‘Ik wist het eigenlijk al vanaf mijn 14e’, vertelt Dook. ‘Sommige mensen weten dat ze geen kinderwens hebben. Ik wist juist heel zeker dat ik die wél had. Tegelijkertijd wist ik toen ook al dat ik biseksueel ben. En dus dacht ik al vroeg: hoe gaat dat dan ooit werken?’
In eerste instantie schoof hij de vraag voor zich uit. ‘Als tiener dacht ik: ik zie het allemaal wel. Maar rond mijn 30e werd het ineens concreet. Vrienden om me heen kregen kinderen. Ineens waren zij tien stappen verder dan ik. Toen voelde ik die wens sterker en werd ik er meer mee geconfronteerd.’
Lees ook: Regenboogouderschap: dit moet je regelen als regenbooggezin
Andere route
Terwijl heterostellen vaak relatief eenvoudig een gezin kunnen stichten, ziet Dook dat zijn pad ingewikkelder is. ‘Als je in een heterorelatie zit en het lukt biologisch, dan is het er zo. Maar als je queer bent en een relatie hebt met iemand van hetzelfde geslacht, komt er meteen een heel pakket aan vragen en constructies bij kijken. Dat vind ik soms pijnlijk. Ik merk dat mijn route naar ouderschap er anders uitziet.’
Ook binnen de queercommunity ziet hij dat iedereen zijn eigen weg moet zoeken. ‘Ik heb veel queer vrienden en zie hoe zij het doen. Het kost meer tijd, meer geld en meer mentale energie. Mensen zeggen vaak tegen mij: ‘Als je zó graag een kind wilt, dan begin je toch een relatie met een vrouw?’ Dat is erg kort door de bocht, want zo simpel is het niet.’
Gesprekken die je liever niet voert
Het ingewikkelde zit niet alleen in praktische zaken, maar ook in de gesprekken die gevoerd moeten worden. ‘Wettelijk gezien kun je met twee mensen juridisch ouder zijn. Dus als twee mannen een kind willen krijgen en bijvoorbeeld co-ouderschap overwegen met een lesbisch stel, dan zijn er altijd mensen die rechten moeten inleveren. Dat zijn geen leuke gesprekken.’
Daarnaast moeten er afspraken worden gemaakt die heterostellen vaak niet hoeven te maken. ‘Je moet nadenken over wie biologisch ouder wordt, wie juridisch ouder is, wat er gebeurt bij een scheiding of overlijden, waar je woont en hoe de zorg wordt verdeeld. Het is emotioneel zwaar om dat allemaal vooraf te moeten regelen.’
En dan is het maar de vraag hoe het kind daadwerkelijk ter wereld komt. In Nederland is draagmoederschap nauwelijks toegankelijk. ‘Je mag er niet openlijk om vragen en ziekenhuizen helpen alleen als er een medische noodzaak is. Dat is bij queer mensen niet het geval, waardoor een grote optie tot ouderschap wegvalt.’
Lees ook: Draagmoederschap: wat mag en wat niet?
Veerkracht
Soms voelt het oneerlijk, geeft Dook toe. ‘Als queer persoon voel je je al snel een buitenstaander. Dan merk je dat het leven ook op dit vlak niet makkelijker is. Dat kan pijn doen.’
Hij heeft samen met theatermaker Kirsten van Teijn het BNNVARA-programma Huisje, boompje, error gemaakt. Dit bracht hem niet alleen nieuwe inzichten, maar zette hem ook in beweging. ‘Ik was eerst lamgeslagen door alle opties en moeilijkheden. Door de serie ben ik actiever geworden. Ik weet nu: ik wil het niet alleen doen.’
Niet alleen het programma, maar ook zijn omgeving geeft hem kracht. ‘Ik heb veel queer vrienden die hiermee bezig zijn of het al hebben gedaan. Ik heb ook veel mensen gesproken bij wie het wél is gelukt. Dat geeft hoop. Er is veel mogelijk, maar je moet er de mentale kracht voor hebben.’
Lees ook: Kraamwerk: ‘Er was geen kraamvrouw, maar ik heb toch ontbijtjes voor de twee vaders gemaakt.’
Hoop en richting
Ondanks de obstakels voelt Dook zich nu zekerder dan ooit over zijn toekomst. ‘In het begin was ik overweldigd door alle mogelijkheden en onmogelijkheden. Nu weet ik beter wat ik wil en hoe mijn ideale gezin eruitziet. Dat geeft rust.’
Van de beschikbare opties neigt hij steeds meer naar co-ouderschap. ‘Draagmoederschap zou fantastisch zijn, maar dat is een longshot. Adoptie valt voor mij af, dat traject is emotioneel en financieel zwaar. Co-ouderschap voelt voor mij het meest realistisch.’
De druk van de kinderwens is daardoor iets afgenomen. ‘Niet omdat de wens minder is, maar omdat ik er meer grip op heb.’
Lees ook: Jasper, Wilmer en Ilona zijn samen ouders van Mees (1): ‘Hij groeit op omringd door liefde’
Politieke verandering
Dook hoopt dat de maatschappij en politiek beter begrijpen hoe ingewikkeld het is voor queer mensen om een gezin te stichten. ‘Er zijn zoveel verschillende gezinssamenstellingen. Niet alleen queer, ook heterosamengestelde gezinnen hebben baat bij bijvoorbeeld een meerouderschapswet. Zoals stellen die scheiden en een nieuwe relatie krijgen en een samengesteld gezin vormen. Die kunnen ook veel hebben aan zo’n wet. Het gaat om veel meer mensen dan we denken.’
Volgens hem begint verandering bij bewustwording. ‘Pas als mensen de verhalen horen, realiseren ze zich hoe belangrijk het is. Dan gaan ze zich erover uitspreken.’
Toekomst
Wat heeft hij nodig van zijn omgeving? ‘Dat mensen zich uitspreken. Dat ze begrijpen dat dit geen luxeprobleem is, maar iets wat impact heeft op je leven. Door de serie merk ik dat mensen bewuster worden van het idee dat er eiceldonatie bestaat, dat er draagmoeders zijn en dat er verschillende manieren zijn om een gezin te vormen.’
Ondanks alles blijft zijn wens overeind. ‘Ik weet nog steeds zeker dat ik vader wil worden. Alleen de weg ernaartoe is anders dan bij de meeste mensen. Maar dat betekent niet dat het onmogelijk is.’