Vaderliefde: ‘Opgeruimd is het nooit meer geweest’
door

Vaderliefde: ‘Opgeruimd is het nooit meer geweest’

Op pad met een tweeling en een peuter? Jeroen draait er zijn hand niet voor om. Apetrots is-ie om vader te zijn van drie jongens. Al is het ook heftig. ‘Het is nu alle hens aan dek.’

Het was even slikken voor Jeroen toen hij bijna twee jaar geleden twee hartjes zag kloppen op de monitor bij de verloskundige. Praktische problemen en doemscenario’s schoten door zijn hoofd. Jeroen: ‘Monique lag bij de echoscopiste op tafel met dat ding op haar buik. Ik heb twintig minuten voor me uit zitten staren, terwijl Monique begon te ratelen. Ik dacht: we kunnen de auto inruilen voor een of ander afzichtelijk minibusje en de komende twintig jaar ga ik waarschijnlijk op vakantie naar een bungalowpark in plaats van naar een tropisch eiland. Maar ik was ook opgelucht. Monique had daarvoor een miskraam gehad en dat had er flink ingehakt. We zaten in de wachtkamer nog vol spanning of we wel een hartje zouden horen. Die hartslag was er dus dubbel en dwars.’

Wat is er uitgekomen van die doemscenario’s?

‘Een nieuwe auto is er inderdaad gekomen, want in die van ons pasten geen drie zitjes. En ik weet niet of je al om je heen hebt gekeken, maar het is hier één grote zooi. Daar zou ik graag de stukadoor, die nu bezig is, de schuld van geven, maar de realiteit is dat de hele kamer altijd bezaaid ligt met toet-toet-autobanen. Opgeruimd is het nooit meer geweest sinds de tweeling er is.’

Tijd en handen tekort, dus?

‘Sommige dingen lopen eigenlijk vanzelf en ik durf gerust in mijn eentje met drie kinderen op pad te gaan. Andere dingen vallen tegen. We hebben lastige nachten gehad, een maand of vijftien lang. Jelte en Jurre zijn nu zestien maanden, dan heb je een idee. Slecht slapen is heftig en pas dan merk je echt dat het er twee zijn. Pak ik eentje voorzichtig uit bed, wordt de ander ook wakker. De slaap die ik vroeger in één nacht kreeg, krijg ik nu verdeeld over drie nachten. En opruimen gaat gewoon moeilijk als je zo veel spullen hebt.’

Hoe vind je het om vader te zijn van drie kinderen?

‘Ruig. Ik voel me trots als ik hier naar buiten loop en mensen zie kijken. En mijn telefoon staat vol met foto’s van die drie. Maar het zijn pittige dagen. Ik zei altijd dat de woensdag, de dag waarop ik papa-dag heb, mijnlievelingsdag was. Toen we alleen Jippe hadden, ging ik
eropuit en deed ik ook nog de was. Nu met drie is dat er niet meer bij, het is alle hens aan dek.’

Hoe vindt Jippe het om er in één klap twee broertjes bij te hebben?

‘Kinderen reageren heel rationeel, toen we hem vertelden dat het er twee waren, was dat voor hem gewoon een gegeven. Nu ze er zijn, heeft hij het soms zwaar te verduren. Bouwt hij een mooie autobaan, zijn Jelte en Jurre hem op twee plekken tegelijkertijd aan het afbreken. Of één is hem aan het afbreken terwijl de ander hem met stukjes op zijn hoofd timmert. Als ik op woensdag zeg tegen Jippe dat ik de tweeling uit bed ga halen, zegt hij soms: laat ze maar liggen. Of als we ergens heen gaan, zegt hij: ze mogen wel thuisblijven.’

Het is dus twee tegen één?

‘Dat valt mee. Jelte trekt erg naar Jippe want die is rustiger. Het verschil in ontwikkeling tussen de tweeling is groot. We hebben acht maanden geleden ontdekt dat Jelte een hersenbeschadiging heeft. Dat heeft invloed op zijn motorische ontwikkeling. Hij heeft tijdens de bevalling, of vlak ervoor of erna, een hersenbloeding gehad. We kwamen erachter doordat zijn duimpje in zijn vuist vastzat en hij wat achterbleef met kruipen en rechtop zitten. Uiteindelijk bleek uit een MRI-scan de beschadiging. Voorlopig zit het in het motorische vlak en als het daarbij blijft, en hij gaat straks wel lopen, valt het mee. Maar is het iets cognitiefs of gedragsmatigs, dan krijgen we opnieuw een klap te verwerken. Jurre is motorisch gezien juist supersnel. Daarom zijn ze misschien ook wel minder op elkaar gericht. Monique en ik leven nu echt per stap die Jelte maakt. We zijn bijvoorbeeld dolenthousiast als hij zich aan de bank weet op te trekken.’

 

Jeroen-6970Beeld: Cees Rutten JR.

Zijn er meer verschillen tussen de twee?

‘Ik zeg weleens: Jurre zit op z’n twaalfde bij bureau Halt en Jelte bij Bijbelstudie. Die karakterverschillen zie je nu al. Jurre pakt alles van z’n broers af, maakt alles kapot. Als de oudste op de bank gaat zitten om een filmpje te kijken, duurt het twee seconden en vliegt Jurre ook die bank op. Die duikt dan drie keer over hem heen, wordt weggeduwd door Jippe en denkt: leuk, stoeien!’ Jippe en Jelte hebben tot nu toe de beste klik.’

Hoe was die periode waarin jullie die ontdekking deden over Jelte?

‘We hebben er nooit ruzie over gehad, maar stonden er wel verschillend in. Ik had de behoefte om alvast precies te weten wat de vervolgstappen zouden zijn. Misschien is het wel een mannenkwaaltje om alles rationeel weg te willen zetten. Monique heeft juist zoiets van: laten we alles stap voor stap bekijken, als hij het maar goed doet. Waar we meer last van hebben gehad, is onze omgeving. Veel mensen om ons heen bagatelliseerden wat er met Jelte aan de hand is. Die zeggen dan dingen als: “Het handje is nu toch open?”, “Hij gaat toch vooruit?” of: “Het komt wel goed.” Maar een beschadiging in je hersenen komt niet zomaar goed. We kunnen alleen maar hopen dat andere gebieden het gaan overnemen. Het is nog veel te vroeg om te weten hoe hij zich gaat ontwikkelen.’

Je werkt ook met kinderen, neem je dingen uit je werk mee in het vaderschap?

‘In de afgelopen zestien jaar heb ik als leraar veel gezien waarvan ik dacht: dát ga ik anders doen. Maar in de praktijk hoor ik mezelf nu ook
dingen tegen de kinderen roepen waarvan ik denk: dit heeft totaal geen nut. Zo dacht ik bijvoorbeeld: ik ga heel pedagogisch de jongens
van kleins af aan voorlezen, superleuk. Nu zeg ik tegen Jippe: “Ga maar even een filmpje op Netflix kijken, en nog één, en nog één.” Dan kan ik ondertussen de tweeling te drinken geven en naar boven brengen. Verder heb ik wel wat last van beroepsdeformatie. Hoewel ik vind dat Jippe vooral lekker moet spelen, betrap ik mezelf erop dat ik toch bezig ben hem te leren tellen. Monique verwijt me ook weleens dat ik door een onderwijsbril naar onze kinderen kijk. Dat ik te veel bezig ben met welke stappen ze zetten. Maar ik zal me altijd proberen als ouder op te stellen en niet als leraar.’

Wat vind je lastig aan vader zijn?

‘Dat de keuzes die wij nu maken de rest van het leven van onze kinderen bepalen. Dat geldt voor de goede keuzes, maar ook de minder goede keuzes. Jippe is bijvoorbeeld wat voorzichtiger in zijn benadering. We merken dat hij bij het kinderdagverblijf vooral de wat rustige kinderen opzoekt. Komt dat door dat wij hem teveel beschermen? Misschien heeft hij juist een zetje nodig om dingen te durven en mist hij dat van ons? Beslissingen die we nu nemen, bepalen voor een groot deel hoe de kinderen later uitpakken. Dat vind ik best een verantwoordelijkheid.’

Wat wil je je kinderen meegeven voor de toekomst?

‘Doorzetten, relativeren en gevoel voor humor. Ik geloof graag dat het eigenschappen zijn die ik in meer of mindere mate ook bezit. Los van slechte eigenschappen die ik ook heb, natuurlijk. Ik denk dat ze met deze drie dingen best ver kunnen komen in het leven. Ik zie het nu al bij ze. Neem Jelte, die toch stapjes zet terwijl het hem meer moeite kost dan Jurre, dat wordt een jongen die gewend is om ergens voor te werken en ergens voor te gaan.