Bevallingsverhaal: ‘In no-time komt onze dochter tevoorschijn’

Geen enkele bevalling is hetzelfde. Toch zijn de emoties vaak wel heel herkenbaar. In onze rubriek Bevallingsverhalen vertelt een moeder over haar ervaringen. Dit keer het verhaal van Adinda van Kuijk. Omdat de placenta in de weg ligt, kan de vriendin van Mark Leene niet via de natuurlijke weg bevallen. Ze krijgt een geplande keizersnee.

‘Het is ergens eind middernacht, begin ochtend en het OLVG ziekenhuis in Amsterdam is uitgestorven. Mijn vriendin Adinda en ik zijn zojuist met een taxi afgezet. Adinda had wat bloedverlies, uitgerekend op de dag waarop netjes in de agenda stond dat onze dochter ter wereld zou komen door middel van een ‘simpele’ incisie. Dat tijdstip hebben we niet gehaald en dus rijden we met dikke slaperige ogen door de verlaten gangen.

“Denk je dat ik een goede moeder word?” vraagt Adinda terwijl ik haar voortduw in een rolstoel. Ze ondersteunt haar buik en kijkt me niet aan. Ik stop en draai de rolstoel honderdtachtig graden. “Zullen we eerst onze dochter gaan halen? We hebben een afspraak, maar blijkbaar is dat niet snel genoeg voor haar.” Ik knipoog en begin weer te duwen. De baby was bij de 20-weken echo al eigenwijs. De placenta bleek volledig in de weg te liggen waardoor een natuurlijke bevalling onmogelijk is. Keizersnee dus. Adinda en ik grapten toen al dat we dit wel bij haar vonden passen, gezien het karakter van haar moeder. Adinda is ook nogal eigenwijs.

We worden hartelijk ontvangen bij het Anna-Paviljoen – de afdeling waar we moeten zijn, al doet de naam vermoeden dat hier op snel tempo pannenkoeken worden gebakken. Alsof ze de angst ruiken, wijst een van de vrouwen op leeftijd mij richting koffieautomaat. “U kunt daar ook een glaasje water pakken, meneer.” Ik besluit er twee te nemen en geef Adinda ook wat. Onze kamer is snel klaar en mijn skippybal manoeuvreert zich onhandig in bed. Een mannelijke verpleger komt een praatje maken en vertelt honderduit over zijn eigen ervaringen, iets wat de skippybal wel kan waarderen. Ik ben er met mijn gedachten niet meer bij en kijk uit het raam. Wat als het niet goed gaat? Ik wil Adinda niet kwijt. Zelf lijkt ze het allemaal niet te beseffen en haar rechte gebit blijft in een perfecte glimlach staan als de verpleger de deur uit loopt. “Heerlijk, altijd al een homoseksuele verpleger willen hebben” piept ze terwijl ze richting het toilet loopt. Het infuus dat door haar zojuist verworven vriend is aangesloten, neemt ze nonchalant aan de hand mee. “Ik en mijn handtasje zijn even plassen.” Vrouwen met humor, wat een genot.

Na uren wachten worden we meegenomen naar de operatiekamer. Vanaf hier beleven we de bevalling samen als één grote roes: de artsen, de gesprekken, nog meer wachten, de eerste blik op de OK, de anesthesist die ook uit Indonesië blijkt te komen en direct een band met mijn vriendin creëert en de ruggenprik. Het enige wat me echt opvalt, is de blik van Adinda. Enigszins angstig maar vastberaden. Wat heb ik een respect voor deze vrouw. Ze doorstaat elke proef met glans en binnen no-time zie ik door het luikje, speciaal gemaakt zodat de moeder mee kan kijken, onze dochter tevoorschijn komen. Twee benen, twee armen, tien vingers, tien tenen en dan haar gezicht. Mooier dan ik me ooit heb durven voorstellen. Terwijl Yuna Milou Leene wordt weggedragen, blijf ik Adinda aankijken. Ik besef dat ik vader ben en om met haar woorden te spreken: hopelijk een goede.’

Mini-biografie

  • Naam: Mark Leene en Adinda van Kuijk.
  • Nooit gedacht: ‘Dat ze er zo mooi uit zou komen.’
  • Duur van de bevalling: ‘Geplande keizersnee, 40 minuten.’
  • Bevalling in het kort: ‘Eén grote roes.’
  • Herstel:‘De eerste weken herstelde Adinda erg goed, daarna steeds trager. Ze had er moeite mee dat ze niet meteen alles kon, maar op dit moment is alles weer mogelijk.’

Meedoen met deze rubriek? Mail naar redactie@oudersvannu.nl o.v.v. ‘Mijn bevalling’.

15-11