Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

 
door

'Wie verzint dit?!' schreeuwde ik. 'Dit is niet weg te puffen!'

Jorien (30) wist precies hoe ze van Ian (nu 11 weken) wilde bevallen: een badbevalling, en daarna met z’n drietjes bijkomen. Dat het een spoedkeizersnee werd, waarna ze alleen op een uitslaapkamer lag, vindt ze moeilijk te verkroppen.

‘Rick en ik wilden supergraag zwanger worden. Bij mijn beste vriendin had dat zeven jaar geduurd, dus wij dachten: we zijn er klaar voor, laten we op tijd beginnen! Ik kon het bijna niet geloven toen mijn zwangerschapstest twee maanden later al positief was. ‘We worden papa en mama!’ riepen Rick en ik, terwijl we elkaar in de armen vlogen. De zwangerschap was heerlijk. Ik voelde me sterk, vrouwelijk en trots. Wat fantastisch dat mijn lijf dit allemaal kon. Gezond eten, genoeg slapen: ik vond het leuk om extra lief te zijn voor mijn zwangere lichaam. Rick smeerde mijn buik elke avond in met olie. Al snel voelden we de baby trappelen. Ik kon niet wachten om hem te zien.

Advertentie

Hartslag omlaag

Ik vond het fijn om me uitgebreid voor te bereiden op de bevalling. Zo verslond ik tientallen boeken en schreef ik ons in voor de cursus pijnloos bevallen, want hé: wie wil dat nou niet? Rick en ik kregen puftips en leerden alles over weeën. Die weeën moesten we vooral niet zien als pijnlijke samentrekkingen, maar wél als kabbelende golven. Ook verdiepte ik me in hypnobirthing: alles om de powervrouw in mezelf naar boven te halen. Mijn geboorteplan besloeg een paar kantjes. Ik zag het allemaal voor me: een gezellige ziekenhuiskamer met gedimd licht, een warm bad waar Rick op het laatste moment ook in zou stappen. De navelstreng die we wilden laten uitkloppen, en vooral: de tijd die we met z’n tweetjes wilden nemen met de pasgeboren baby. Natuurlijk zou de bevalling pittig zijn, maar ik wist zeker dat het óók intiem en sfeervol zou zijn.

Het geboorteplan kon rechtstreeks de prullenbak in toen mijn vliezen met eenenveertig weken braken. Het vruchtwater was bruin, de baby had gepoept. “Nu ben ik medisch,” zei ik teleurgesteld tegen Rick. “Daar gaat m’n badbevalling.” In het ziekenhuis werd ik aan een monitor gekoppeld. Op het scherm naast me zagen we de hartslag van onze baby. Elke keer als deze omlaagging, schoot die van mij omhoog. Ik vond het superspannend. “Hou vol kleintje!” fluisterde ik. Omdat het allemaal niet op gang kwam, kreeg ik weeënopwekkers. Een verpleegster legde het infuus aan, maar prikte twee keer mis in mijn hand. Het bloed spoot uit mijn ader en ik ging bijna van mijn stokje. Lijkbleek, maar positief en nieuwsgierig wachtte ik totdat ik iets zou voelen. De dosering weeënopwekkers werd verhoogd en plotseling was daar de eerste kramp. Oooh, dit kan ik prima opvangen! dacht ik nog.

Weeënstorm

Maar de weeën kwamen al snel kort op elkaar en in no time zat ik midden in een weeënstorm. Ik wist van gekkigheid niet hoe ik moest liggen, en door het infuus en de monitor kon ik geen kant op. “Wie verzint dit?!” schreeuwde ik. “Dit is niet weg te puffen!” Golven. De zee van stuwingen om je kind ter wereld te brengen. Plotseling werd ik zo kwaad op alle onzin die ik tijdens de zwangerschapscursussen geleerd had. Dit waren geen zeeën, maar oceanen van pijn! Rick hield mijn hand vast en deed voor hoe ik moest puffen, maar ik kon alleen maar schelden. “Het ligt niet aan jou!” wist ik nog uit te brengen. “Maar dit is niet te doen!”

Na drie uur werd mijn ontsluiting gemeten. Eén centimeter. “Dit meen je niet,” gromde ik. “Maar wacht even,” zei de klinisch verloskundige. “Ik voel een handje door de baarmoedermond steken.” Aan haar reactie zag ik dat dit slecht nieuws was. Ik onderdrukte een vlaag van paniek. De weeënopwekkers werden verhoogd in de hoop dat de baby zijn handje terug zou trekken, maar toen ik nog een keer gecontroleerd werd, was het handje inmiddels een armpje. “Het wordt een spoedkeizersnee,” zei de gynaecoloog, nadat er een echo was gemaakt. Meteen werd ik klaargemaakt voor de OK. Er ging van alles door mijn hoofd. Teleurstelling, verbazing, maar ook opluchting. Nu ging ik mijn kind eindelijk zien!

Lees ook: Dit kun je verwachten van een spoedkeizersnede en het herstel daarna

Op de intensive care

Mijn ziekenhuisbed rolde in volle vaart door de gang. Net als in de film zag ik het witte licht van de tl-buizen boven mijn hoofd voorbijschieten. Iedereen had haast, maar ik bewoog in slow motion. Het voelde alsof er watten in mijn hoofd zaten. Krijg ik nu echt een keizersnee? schoot er door mijn hoofd. Wat als het misgaat met de baby?! piekerde ik. Of als de verdoving niet werkt en ik voel hoe ze mijn buik opensnijden? De anesthesist zette een ruggenprik. “Kun je me niet volledig verdoven?” vroeg ik paniekerig. “Zodat ik in slaap val?” “Het is belangrijk dat je dit bewust meemaakt,” antwoordde hij vriendelijk. Het liefst wilde ik huilen en schreeuwen, want ik was plotseling vreselijk bang. Maar ik koos ervoor om rustig te blijven en alles te ondergaan. Op de OK werd er een doek tussen mijn borsten en buik gehangen. Het voelde alsof ik door wilde dieren uit elkaar werd getrokken. Ik had geen pijn, maar het duwen en drukken was onheilspellend en eng.

Ik had niet in de gaten dat onze baby al geboren was. Uit het niets verscheen Ian boven het blauwe doek. Hij huilde superhard en terwijl ons kleine hummeltje op mijn borst gelegd werd, begon ik zachtjes tegen hem te fluisteren. Hij werd meteen rustig van mijn stem en rook heerlijk. Het was alsof we elkaar al jaren kenden en ik voelde me meteen moeder.

Daarna ging alles snel. Ian ging mee met Rick en ik werd naar de intensive care gereden voor morfine. Daar kreeg ik een plekje, ergens achterin, omdat het druk was en ik moest wachten. Mensen gilden en de sfeer was beladen. Het contrast was groot tussen de prachtige kennismaking met Ian nog geen twintig minuten geleden, en de pijn die ik nu voelde. Plus al dat verdriet van de mensen om me heen. Naast mijn bed hing een foto van Ian. Ik voelde me eenzaam en overprikkeld. Mijn lichaam wilde zó graag bij mijn baby zijn. In de uitslaapkamer was ik zo stoned als een garnaal, ik zat vol adrenaline, maar begreep nauwelijks waar ik was.

Langzaam herstel

In de dagen daarna keken Rick en ik verliefd naar Ian. Zijn kleine neusje, de brabbelende geluidjes die hij maakte: alles was prachtig. Mijn herstel viel alleen vreselijk tegen. We moesten in het ziekenhuis blijven en mijn buik was ontzettend pijnlijk. Ik zat vol adrenaline, waardoor ik vier nachten achter elkaar niet sliep. Ik had een katheter waar vaak bloed langsliep en mijn lichaam voelde bont en blauw. Met elke beweging was ik bang dat mijn buik open zou scheuren. De verpleging in het ziekenhuis deed daar heel luchtig over. “Je moet gewoon even door de pijn heen,” zei een verpleegster ongeduldig toen ze wilde dat ik rechtop ging zitten. Ik kon mijn buikspieren niet aanspannen en kwam met geen mogelijkheid overeind. Ik voelde me niet serieus genomen, alsof ik me aanstelde. ’s Nachts was ik me ervan bewust dat ik niet zonder hulp uit bed kon komen. Ik had visioenen waarin er iets vreselijks met Ian gebeurde, terwijl ik niet bij hem kon komen. Ik deed er alles aan om niet in slaap te vallen en alert te blijven, want ik voelde me onveilig. 

Op de ochtend van ons vertrek wilde ik graag douchen. “Zou iemand me daarmee kunnen helpen?” vroeg ik aan een verpleegster. Ik had nog niet eerder gelopen en voelde me vreselijk slap. “Nee, dat moet je nu zelf kunnen,” zei ze. Uiteindelijk was het Rick die me naar de badkamer hielp. Daar leunde ik tegen de muur, terwijl hij me ondersteunde. Het was alsof er te weinig lucht in mijn longen zat. Ik voelde me klein en onbegrepen. Iedereen deed alsof de keizersnee een simpele ingreep was geweest.

Ook de kraamweek vond ik heftig. Thuis kon ik namelijk nog steeds niets. De borstvoeding kwam moeilijk op gang en zitten en zelfs liggen deed pijn. Er is een foto waarop Rick en de kraamzorgster Ian in bad doen. Ze kijken vrolijk naar de baby en ik lig doelloos op de achtergrond in bed. Zo voelde ik me al die tijd. Nutteloos, alsof ik gefaald had. Het klinkt misschien gek, maar ik dacht vroeger altijd dat ik goed zou kunnen baren. Ik heb een vrouwelijk lijf met brede heupen: dan moet bevallen toch geen probleem zijn? Ik vind het moeilijk te verkroppen dat ik een keizersnee heb gehad. In de oertijd waren Ian en ik er waarschijnlijk niet meer geweest. Ik moest het aan ándere mensen overlaten om hem op de wereld te zetten en dat vind ik nog steeds lastig. Gelukkig kon ik hier met mijn kraamhulp goed over praten, maar ik ben er nog lang verdrietig over geweest. 

Foutje van de natuur 

Voordat ik Ian had, wist ik zelf ook niet beter, maar mijn omgeving deed superluchtig over een keizersnee. “Wat fijn!” zei een kennis. “Dan ben je tenminste niet uitgerekt daar beneden.” Het werd niet met zo veel woorden gezegd, maar het was alsof mensen vonden dat ik de makkelijke weg cadeau had gekregen. Mijn familie en een aantal goede vrienden waren begripvol, maar mensen die iets verder weg stonden, waren nogal bot. “Ben je nou nóg niet buiten geweest met de baby?!” vroegen ze. Ik probeerde dan uit te leggen dat ik moest revalideren, omdat een keizersnee een zware buikoperatie is. Het buitenste litteken op mijn buik is er één, maar daaronder zitten er nóg zes. Dat maakte niet veel indruk. 

Ik denk dat dit komt doordat er te weinig gesproken wordt over een keizersnee. Alle bevallingsboeken gaan over de ‘natuurlijke bevalling’; een ongelukkige woordkeuze als je het mij vraagt, want het impliceert alsof je met een keizersnee een ‘foutje’ van de natuur bent. Het is niet mijn bedoeling om vrouwen bang te maken en het is natuurlijk fantastisch dat Ian op deze manier zonder problemen geboren is. Toch had ik graag beter voorbereid willen zijn op de operatie. Ik droom nog steeds vaak over het moment waarop ik met bed en al naar de OK gereden werd. Over de pure angst die ik voelde, de paniek en het trekkende gevoel aan mijn buik.

Met Ian gaat het gelukkig hartstikke goed. Rick en ik kunnen nog steeds uren naar hem kijken. Als hij samen met zijn vader onder de douche staat, voel ik me rijk. Dat zijn mijn twee mannen, denk ik dan. We hadden het even lastig in de opstartfase, maar ik geniet met volle teugen. Elke dag.’

Tips: zo verwerk je een traumatische bevalling.