Filosoferen met kinderen

Filosoferen met kinderen

Als ouder ben je snel geneigd antwoord te geven op het ‘ja maar, waarom dan’ van je peuter. Maar je kunt ’m ook leren zelf het antwoord te zoeken. Hoe? Door te filosoferen. Zo creëer jij in 10 stappen een mini-Plato.

Filosoferen met kinderen

Filosoferen met je peuter of kleuter? Het kan. Steeds meer hedendaagse filosofen gaan aan de slag met jonge kinderen. Vaak op school, maar soms ook al met jongere kinderen. De bekende volksfilosoof Bas Haring maakte bijvoorbeeld een luister-cd voor kinderen: Waarom? Iemand die ook filosofeert met kinderen is Maaike Merckens Bekkers. Maaike is moeder van 3 en runt samen met Sabine Wassenberg WonderWhy, een organisatie die als doel heeft het filosoferen met kinderen en jongeren groot te maken. Samen schreven ze het handboek Ik zag twee beren filosoferen. Wij stelden 10 vragen aan Maaike, want filosoferen: dat willen we best leren.

1. Wat is filosoferen eigenlijk?

‘Filosoferen is nadenken en praten over vragen waarop niet één juist antwoord is te geven. Wat je kunt doen, is je eigen antwoord zoeken, die formuleren en delen met anderen om te zien of het antwoord ook hout snijdt. Of je goede redenen hebt gegeven om te denken wat je denkt.’

2. Wat was jouw drijfveer?

‘Jarenlang heb ik als jurist in de internationale bankwereld gewerkt en daar gebeurden soms ethische dingen die eigenlijk niet konden. Daarover praten was not done. Toen ben ik gaan nadenken waarom we daar geen vragen over mogen stellen. Zo is mijn interesse voor filosofie aangewakkerd. Ik ben gestopt als jurist en ben filosofie gaan studeren. Mijn kinderen waren toen nog klein en ik merkte dat ik het erg leuk vond om met ze te filosoferen. Het waren vaak kleine gesprekjes, maar wel grappige. Mijn zoon zei een keer: “Die slak is vies.” Ik vroeg daarop: “Hoe komt het dan dat die slak vies is?” Waarop mijn zoon antwoordde: “Hij is zijn huisje kwijt.” “Waarom is hij dan juist daarom vies?” vroeg ik weer. Toen zei mijn zoon: “Hij heeft nu geen douche meer.” Dat past natuurlijk helemaal in de belevingswereld van een kind. Filosoferen hoeft dus niet zwaar te zijn, maar door onbevangen door te vragen kom je op heel leuke dingen.’

3. En dat kan ook al met peuters en kleuters?

‘Ja, zeker. Zodra kinderen beginnen met praten, gaan ze in hun hoofd allerlei beelden opslaan die bij woorden horen. Met een duur woord zou je kunnen zeggen dat ze concepten vormen die de rest van hun leven een rol blijven spelen. Juist heel jonge kinderen kunnen nog fantastisch divergent denken. Dat wil zeggen dat ze bijvoorbeeld wel twintig functies kunnen verzinnen voor een paperclip of een stapelbeker. Door te filosoferen wordt juist dit soort outside the box denken enorm gestimuleerd. Natuurlijk is het ook zo dat peuters en kleuters werkelijkheid en fantasie nog door elkaar halen, maar dat is helemaal niet erg. Het is juist iets waarop je kunt inspelen. Vraag hem maar: “Kunnen konijnen praten?” “Ja,” zal je kind zeggen. Nijntje kan immers praten. Het is heel leuk om daar op voort te borduren.’

4. Wat brengt het je kind?

‘Een heleboel. De voordelen zijn dat je kind er slimmer van wordt. Onderzoek heeft aangetoond dat het IQ met enkele punten omhooggaat als je regelmatig filosofeert met kinderen. En regelmatig is dan wel echt wekelijks. Daarnaast wordt je kind taalvaardiger, creatiever in zijn denken en hij leert nadenken. Wat overigens nog een hele kunst is. Ook voor volwassenen. Bovendien wordt hij sociaal vaardiger, omdat hij zich beter leert verplaatsen in andermans gedachten. Als je er samen achter komt dat je ergens verschillend over denkt, maar dat beide meningen goede redenen hebben, dan word je vanzelf toleranter. Het is oké als iemand een andere mening heeft, want we zijn nu eenmaal allemaal verschillend. Zeker jonge kinderen kunnen het heel erg vinden als iemand het niet met ze eens is en zich naar aanleiding daarvan huilend op de grond storten. Door te filosoferen laat je je kind zien dat mensen nou eenmaal ergens verschillend over kunnen denken. Zo kun je heel goed daar de angel uit halen.’

5. En wat heb je eraan als ouder?

‘Je leert op een fundamentele manier je kind kennen. Ik word nog steeds elke keer verrast als ik met mijn kinderen filosofeer over wat ze zeggen en denken. Dan realiseer ik me dat ik mijn eigen kinderen toch niet zo goed ken als ik dacht. Het zijn onafhankelijke wezens met hun eigen wereld en gedachten die voor ons natuurlijk niet toegankelijk zijn. Ontzettend leuk dus. Daarnaast leert het je als ouder meer open te staan. Niet alleen voor je eigen kinderen maar voor alles en iedereen om je heen. Je wordt toleranter, minder betweterig en leert minder snel te oordelen en meer begrip te hebben. Maar of ook óns IQ ervan omhooggaat? Dat zou ik niet te durven zeggen.’

6. Welke voorwaarden zijn er?

‘Om te filosoferen heb je om te beginnen een open en nieuwsgierige houding nodig. Dus ook jij zelf weet het antwoord niet. Daarnaast is de vraag heel belangrijk. Daar staat of valt het filosoferen mee. Stel alleen maar open vragen die aansluiten op de belevingswereld van je kind en gebruik je fantasie. Vul niet in voor je kind, maar laat het dingen zelf uitleggen. Ook als je denkt: wat een onzin, dat kan helemaal niet, dan nog vraag je waarom je kind dat denkt. Op die manier kom je op de mooiste gesprekken. Verder heb je vooral rust en geduld nodig. Als het goed gaat, zal je zien dat er inzicht kan ontstaan tijdens zo’n gesprekje.’

7. Hoe pak je dat dan aan?

‘Ga er rustig voor zitten. Of ga bij je kind zitten als die aan het spelen is en stel terloops een filosofische vraag zoals: “Krijgen planten baby’s?” of: “Wat is een baas?” Laat je kind vertellen en vraag door. Heel vaak kan dat al door alleen maar te hummen of verbaasd te kijken of door te zeggen: “Oh, ja?” Let dan op wat je kind vertelt en let op de redeneringen. Klinken ze logisch? Ook als het niet kan of als het pure fantasie is, dan nog kan de redenering logisch zijn en daar gaat het om. Beperk je niet te veel en denk vooral mee en niet tegen.’

8. Wat is een absolute must?

‘Het allerbelangrijkste is een open geest voor wat je kind vertelt en weet dat je zelf het antwoord ook niet écht weet. Het vraagt om geduld en oprechte interesse in wat je kind te vertellen heeft.’

9. Kan ieder kind het of moet je een slim en nieuwsgierig kind hebben?

‘Ik denk dat ieder kind het kan, maar net als bij alle andere dingen die je doet, heeft de een meer aanleg dan de ander. Maar met liefde en geduld kun je het zeker bij ieder kind aanwakkeren. De uitkomst van zo’n filosofisch gesprekje verschilt natuurlijk wel per kind. Het ene kind heeft wat meer fantasie dan het andere en het ene kind praat liever dan het andere.’

10. Zijn er verschillende technieken om met kinderen te kunnen filosoferen?

‘Ja, die zijn er zeker. Maar met jonge kinderen ben je daarin wel redelijk beperkt. Filosofeer je bijvoorbeeld met een groepje peuters of kleuters dan kun je het beste beginnen met een teaser, zoals een filmpje of een kort verhaaltje. Het is maar net waarover je wilt filosoferen. Daarna kun je afspraken maken over hoe je wilt dat de kinderen op elkaar reageren. Dat is bij die kleintjes wel een opgave, omdat ze vaak nog niet zo gedisciplineerd zijn. Verder kun je ze ook laten toneelspelen, kleuren of vertellen. Daarbij is het wel belangrijk dat je steeds aan de groep of iemand in de groep vraagt wat hij denkt.

Als je met één of twee kinderen filosofeert, dan kun je dat goed doen naar aanleiding van iets wat ze op de tv hebben gezien of het spelletje dat ze aan het spelen zijn. Probeer dan aansluitende en open vragen te stellen. Bijvoorbeeld bij een filmpje van Kikker kun je vragen: “Wat is een vreemdeling?” Probeer steeds een stapje verder of dieper te gaan. Dus als je kind antwoordt dat een vreemdeling iemand is die je niet kent, dan kun je doorvragen en bijvoorbeeld vragen: “Kan mama ook een vreemdeling zijn?” Dit helpt om dieper na te denken.’

Filosoferen in het kort

  1. Begin met de open houding ‘ik weet dat ik niks weet’
  2. Stel een open en ‘diepzinnige’ vraag waarop geen eenduidig antwoord is te geven
  3. Denk mee en probeer steeds een vervolgvraag te stellen die aansluit bij wat je kind vertelt en waardoor hij weer net vanuit een ander perspectief gaat denken

Om mee te oefenen: 10 filosofische peutervragen

  • Waarom is water nat?
  • Wanneer is speelgoed van jou?
  • Heb je weleens een spook gezien?
  • Waar is opa nu?
  • Van wie is de wereld?
  • Hoe is het om een poes te zijn?
  • Bestaan er roze bananen?
  • Wat is de mooiste kleur?
  • Is het leuk om prinses te zijn?
  • Kunnen planten voelen?

Lezen & luisteren