Drie gouden regels bij het geven van complimenten aan je kind

'Goed gedaan, lieverd!' Geef je je kind regelmatig een compliment? Vooral blijven doen, want het is belangrijk om je kind positieve feedback te geven. Maar... Ook het geven van complimenten kan je overdrijven. Afhankelijk van de manier waarop je ze geeft, kunnen complimenten zelfs een negatief effect hebben.

Lees en leer.

Advertentie
  1. Overdrijf een compliment niet

    Zijn ‘Wat ongelooflijk mooi!’ of ‘Wat ontzettend goed gedaan’ dingen die je regelmatig zegt?  Volgens Eddie Brummelman, psycholoog en onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam moet je hiermee oppassen. Je geeft dit soort ‘overdreven’ complimenten waarschijnlijk omdat je denkt dat dit het zelfvertrouwen van je kind vergroot, maar dit kan averechts werken.

    Brummelman deed onderzoek onder Nederlandse kinderen van 7 tot en met 11 jaar oud. De ouders van de kinderen werden gefilmd, terwijl ze hun kinderen complimenteerden. Hierbij werd genoteerd hoeveel overdreven (‘Wat ongelooflijk goed gedaan’) en hoeveel niet overdreven (‘Wat goed gedaan’) complimenten werden gegeven. Maanden later werden de kinderen ondervraagd. Ze kregen stellingen voorgelegd over hoe speciaal en bijzonder zij zichzelf vinden. Wat blijkt? Kinderen die overdreven gecomplimenteerd worden ontwikkelen een lagere zelfwaardering.

    Brummelman zegt hierover: ‘Overdreven complimenten krijgen kan eng zijn. Kinderen kunnen denken dat ze altijd aan deze hoge standaard moeten voldoen. Maar het leven zit vol tegenslagen, dus ze zullen hoe dan ook een keer falen. Dan kunnen ze zich slecht voelen over zichzelf en dat is pijnlijk.’ Daarnaast kan overdreven complimenteren ook leiden tot narcistische trekjes. Lage zelfwaardering én narcistische trekjes? Is dat niet tegenstrijdig? Volgens Brummelman niet: ‘Zelfwaardering is het tevreden zijn met jezelf. Je voelt je niet beter dan anderen. Bij narcisme is het andersom: je voelt je wel beter dan anderen, maar bent niet per se tevreden met jezelf. Mijn advies aan ouders is om complimenten niet op te blazen. Ook heeft niet elke prestatie een compliment nodig. Je kunt in plaats daarvan interesse tonen in de prestatie of delen in het enthousiasme.’

  2. Geef niet te vaak een complimentje

    Uit onderzoek uit China, Canada en Amerika is gebleken dat kinderen die vaak een compliment krijgen, eerder de neiging hebben de boel te bedonderen. De onderzoekers deden een kaartspel met kinderen van drie tot en met vijf jaar oud. De kinderen werden verdeeld in drie groepen. Wanneer de eerste groep het goed deed, werd het compliment ‘Jij bent slim!’ gegeven. Bij de tweede groep werd het compliment ‘Je deed het goed’ gegeven en de derde groep kreeg geen compliment. Tijdens het spel verliet de onderzoeker de kamer en vertelde de kinderen dat zij niet mochten spieken.

    Het gedrag van de kinderen werd gefilmd tijdens de afwezigheid van de onderzoeker. Te zien was dat de kinderen die het compliment ‘Jij bent slim’ kregen, het vaakst stiekem in de kaarten gingen kijken. Volgens Gail Heyman, co-auteur en hoogleraar psychologie aan de Universiteit van Californië, is dit als volgt te verklaren: het geven van dit soort complimenten leidt tot prestatiedruk.

    Heyman: ‘Het is opvallend dat kinderen van drie jaar oud al gevoelig zijn voor het type compliment dat ze krijgen. Het is dus belangrijk dat ouders al op jonge leeftijd de juiste complimenten geven.’ Heyman adviseert: ‘Houd complimenten specifiek, zoals ‘je deed het goed bij deze opdracht’. Focus op het proces: ‘Goed dat je deze strategie hebt geprobeerd’. Of complimenteer de inspanning: ‘Je hebt er veel moeite ingestoken en dat werpt z’n vruchten af.’

  3. Complimenteer dat waar je kind controle over heeft

    Ook de Universiteit in Stanford deed onderzoek naar het effect van complimenten. Bij het experiment speelden kinderen van 4 jaar dat hun pop de leerling was, de onderzoeker had een pop die de juf was. De kinderen deden alsof hun pop een tekening maakte, de juf vertelde precies wat er getekend moest worden: zes verschillende objecten. De eerste vier keer deed de ‘leerlingpop’ het goed. De leraar gaf de ene helft van de kinderen het algemene compliment ‘Je bent een goede tekenaar’ en de andere helft het specifieke compliment ‘Je hebt een mooie tekening gemaakt’.

    De laatste twee keer tekenden de poppen het object fout, omdat de juf essentiële onderdelen niet noemde. Zo vergaten ze de oren van een kat of de wielen van de bus. Waarna de juf zei: ‘Dit lijkt niet eens op een kat! Je bent de oren vergeten!’ En: ‘Dit is toch geen bus! Je bent de wielen vergeten!’

    Na de derde goede tekening en na de twee foute tekeningen stelden de onderzoekers vragen als: ‘Vind je je getekende appel mooi?’, ‘Welke tekening zou je opnieuw willen maken?’, ‘Denk aan de tekening van de kat: wat wil je nu doen?’ Wat bleek? De twee complimenten hadden hetzelfde effect op de kinderen toen ze het goed tekenden. Het effect nadat ze fout hadden getekend was duidelijk anders.

    Conclusie: een algemeen compliment suggereert dat je het goed doet, omdat je een talent hebt. Over dit talent heb je geen controle. Hierdoor weet je niet wat je moet doen als het fout gaat. Fouten suggereren dat je misschien toch niet zo talentvol bent en dat je iets anders zou moeten doen. Hierdoor mis je kansen om nieuwe dingen te leren en je talenten uit te breiden. De beste complimenten focussen op het succesvolle proces, dus hoe ze op het goede antwoord kwamen of hoe ze de mooie tekening maakten. Dit laat je kind inzien dat succes afhangt van handelingen en strategieën en niet van een talent waarover ze geen controle hebben.

Bron: Volkskrant – Auteur: Tara Stokdijk