vossenlintworm kind

Zo voorkom je dat je kind wordt besmet met de vossenlintworm

Echt fris is het niet, zo’n hondentong in je gezicht. Maar Fikkie bedoelt het zo goed. Toch kan het helaas ook gevaarlijk zijn. Als een hond of kat vossenlintworm heeft, kan een lik ernstige gevolgen hebben.

De gevaarlijke vossenlintworm is momenteel bezig aan een opmars in Nederland. De parasiet verspreidt zich via de ontlasting van vossen en huisdieren, en blootstelling eraan kan op lange termijn zelfs dodelijk zijn.

Advertentie

‘Eén lik is al genoeg’

Bij mensen kan de worm ernstige klachten aan de lever en geelzucht veroorzaken, maar ook blindheid. ‘Katten en honden die in contact komen met besmette prooidieren, raken zo besmet,’ legt parasitoloog Paul Overgaauw uit aan de Telegraaf. ‘Een huisdier kan dat heel makkelijk overdragen op mensen. Een lik in het gezicht kan al genoeg zijn.’

Niet meteen klachten

Het probleem met de vossenlintworm is dat hij niet gelijk voor buikpijn zorgt, in tegenstelling tot andere wormen. Overgaauw: ‘De mens is bij deze lintworm een ‘tussengastheer’, zoals dat heet. Ze leven in de vorm van ‘blazen’, een tussenstadium tussen eitje en lintworm, in het menselijk lichaam en zorgen pas na tien tot vijftien jaar voor klachten.’

Ontwormen

Volgens Overgaauw is het daarom belangrijk om je huisdier regelmatig te ontwormen. ‘Veel baasjes ontwormen pas als ze zien dat er wormen in de ontlasting zitten. Maar de meest gevaarlijke parasiet zie je niet.’ Het RIVM houdt de verspreiding van de parasiet nauwlettend in de gaten. Zij raden aan om huisdieren zo snel mogelijk te ontwormen na een bezoek aan landen waar de worm vaak voorkomt (denk aan Oostenrijk, Duitsland of Zwitserland).

Tips voor ouders

Maar wat kun je nog meer doen om besmetting bij je kind te voorkomen? ‘Handen wassen is het toverwoord,’ zegt Overgaauw. ‘Kinderen wroeten in zandbakken die door honderden dieren als kattenbak worden gebruikt. Ouders denken vaak: ah joh, zeur niet zo, grondcontact is goed voor de weerstand. Maar geloof me: kinderen krijgen echt wel genoeg binnen om hun weerstand op te bouwen. Je hoeft het niet op te zoeken, want het risico is te groot.’

Auteur: Erandi Godinez – Bron: Telegraaf/RIVM– Beeld: Shutterstock