Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

partner ruzie
door

Dit is waarom veel kersverse ouders ruziemaken (en zo deal je ermee)

‘Je moet de flapjes van de luier wel naar buiten doen.’ ‘Ondersteun je zijn nekje wel goed?’ ‘Laat maar, ik doe het zelf wel!’ Er wordt heel wat afgekibbeld - of zelfs geruzied - onder jonge ouders. Waarom is dat eigenlijk? En hoe voorkom je dat uit de hand loopt?

Zodra de nacht valt en mijn hoofd mijn kussen raakt, val ik in slaap als Doornroosje, maar als ik vervolgens binnen een uur weer wakker gegild word door de baby, sta ik op als Eucalypta. Boos, gefrustreerd, chagrijnig. De zoveelste gebroken nacht, ik ben zo ontzettend moe. ‘Ik kan dit niet, ik wil dit niet, ik kan dit niet aaaaaannnnn,’ zucht en steun ik net zo hard totdat mijn vriend wakker wordt. ‘Blijf maar liggen, ik ga wel.’ Met een hartslag van 110 blijf ik liggen in bed en luister hoe mijn vriend de babykamer in gaat. In plaats van eerst de fles te pakken, gaat hij meteen naar de baby en in plaats van alles donker te houden, doet hij overal het licht aan. Woedend schiet ik uit bed en storm de babykamer binnen. Ik knal het licht uit, gris de baby uit zijn handen en grom dat hij een fles moet maken. En daarna: ‘Ik doe het zelf wel!’ Hij geeft me de fles en verdwijnt weer naar bed. Tien minuten later lig ik naast hem. De baby is weer rustig en mijn vriend weer in diepe slaap (hoe doen mannen dat?!). Die nacht ga ik er zeker nog drie keer uit en de volgende ochtend zit ik vol schuldgevoel op de bank. Waarom doe ik zo?

Advertentie

Lees ook: De eerste maand met je baby: handige tips voor kersverse ouders

Jouw manier, zijn manier

Psycholoog Froukje Groenveld (37, zelf moeder van drie kinderen) legt uit: ‘De nacht in gaan terwijl je al oververmoeid bent, is pittig. Het is veel lastiger om in het donker, de avond of nacht, te relativeren. Alles wordt groter. Die vermoeidheid zorgt ervoor dat je veel minder kunt hebben en sneller primair reageert. Jij schiet omhoog bij het gehuil van je baby, dat is een natuurlijke reactie. Moeders zijn zo geprogrammeerd om dat direct te willen oplossen.

Slaaptekort zorgt ervoor dat je minder kunt verdragen, moe bent en je bed niet uit wilt. Maar als je partner dan gaat, wil je alsnog de controle houden. Jij weet als geen ander hoe je de baby het snelst stil krijgt, vind je. Jij zou nooit het licht aandoen en jij zou eerst de fles klaarmaken. Op een afstandje luisteren naar het gehuil van je eigen baby is misschien nog wel lastiger dan wanneer je zélf met hem bezig bent, dan kun je er namelijk zelf iets aan doen en voel je je minder machteloos. Allemaal heel logisch, allemaal heel verklaarbaar, maar het is in die situatie belangrijk om je partner vertrouwen te geven, je baby een beetje los te laten. Je partner doet het op zijn manier, jij op de jouwe.’

Meer tips? Zo overleeft je relatie het eerste jaar met een baby.

Blik des doods

Zijn manieren en mijn manieren, beiden zo verschillend soms. En dat terwijl we toch echt allebei tegelijkertijd voor het eerst ouders zijn geworden. Zo leerden we van dezelfde kraamverzorgster, Alie, hoe we een luier aan moesten doen bij de baby. En toch vertel ik mijn vriend elke keer weer dat die flapjes van de luier naar buiten moeten omdat het anders gaat lekken. ‘Ik doe dat altijd als de romper dicht zit,’ antwoordt hij. ‘Dat slaat nergens op, je moet het meteen doen,’ zucht ik geërgerd. Ik rol met mijn ogen. ‘Dat heeft Alie toch gezegd? Je moet die flapjes meteen naar buiten doen!’ Nu bereiken we allebei een kookpunt. ‘Het maakt toch niet uit, het effect is toch hetzelfde?’ Dat klopt wel, maar toch vind ik dit irritant. Waarom denkt hij het beter te doen dan onze kraamverzorgende?

Of die andere keer dat we het niet eens werden, toen ik voor het eerst de nageltjes van onze baby ging knippen. Nerveus zat ik met de baby op schoot en met het kleine schaartje probeerde ik de minuscule, vlijmscherpe nageltjes te knippen. ‘Je moet zo’n knippertje gebruiken hoor,’ was het commentaar van de andere kant van de bank. ‘Ik knip altijd mijn nagels met zo’n knipper. Met die schaar loop je het risico om zijn huid mee te knippen.’ Ik bijt op mijn lip en zeg niets terug. Geconcentreerd ga ik verder en na tien nageltjes haal ik opgelucht adem, het is gelukt.

‘Volgens mij kun je echt beter dat knippertje gebruiken en je moet hem gewoon op de commode leggen als je de nagels wil knippen, dan kun je er veel beter bij.’ Als antwoord geef ik mijn vriend de blik des doods en vraag ik hem wanneer hij ooit de nagels heeft geknipt van een baby. Is hij soms baby-nagelstylist? Niet veel later heb ik weer een kras op mijn gezicht. Blijkbaar is de knipbeurt van net toch niet heel effectief geweest. Die avond knip ik de nagels nog een keer, als ik zeker weet dat mijn vriend weg is. Ik leg de baby op de commode, pak het knippertje in plaats van het schaartje en binnen nog geen twee minuten zijn alle nagels zeer effectief gekortwiekt. Ik spreek met mezelf af dat ik dit nooit aan mijn vriend zal vertellen.

Lees meer: Onderzoekers: dít is het eenvoudige geheim voor een gelukkig gezin

Het is je ego

‘Ja, dat kan heel irritant zijn, een andere manier van aanpak,’ vindt ook Groenveld. ‘Het kan ook aanvoelen als kritiek, je wordt aangetast in je ego. Daarom ga je je eigen manier ook verdedigen, bijvoorbeeld omdat jij het zo van je ouders geleerd hebt. Houd goed in je achterhoofd: hoe jouw partner iets doet, ís meestal niet beter of slechter dan jouw manier. Met die luier bijvoorbeeld maakt het echt niet uit hoe je ’m aantrekt. Het resultaat is namelijk hetzelfde: die flapjes staan naar buiten.

Soms is het moeilijk voor te stellen dat een andere manier van aanpak net zo goed of misschien wel beter werkt dan die van jou. En zoiets geven we niet graag toe. Als je toegeeft, voelt dat als verlies, terwijl het eigenlijk helemaal geen strijd is. Vaak hebben partners het idee al met 1-0 achter te staan omdat zij de baby niet gedragen hebben. Voor moeders is het zorgen net wat intuïtiever. Ook zorgt het (nieuwe) ouderschap voor een nieuw verantwoordelijkheidsgevoel. Opeens zie je overal gevaar en denk je in rampscenario’s. De kunst is juist om te leren verdragen. Verdragen dat het ook anders kan, dat de ander ook kan oplossen of zorgen. Zolang jij de controle probeert te houden, geef je de ander minder de ruimte om het zelf op te lossen. Probeer daarom los te laten, zeker als je er niet bij bent. Kom je er samen niet uit en heb je opvoedissues? Zó word je het met elkaar eens.

Doe eens voorzichtig

De eerste avond dat ik niet bij mijn baby was, kan ik me nog goed herinneren. Hij was waarschijnlijk een week of acht oud en het was weer eens tijd om met vriendinnen iets te gaan eten. Voordat ik wegging, vertelde ik stap voor stap aan mijn vriend hoe hij de melk moest opwarmen, welke pyjama de baby aan moest en hoe hij hem in slaap kon krijgen. ‘Ga nou maar,’ was zijn antwoord, ‘wij redden ons heus wel, ik laat hem echt niet vallen.’ Die avond kregen we ruzie via de app, omdat ik continu vroeg hoe het met de baby was. Toen hij antwoordde dat hij de baby nog even ‘gezellig’ in bad had gedaan, maar dat hij daarna wel per ongeluk het hoofd van de baby stootte tegen de deurpost, barstte bij mij de bom.

Ook al leek de baby nergens last van te hebben, ik ben wel meteen naar huis gegaan. En niet alleen om te kijken naar de bult die er niet was, ook om mijn vriend nogmaals te vertellen dat hij voorzichtiger moest zijn.

Nieuwe trend: voorkom ruzies over huishoudelijke taken, teken een babycontract

Houd het luchtig

Psycholoog Groenveld benadrukt dat elkaar vertrouwen geven misschien lastig is, maar wel nodig. ‘Je mag ervan uitgaan dat iedere nieuwe ouder ontzettend voorzichtig is met een pasgeboren baby. In deze bijzondere tijd doe je zo veel dingen voor het eerst, dat is superspannend. En zo’n baby’tje voelt breekbaar aan, daar word je je heel erg van bewust. Jarenlang heb je niets met baby’s te maken gehad en nu opeens wordt er van je verwacht dat je het verschil weet tussen een hydrofiele luier en een spuugdoek. Dat is enorm wennen en niet alles gaat in een keer goed en vanzelf. Sterker nog, als nieuwe ouders ga je fouten maken. Je gooit een keer die luier in de wasmachine, je stoot de gekolfde melk een keer van het aanrecht en je gaat sowieso die luiertas vergeten. En weet je wat het fijne is? Dit soort dingen gebeuren nou eenmaal, bij alle ouders. Wees je daarvan bewust, het kán niet altijd allemaal in een keer goed gaan.

Denk eens terug aan je eerste baantje of je eerste stage, daar heb je ook vast fouten gemaakt. Hou het daarom een beetje luchtig voor elkaar. Maakt de ander een fout? Probeer dan niet meteen kwaad te worden. Je denkt en roept misschien dat het jou niet zou overkomen, omdát het jou op dat moment niet overkomt. Maar heel eerlijk: jij maakt ook fouten. Blijf vooral niet te lang boos op elkaar, uiteindelijk willen jullie allebei het beste voor jullie kind. Dus bied af en toe eens je excuses aan, geef de ander gelijk of laat weten dat je de ander snapt. Probeer te relativeren, want vrijwel voor al die newborn ruzies geldt: later
lachen jullie erom.’

Dit artikel is eerder verschenen in Ouders van Nu Magazine – Tekst Marloes Grimbergen. Beeld: istock

Lees ook: