soms gaat het anders
door

'Hoe vaak ik niet in gedachten de fruithap door de kamer heb gesmeten'

Van borstvoeding tot fruithapjes: Fleur (nu 3,5) moest er niets van weten. En dus groeit ze niet goed en komt ze niet voldoende aan. Tot wanhoop van haar moeder Marieke (39). Wat zij ook probeert: het levert niets op. Zelfs sondevoeding helpt maar tijdelijk. Maar dan komt ze eindelijk achter wat er aan de hand is. 'Het was zo’n opluchting om te ontdekken dat het niet aan mij lag!'

‘Fleur was een tengere, dunne baby. Ze werd twee dagen na de uitgerekende datum geboren, maar woog nog geen drie kilo. De eerste uren na haar geboorte was ze misselijk, ze spuugde zelfs een beetje bloed. Met hulp van de verpleegkundige legde ik haar aan de borst. De eerste keer lukte het meteen, maar de uren daarna niet meer. Dat komt vast door de misselijkheid, dacht ik. Ik bleef haar aanleggen, maar ze weigerde. Eenmaal uit het ziekenhuis ging het iets beter, ze dronk een paar slokjes aan de borst en viel dan verzadigd in slaap. Op dag vijf zat ze al boven haar geboortegewicht. Ik was helemaal trots: wat deed ze het goed!

Balen van een plasluier

Ze was lief, maar ook onrustig. Ze was geen echte huilbaby, maar ze liet wel vaak van zich horen. Dan legde ik haar aan. Meestal dronk ze dan een paar minuutjes. De meeste baby’s worden rustig en tevreden als ze borstvoeding hebben gehad, Fleur niet. Het leek wel of ze juist van slag raakte als ik haar aanlegde. Soms voelde het alsof ze meer wilde drinken, maar het niet kon. Sowieso viel me al snel op dat Fleur nooit lang dronk. Meestal was ik na vijf minuten al klaar met voeden, terwijl andere moeders er heel lang mee bezig waren. Maar omdat ze goed leek te groeien, maakte ik me er geen zorgen over.

Totdat ik twee maanden na haar geboorte naar het consultatiebureau ging. Tot mijn schrik was Fleur maar tweehonderd gram aangekomen. Veel te weinig! Het maakte me onzeker. Deed ik iets verkeerd? Hoe kon ik meer voeding in haar krijgen? Vanaf die dag nam de druk op mij en het voeden toe. Ik was verantwoordelijk voor het groeien van Fleur, vond ik. Ik was immers degene die haar borstvoeding gaf. Telkens als ik naar het consultatiebureau moest, baalde ik als Fleur een volle plasluier had. Dat scheelde weer een paar gram in gewicht.

Lees ook: Heb ik te weinig borstvoeding?

‘Ik wist me geen raad meer’

Steeds meer begon ik aan mezelf te twijfelen. Moest ik haar dwingen ook aan de andere borst te drinken als ze niet meer wilde? Had ik wel genoeg productie? Ik begon met kolven. Met mijn productie bleek niets mis. Maar ook van de afgekolfde melk dronk Fleur bijna niets. Meestal maar vijftig tot zestig milliliter per keer. Elke week liet ik haar wegen bij het consultatiebureau, maar ze kwam niet genoeg aan.

Intussen probeerde ik van alles. Ik ging haar minder vaak voeden in de hoop dat ze per voeding meer zou drinken. Een prelogopedist raadde me aan geen oogcontact te maken tijdens het voeden. Ook paste ik mijn eigen voeding aan: ik stopte met scherp gekruid eten en gebruikte geen koemelkproducten meer. En naast mijn melk gaven we haar dieetvoeding. Alle soorten flesvoeding hebben we getest. Maar wat we ook probeerden, het maakte geen verschil. Ik wist me geen raad meer. Toen Fleur drie maanden was, werden we doorgestuurd naar de kinderarts. Maar daar kwamen we niet veel verder. Zij raadde aan om Fleur alvast babyhapjes geven. Maar een half lepeltje bleek al te veel voor haar. We bleven aandringen, maar als Fleur de lepel alleen al zag, raakte ze van streek. Dan keek ze de andere kant op, met haar lippen stijf op elkaar.

‘Ben ik de enige op aarde die dit niet kan?’

We hadden geen idee waarom Fleur zo weinig dronk en elke fruithap weigerde. Waarom lukte het me niet om mijn dochter te voeden? Al die goedbedoelde opmerkingen en nuttige adviezen van andere moeders deden me ook geen goed. Iedereen denkt het te begrijpen, want veel moeders hebben kinderen die langere periodes slecht eten. Als ik dan doorvroeg, bleek dat ze bij het avondeten slechts de groene groenten wilden eten of alleen de aardappels weigerden, maar overdag wel vijf boterhammen aten. Dat kwam niet in de buurt van wat wij met Fleur meemaakten.

Ook online vond ik geen ervaringsverhalen over baby’s die voedsel weigeren. Ben ik de enige op aarde die dit niet kan, vroeg ik me dagelijks af. Het is iets wat zo vanzelfsprekend goed gaat en ik kreeg het bij Fleur maar niet opgelost. Het voeden beheerste inmiddels mijn leven. Ik wilde zo graag dat Fleur ging eten dat ik de lepel hardhandig tussen haar lippen probeerde te wurmen. Maar ze gaf geen duimbreed toe, ze hield ze stijf op elkaar. Gek werd ik ervan!

Lees ook: Help, mijn baby wil niet eten!

Radeloos, boos en verdrietig

Hoe vaak ik niet in gedachten de fruithap door de kamer heb gesmeten. Ik was zo gefrustreerd, radeloos, boos en verdrietig tegelijk. Bij elke poging tot voeden moest ik mezelf opladen. Fleur was negen maanden toen het echt heel slecht ging. Op een dag was ik er helemaal klaar mee: Fleur weigerde weer te drinken, huilde veel en was ontroostbaar. Ik was ook overstuur en wist niet meer wat ik met haar aan moest. In tranen heb ik het ziekenhuis gebeld: “Fleur moet nu opgenomen worden.” En dat gebeurde. Ik was zo opgelucht. Er kwam begrip voor onze situatie: artsen zagen nu met eigen ogen dat Fleur stelselmatig voedsel weigerde en bijna niets dronk.

Uiteindelijk lukte het ze om Fleur kleine hapjes fruit te laten eten. Weer thuis vielen we vrij snel terug in het oude patroon. Ik was vijf tot zes uur per dag bezig om er iets in te krijgen bij haar. Na twee maanden kon ik niet meer. Ik had geen hekel aan mijn dochter, maar wel aan de situatie. En die kwam onze band niet ten goede. Als ik er nu op terugkijk, snap ik niet hoe ik het zo lang heb volgehouden. Wat was ik blij dat Fleur met elf maanden een sonde kreeg. Nu kreeg ze tenminste alle voedingsstoffen binnen die ze nodig had. En de druk rondom het eten was weg. Het deed Fleur zichtbaar goed. Van een schuchter vogeltje veranderde ze in een vrolijk en blij, maar klein en spichtig meisje. Op haar eerste verjaardag woog ze nog geen zeven kilo en droeg ze maat 68.

Te kleine maag

Ondertussen ging mijn zoektocht naar wat er met Fleur aan de hand was door. Uiteindelijk stuitte ik op de website van een patiëntenvereniging van jonge kinderen die niet willen eten. Het was zo’n opluchting om te ontdekken dat onze dochter niet de enige was. En dat het niet aan mij lag! Inmiddels weten we dat Fleur een beperkte hongerprikkel heeft. Daardoor mist ze de natuurlijke drang om te willen eten en drinken en heeft ze minder dorst en honger dan een gemiddeld kind. Dat komt ook omdat Fleur een extreem kleine maag heeft, zo is gebleken uit onderzoek. Daardoor zit ze dus heel snel vol.

‘Beetje bij beetje ging ze eten’

Mijn gevoel dat Fleur wel meer wilde drinken, maar het niet kon, klopte dus. Als ze meer dronk dan haar maag aankon, kreeg ze buikpijn of kwam de melk weer terug – net als bij reflux. Instinctief weigerde ze daarom de borst en later de fruithapjes. Het nadeel van een sonde is dat je het zelf eten natuurlijk niet meer stimuleert. Na zeven maanden ging de sonde eruit. Fleur was anderhalf jaar en moest op eigen kracht gaan eten en drinken. Een spannende tijd. De volledige regie over eten en drinken lag bij haar. Zeker in het begin was dat moeilijk.

Verspreid door de woonkamer zette ik bakjes gevuld met plakjes komkommer, crackertjes of stukjes appel neer. De eerste paar dagen at ze er niets van. Maar uiteindelijk ging ze toch kleine beetjes eten. Uit het ene bakje een lepeltje vla, een paar uur later stopte ze een knakworstje in haar mond en bij het avondeten knabbelde ze aan een stronkje broccoli. Beetje bij beetje ging ze meer en steeds andere dingen eten. Wat was ik blij dat het werkte. Ze at!

Tip: dit kun je doen als je peuter niet wil eten.

Klein opdondertje

Het gaat nu best goed met Fleur. Ze is nog steeds geen grote en avontuurlijke eter, en dat zal ze ook nooit worden. Ze is een vrolijk dametje, een echt meisje-meisje, dat over een paar maanden naar de basisschool gaat. Met haar 92 centimeter is ze een opdondertje. Maar ze weet zich prima staande te houden tussen de ‘groten’. Die dame van mij komt er wel!’

Meer persoonlijke verhalen lezen?

Dit artikel is eerder verschenen in Ouders van Nu Magazine – Tekst: Meija Steffens, Beeld: Shutterstock