Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Compensatieopvoeden
door

Compensatieopvoeden, dit vinden experts ervan

In het weekend een uitje omdat je zo veel werkt en speelgoed kopen omdat 'mama boos was’. Typische gevallen van compensatieopvoeden die elke ouder vast bekend voorkomen. Maar hoe erg is dat? Dit zeggen experts.

Laatst liep Marije (33) met grote, luidruchtige passen de trap op. Het was elf uur ’s avonds, de oppas had haar baby Yara in bed gelegd en Marije wilde maar één ding bereiken met haar gestamp: Yara ‘per ongeluk’ wakker maken. Zodat ze nog even met haar op de bank kon zitten, met haar kon knuffelen, tegen haar kletsen, naar haar kijken. ‘Ik geef het maar gewoon toe,’ bekent Marije. ‘Ik heb Yara uiteindelijk wakker gemaakt en laten opblijven omdat ik de hele dag had gewerkt, daarna korfbaltraining had en haar zó had gemist.’

Advertentie

Ander voorbeeld, hetzelfde principe. Malin (36) heeft twee zoons van vijf en drie die elke dag wel een ijsje verwachten. ‘Komt echt door mij,’ zegt ze, ‘ik heb ze een paar keer een ijsje gegeven nadat ik blóédchagrijnig was. Ik heb op zo’n moment het idee dat ik tekortschiet tegenover mijn kinderen, omdat ik die dag niet met ze heb gespeeld, koekjes heb gebakken, of omdat ik een keer tegen ze ben uitgevallen.’ Dus: ijsje erop en klaar is kees. Compensatieopvoeden. Het is iets van deze tijd en deze maatschappij, stelt Jan Derksen. Hij is hoogleraar klinische psychologie aan de Radboud Universiteit en schreef een boek met adviezen voor zorgprofessionals en ouders over opvoeden. ‘Er is geen wetenschappelijk onderzoek naar gedaan, maar we weten allemaal dat compenseren een vast onderdeel van de opvoeding is geworden,’ stelt hij. Het begint volgens Derksen bij schuldgevoel. ‘Drukke, werkende ouders voelen zich altijd wat schuldig. Als ze dat zelf niet erkennen of inzien, gaan ze onbewust vanuit dat schuldgevoel handelen. Dan gaan ze tekortkomingen compenseren en die misschien zelfs een beetje afkopen met spullen of uitjes.’

Kind op je checklist

‘Ouders willen het zó ontzettend graag goed doen,’ zegt Merel Obermeijer, pedagoog met een praktijk in Utrecht. Ze ziet in haar praktijk geregeld ouders die compenseren. ‘Veel ouders staan in de jaagstand, hebben naast hun gezin een drukke baan en een volle to-dolijst. Wat ze vervolgens doen, is ook buiten werktijd in die jaagstand staan. Alsof hun kind onderdeel is van de to-dolijst. ‘En dat bedoel ik niet verwijtend, want het is heel normaal dat je je voorneemt om na die drukke werkdag nog even met je kind een ijsje te halen. Of thuis te komen met speelgoed. Niets is leuker dan je kind blij maken met iets, toch?’

Dat kan Joyce (41) beamen. Ze heeft een zoon van drie, Mason, en is alleenstaande moeder. Omdat ze als stewardess werkt, is ze de helft van de week van huis. Mason logeert dan bij zijn oma. ‘Ik vind het heerlijk om te werken, maar er knaagt altijd wel iets aan me als ik mijn kind gedag zeg.’ Dat knagende gevoel zorgt ervoor dat Joyce ‘net wat vaker dan misschien goed is’ met nieuwe kleren en mooi speelgoed voor Mason terugkomt van haar werk. ‘Ik ben vroeger opgevoed met het idee dat tweedehandsspullen en -kleding prima zijn. Ik vind dat eigenlijk ook prima. Maar niet voor mijn kind; Mason moet het nieuwste van het nieuwste hebben. Dan sta ik in een winkel in het buitenland en denk ik: in de volgende winkel koop ik iets voor mezelf. Maar als ik dan in die volgende winkel ben, slaag ik er tóch weer in om iets voor Mason te kopen. En dan gaat het niet om een Hugo Boss-broek hoor, ik ga gewoon naar de H&M, maar hij krijgt wel veel én dus gloednieuwe dingen.’ Hetzelfde geldt voor speelgoed. ‘Mijn moeder zegt altijd: je verwent hem te veel. Maar voor mij voelt dat goed. Mijn kind heeft geen vaderfiguur in zijn leven, nooit gehad. En dan heeft hij ook nog eens een moeder die de helft van de week weg is.’ De andere helft van de week is Joyce continu bij Mason – ‘team Mees’ noemen ze elkaar – en kan ze hem alle aandacht geven. ‘Dan doen we veel leuke dingen. Ik heb vanaf dat hij negen maanden was een abonnement op de Efteling. Dat vinden we fantastisch, we gaan er elke maand naartoe.’

Lees ook: Grenzen stellen: hoe zorg je dat je kind zich aan de regels houdt?

Wat wil je kind?

‘Niets is leuker dan je kind blij maken met een cadeautje of een pretparkuitje,’ zegt pedagoog Obermeijer. ‘Ik kom bij gezinnen bij wie de woonkamer bezaaid ligt met spullen, en dat snap ik goed. Maar ik zie bij zo’n ouder wel dat hij of zij een beetje uit het oog verliest waar het om gaat. Én ik zie die kinderen totaal overprikkeld raken met zo veel spullen.’ Het probleem is, zo stellen Obermeijer en Derksen: ouders gaan bij het compenseren uit van hun éígen behoeften, en niet per se van de behoeften van hun kind. ‘Ik zie ouders dingen doen die niet aansluiten bij wat het kind wil,’ stelt Obermeijer. Zo sprak ze eens met een vader die soms samen met zijn kind rondjes ging rijden in zijn mooie auto, met het dak naar beneden. ‘Heel lief en begrijpelijk, maar het is wél bedacht vanuit het oogpunt van die vader. Die denkt: dat is leuk. Terwijl een kind soms gewoon behoefte heeft aan een leuk gesprek.’ Joyce is zich daarvan bewust. ‘Wat maakt het Mason nou uit of hij in een tweedehandsbroek loopt of een gloednieuwe? Dat interesseert hem niet. Ik doe het echt voor mezelf, dan voel ik me een betere moeder, denk ik.’

Aandacht geven

Het gaat om diepgang, stelt Obermeijer. Geen kwantiteit, maar kwaliteit. ‘Als je er veel bent, maar dan alleen maar in je telefoon zit, ben je er ook niet helemaal. Dan kun je er beter kort zijn, maar wel helemáál, met je volle aandacht.’ Maar ook dat moet niet geforceerd worden, want je kind heeft niet altijd op hetzelfde moment behoefte aan die diepgang als jij. ‘Ik ga zelf ook weleens zitten met mijn kinderen, voor zo’n typisch goed keukentafelgesprek, en dat ze dan denken: nee, nu niet, nu ben ik met mijn Duplo aan het spelen. Maar als ze ’s nachts eng gedroomd hebben, ja, dán willen ze even contact met papa of mama.’ En die heeft misschien wel de hele dag of de hele week, heel hard en veel gewerkt, maar als die er op dát moment is, is dat precies het juiste moment. ‘Een kind zit niet altijd te wachten op cadeautjes, ijsjes of weer een uitje,’ zegt ook Derksen. ‘Ze leven in onze overvloedcultuur, er is genoeg, ze hebben genoeg.’ Kinderen hebben behoeften, zoals eten, drinken, kunnen slapen, naar de wc gaan. Maar ook verlangens. Vaak gaat het dan om contact, aandacht en liefde. Opvoeding, feedback, horen dat hij of zij het goed heeft gedaan. En die vervul je niet door een nieuwe pop te geven, twee ijsjes op een dag of elk weekend naar een pretpark te gaan. Maar wel door te zeggen: ‘Je hebt het goed gedaan, ik ben trots op je.’ ‘Het is jammer dat sommige ouders dat niet in de gaten hebben. Kinderen hebben veel meer aan liefde dan aan een uitje of langer opblijven.’

Meer lezen: Zo pas je een beloningssysteem op de juiste manier toe

Niet zo slecht

Maar hoe schadelijk is het nou, dat compenseren? Marije denkt (of hoopt) dat het wel meevalt. ‘Maar ik heb geen peuter die dingen al begrijpt,’ erkent ze. ‘Mijn dochter is een halfjaar oud, die heeft nog niet door dat ze later mag opblijven, en al helemaal niet dat ze dat mag omdat haar moeder de hele dag aan het werk was.’ Ook Malin heeft het gevoel dat haar kinderen er geen last van hebben – behalve dan dat ze nu vaker dan normaal om een ijsje zeuren. ‘Tja, daardoor zie ik wel in dat die compensatie niet heel constructief is. Maar weet je: het gebeurt niet elke week. En ik hoop ergens dat ze nu nog te jong zijn om het door te hebben.’

Pedagoog Obermeijer stelt ook dat het allemaal wel meevalt. ‘Overal waar ‘te’ voor staat is natuurlijk niet goed, en kan altijd minder. Je wilt niet teveel verwennen. Tuurlijk is het goed als we elke dag een nieuw speeltje van zolder halen en het oude weer netjes terugleggen in plaats van steeds iets nieuws kopen…Maar ik zie al die worstelende, soms onzekere ouders, en ze zijn allemaal zó liefdevol. Kinderen voelen vooral die goedheid.’

Ook Derksen zegt dat compenseren niet per definitie iets slechts is. ‘Het gaat altijd om te veel of te weinig.’ Maar om te bepalen of iets te veel of te weinig is, moet je je er wel bewust van zijn dat je het doet. Toch beseffen veel ouders niet dat ze dat doen. ‘Dat is een van de redenen dat er weinig onderzoek naar dit onderwerp is gedaan,’ zegt Derksen. Als je ouders een vragenlijst laat invullen of een interview met ze afneemt, zullen ze niet zo snel van zichzelf zeggen: ik compenseer het feit dat ik veel werk met snoepjes vlak voor etenstijd of duur speelgoed. Maar die zelfbewustheid is wél belangrijk, want dan kun je het zelf in de hand houden en op zoek gaan naar een balans. Obermeijer adviseert ouders die het gevoel hebben dat ze overcompenseren, zichbij alles af te vragen: doe ik dit vanuit mezelf of omdat mijn kind ernaar verlangt?

Even lummelen

Bovendien: niet elk verlangen van een kind hoeft meteen te worden beantwoord. Kinderen mogen af en toe best een ordinaire driftbui krijgen, of een flinke frustratie voelen. Derksen noemt dat zelfs ‘een recht’. ‘Het is voor elk kind goed om soms een ‘nee’ te krijgen als ze ergens om vragen,’ zegt hij. Volgens de hoogleraar hoeven kinderen niet altijd antwoord te krijgen op hun verlangens, wantdat gebeurt in de grotemensenwereld ook niet.

Obermeijer voegt toe: ‘En soms vraagt een kind ergens om, maar zit er een ándere behoefte onder die concrete vraag.’ Een jong kind zegt niet: ik heb een rotdag, wil je me even knuffelen. Die gaat veel waarschijnlijker zeuren en vervelend doen om op die manier aandacht te krijgen.

Obermeijer denkt ook dat het goed is als ouders beseffen dat er ook mooie dingen kunnen ontstaan uit lummelen en luieren. Samen op de bank hangen. In bed liggen. ‘Je hoeft niet altijd de deur uit om een goede ouder te zijn,’ zegt Derksen. Ook Joyce is dat langzaam maar zeker gaan inzien. ‘Ik weet nog hoe ik een keer bij mijn moeder op de bank zat. Ik had een jetlag van het vliegen, was doodop. En toen zei mijn moeder: “Nu moet je eens ophouden om altijd maar met Mason op pad te zijn, altijd maar dingen te dóén. Mason vindt het ook leuk om thuis te blijven.”’ Sterker nog: kinderen hebben dat ook nodig. Vooral als ze de hele week al dan weer bij de opvang zijn en dan weer bij opa en oma.

Joyce houdt daar nu rekening mee. ‘Ik denk dat ik de eerste twee jaar een beetje doorsloeg. Die jaren waren ook het pittigst, als alleenstaande ouder. En het schuldgevoel was toen het grootst.’

Lees ook: Je kind verwennen is verpesten

Knop om

‘Ouders denken soms dat ze hun manieren moeten aanpassen, gewoon geen cadeaus meer moeten kopen, maar ik denk dat dat niet werkt,’ zegt Derksen. Want ga je dan niet op andere manieren compenseren? Papa en mama waren de hele week zo druk, hebben jullie ‘s avonds zo weinig gezien: jullie verdienen wel een avondje opblijven. Een ander goedmakertje, hetzelfde idee. Beter is het om te bedenken: wat is de bron? Waarom doe ik dit? ‘Ze moeten écht terug naar dat schuldgevoel en ernaar luisteren. Waar komt dat vandaan?’, zegt Derksen. En als dat schuldgevoel structureel is en vervelend wordt, is het misschien tijd om de boel een beetje te herstructureren in de agenda. Met meer ruimte en tijd voor je kind, en meer rust.’

En soms ís het gewoon niet anders, zegt Obermeijer. ‘Het is nou eenmaal niet leuk om je kind een hele dag of meerdere dagen achter elkaar amper te spreken. Maar sommige ouders móéten werken, vanwege het financiële plaatje.’ Het is dan volgens Obermeijer een kwestie van proberen te accepteren dat hun behoefte – die van de ouders – nu ook even niet vervuld kan worden. Schuldgevoel is niet nodig, want je werkt óók om het in onderhoud van je kind te voorzien of om op de dagen dat je thuis bent een leukere ouder te kunnen zijn. ‘Ook al werk je veel, dat gegeven maakt je nog geen slechte vader of moeder. Ook niet als je er daardoor lijfelijk wat minder bent.’

En last but not least: doe de dingen die je wél doet met je kinderen, met aandacht. Obermeijer kan het niet vaak genoeg zeggen. ‘Het gaat niet om cadeautjes of om het Dolfinarium, maar om dat ene gesprek. Luieren op de bank. Hangen in de tuin. Zonder telefoon of andere afleiding. Dan merk je dat er tussen jou en je kind heel mooie dingen ontstaan.’

Dit artikel is eerder verschenen in Ouders van Nu Magazine – Tekst: Lisanne van Sadelhoff, beeld: Shutterstock.

Artikelen van Ouders van Nu ontvangen in je mailbox?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.