borstvoeding
door

Borstvoeding: wat is eigenlijk ‘normaal’?

Borstvoeding geven is niet alleen mooi als het lukt, maar ook heel praktisch. Je hebt de voeding altijd bij je en het heeft altijd de juiste samenstelling. Toch kan het geven van borstvoeding moeders flink onzeker maken. Drinkt mijn baby wel voldoende, leg ik hem wel vaak genoeg aan en groeit mijn baby wel goed? Oftewel: wat is eigenlijk 'normaal'?

Australisch onderzoek

Lactatieonderzoekster Dr. Jacqueline Kent, lactatiedeskundige aan de University of Western Australia, deed in 2016 onderzoek naar wat ‘normaal’ is als het over borstvoeding gaat. Voor het onderzoek werden baby’s beoordeeld die tussen de een en zes maanden oud waren, voldragen geboren zijn, alleen borstvoeding kregen op verzoek en groeiden volgens de WHO-groeicurve. En wat blijkt? Er bestaat eigenlijk geen norm voor borstvoeding. Elke moeder en elke baby is tenslotte anders. Dit is wat zij in het onderzoek ontdekte over het geven van borstvoeding.

  1. Aantal en duur voedingen

    Het aantal borstvoedingssessies op een dag ligt bij de meeste baby’s tussen de vier en dertien voedingen. De gemiddelde duur van een borstvoedingssessie ligt tussen de 12 en 67 minuten. Dus of je baby kort en intens drinkt, of langer en minder snel: het is allemaal oké, zolang je baby maar goed groeit en voldoende aankomt. Lees hier hoe je herkent wanneer je baby honger heeft.

  2. Hoeveel melk moet een baby drinken?

    Je baby drinkt zoveel als hij nodig heeft, zolang er melk beschikbaar is. Goed om te weten: jouw melkproductie past zich aan aan de behoefte van je baby, niet omgekeerd. De eerste weken heeft een baby niet veel melk nodig om goed vol te zitten. De meeste baby’s drinken normaal gesproken tijdens een voeding tussen de 54 en 234 ml moedermelk. Hoeveel je baby ook drinkt: je borst raakt nooit volledig leeg. Het is dus heel normaal dat je na een voeding nog kan kolven als je dat wilt.

  3. Eén of twee borsten

    Sommige moeders vragen zich af of hun baby uit beide borsten evenveel moet drinken. Het antwoord is: nee. Veel baby’s hebben nou eenmaal een voorkeur voor de linker- of rechterborst en dat is prima. Volgens de onderzoekster drinkt 30 procent van de baby’s maar uit één borst per voeding, drinkt 13 procent altijd uit beide borsten en is dit wisselend voor 57 procent. Vanwege deze voorkeur zal de ene borst dan ook vaak meer melk produceren, dan de andere. En dat is dus volkomen normaal.

Lees ook: Dit zijn 10 misverstanden over borstvoeding

  1. Nachtvoeding

    Wil jouw baby na een paar maanden nog steeds ’s nachts drinken? Geen zorgen, de meerderheid van de baby’s (64 procent) drinkt zowel overdag als ’s nachts en spreidt de melkinname gelijkmatig uit over 24 uur. Slechts 36 procent van de baby’s wil na een tijdje ’s nachts (tussen 22.00 en 04.00 uur) geen voeding meer. Deze baby’s drinken ’s morgens vaak extra veel.

  2. Jongens vs. meisjes

    Jongens drinken meestal meer dan meisjes. Zo drinken jongens gemiddeld 831 ml op een dag en meisjes 755 ml. Over een dag bedraagt de gemiddelde gedronken hoeveelheid melk 789 ml. De leeftijd van je baby, zijn stofwisseling en genen zijn allemaal van invloed op hoeveel hij drinkt. Hierdoor hebben sommige baby’s genoeg aan 478 ml per dag, terwijl andere baby’s wel 1356 ml per dag nodig hebben. Deze hoeveelheden gelden trouwens alleen voor baby’s die uitsluitend borstvoeding krijgen en die groeien in overeenstemming met de WHO-groeicurve.

  3. Voldoende voeding

    Zolang je baby zich gezond en volgens de groeirichtlijnen ontwikkelt, drinkt hij genoeg. Dit kan je merken aan het feit dat hij goede spierspanning en huidelasticiteit heeft en minstens zes tot acht natte luiers per dag. Naarmate je baby ouder worden, drinkt hij waarschijnlijk minder vaak en korter, maar ook grotere hoeveelheden. Maak je je toch zorgen of je baby voldoende drinkt, bespreek dit dan op het consultatiebureau of maak een afspraak met een lactatiedeskundige.

Bron: Medela.com – Beeld: Shutterstock