aangekeken, van wat stop je nu in mijn mond.’

Christel: ‘Broccoli. Gekke gezichtjes, en na drie happen niet te stoppen!’

Laura: ‘Erwtjes. Ze had last van moeilijk poepen, maar na de erwtjes ging het als een trein.’

Madeleine: ‘Wortel. Ted vond het raar om een andere structuur in zijn mond te hebben.’

Eveline: ‘Bietjes, niet aan te raden als eerste hapje… Werd gauw weer uitgespuugd.’

Elvira: ‘Bloemkool. Eerst wat gekke snuitjes. Nu eet ze alles met veel smaak (acht maanden).’

Hilde: ‘Broccoli. Ze vond het meteen lekker. Stopte het met haar vingers verder in haar mondje.’

Nienke: ‘Banaan. En ze zat er gelijk lekker van te happen!’

Gerjanne: ‘Wortel. Door met haar tong de stukjes naar buiten te duwen. Wennen dus.’

Naomi: ‘Wortel. En ze wist niet hoe snel ze het moest uitspugen.’

Danim: ‘Pompoen! Winning! Ze eet met dertien maanden alles wat los en vast zit.’