‘Ik wist eigenlijk altijd al dat ik moeder wilde worden. Al vanaf de basisschool. Ik wist nooit zo goed wat ik later wilde worden, wat voor opleiding of beroep ik wilde, maar dát wist ik wel. Alleen zei ik het niet hardop, want als kind merk je al: als je zegt dat je vooral moeder wilt worden, vinden mensen dat gek. Dus zei ik maar dat ik diepzeeduiker wilde worden. Dat klonk logischer.
Het was niet dat ik veel baby’s om me heen had. Ik heb wel een jonger broertje en zusje, maar voor mijn gevoel kwam die wens daar niet vandaan. Het zat gewoon al in mij. Vanbinnen voelde ik dat dit was wat ik wilde. Dat ik hier gelukkig van zou worden.
Lees ook: 17x dingen die je herkent als je ‘jong’ moeder bent geworden
Vooroordelen over jonge moeders
Toen ik zwanger raakte, was ik 21 jaar. Mijn vriend was 23. Ik was meteen heel blij, maar hij moest even schakelen, en dat snap ik ook. Je levert vrijheid in, je hele leven verandert. Bij hem duurde dat schakelen de hele zwangerschap en ook de eerste maanden daarna. Dat was best spannend. Maar op een gegeven moment zei hij ineens: ‘Het is eigenlijk heel leuk om vader te zijn’. En nu zegt hij: ‘Hier draait het om in het leven’.
Mijn ouders waren meteen enthousiast. Ze wisten dat ik graag kinderen wilde, al hadden ze het misschien niet zó vroeg verwacht. Iedereen ging meteen plannen en regelen. Wat ik merkte, is dat veel mensen anders naar je kijken als je op jonge leeftijd moeder bent geworden. Ze zeggen het niet altijd hardop, maar ik voel het meteen. Alsof ze denken: die is nog zo jong, die weet het allemaal niet zo goed. Alsof je automatisch extra tips nodig hebt. Alsof je nog moet leren hoe het werkt.
Terwijl iedereen die voor het eerst moeder wordt toch niks weet? Het is niet zo dat je op je 35e ineens alles beter begrijpt als je dan voor het eerst een kind krijgt. Wat lastig blijft, zijn de vooroordelen. Toen ik zwanger was, vroegen mensen serieus of de vader wel in beeld was. Alsof dat bij jonge moeders standaard niet zo is.
Lees ook: Shirley (29) heeft drie kinderen: ‘Mensen vragen zelfs of ze wel van dezelfde vader zijn’
Ongevraagd advies
De eerste keer moeder worden vond ik magisch. Dat moment dat je ineens een baby in je armen hebt en denkt: die zat net nog in mijn buik. Dat dit ons kind is, waar wij voor mogen zorgen. Tegelijk vond ik het ook intensiever dan ik had gedacht. Hij wilde de hele tijd opgetild worden. Nooit liggen. Dat snap ik nu goed, want in mijn buik was hij ook altijd bij me. Vóór de bevalling dacht ik: ze slapen even, spelen even, drinken even, en dan gaan ze weer slapen, maar dat bleek anders te gaan.
Ik hou niet van laten huilen, dat past niet bij mij. Dus als hij huilde, tilde ik hem op. Dan kreeg ik altijd meteen ongevraagd advies: nee, je moet hem gewoon laten liggen. Maar ik wilde dat niet, zeker niet in dat eerste halfjaar. Baby’s hebben die nabijheid nodig. Met onze tweede werd het makkelijker. Zij vermaakt zichzelf beter, en ik merk dat ik zelf steviger ben geworden. Vóór ik moeder werd, was ik meegaand. Nu denk ik: mijn kinderen zijn belangrijk en ik mag daar voor gaan staan.
Lees ook: Je baby in bed laten huilen of niet? Advies van een orthopedagoog
Ben ik nog wel leuk genoeg voor mijn vriendinnen?
Toch doet het soms iets met me, vooral bij vriendinnen. Ik vraag me dan af: ben ik nog wel leuk genoeg nu ik altijd de kinderen meeneem? Vroeger ging ik vaker uit, nu bijna niet meer. Soms mis ik dat. Niet het uitgaan zelf, maar dat ik nu vooral moeder ben en weinig tijd heb voor mezelf.
Tegelijk weet ik: dit is een fase. Mijn vriendinnen zijn geduldig. Ze vinden het gezellig met de kinderen erbij. En ik weet dat het later weer verandert. Ik ga binnenkort weer studeren. Wat meer ruimte voor mezelf.
Een boodschap aan jonge moeders
Als ik terugkijk naar dat meisje dat al zo vroeg moeder wilde worden, vind ik dat eigenlijk heel mooi. Dat ik dat toen al wist. Dat het niet iets was van dat komt later wel, maar iets wat echt bij me hoorde. Ik had een duidelijk beeld, een duidelijk gevoel. Ik zou willen dat jonge meisjes dat vaker hardop durven zeggen. Dat iemand gewoon durft te zeggen: ik wil later moeder worden, en dat dat leuk gevonden wordt. Niet vreemd. Niet iets waar meteen een oordeel over is.
Wat ik hoop is dat jonge moeders zich gezien voelen. Dat ze denken: het mag. Het is niet gek. Je mag op jonge leeftijd moeder worden. Je mag het op jouw manier doen.
En tegen andere jonge moeders die zich niet serieus genomen voelen, zou ik zeggen: laat mensen praten. Zeg maar: ‘Oh ja, goed idee!’, en doe daarna gewoon wat voor jou goed voelt. Want uiteindelijk weet jij het best wat jouw kinderen nodig hebben.’