door

Steeds meer kinderen groeien op in gebroken gezin

Jaarlijks maken zo'n 53.000 kinderen in Nederland mee dat hun ouders uit elkaar gaan. Maar liefst drie op de tien vijftienjarigen wonen niet samen met allebei hun ouders. Na de scheiding gaan de meeste kinderen bij hun moeder wonen en slechts een kwart van de gescheiden ouders kiest voor co-ouderschap.

Dat blijkt uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), onder gescheiden en niet-gescheiden gezinnen. Al enkele jaren wordt het veranderende gezinsleven in Nederland onderzocht.

Advertentie

Trouwen

Opvallend genoeg blijkt nu dat kinderen van ongehuwde stellen relatief vaker te maken hebben met ouders die uit elkaar zijn, dan kinderen van gehuwde ouders. Van de kinderen die aan het begin van 2017 nog met beide, gehuwde ouders woonden, waren bij 1,5 procent aan het eind van het jaar de ouders uit elkaar. Bij kinderen met ongehuwde ouders was dit 3,6 procent. 

Een exacte verklaring heeft Dick ter Stege van het CBS daar overigens niet voor. In het AD zegt hij: “We hebben wel enig idee hoe dat zit. We zien dat ouders die vinden dat hun relatie goed zit eerder besluiten om te trouwen. Stellen die nog niet getrouwd zijn, doen dat vaak later wel, nadat ze een kind krijgen. Het tweede kind wordt dan wel geboren met gehuwde ouders.”

Co-ouderschap

Uit het onderzoek blijkt bovendien dat zeventig procent van de kinderen na scheiding bij de moeder gaat wonen. Slechts een kwart van de paren kiest voor co-ouderschap. Hierbij wonen kinderen ongeveer evenveel tijd bij de vader als bij de moeder.

Kans op breuk

De kans dat kinderen van ongehuwde ouders meemaken dat hun ouders uit elkaar gaan neemt in de eerste jaren na de geboorte toe en blijft tijdens de periode van de basisschool min of meer stabiel. Bij gehuwde ouders stijgt de kans op een echtscheiding tot het zesde levensjaar van het kind, daarna daalt het.

Bron: CBS/AD Beeld: Shutterstock