Noëlle was nog nooit ongesteld geweest, toen ze 18 jaar was stuurde haar huisarts haar door naar het ziekenhuis voor een MRI. Natuurlijk had ze zelf alvast opgezocht wat het zou kunnen zijn. Ze las iets over het MRKH-syndroom. ‘Maar daar worden maar ongeveer vier meisjes per jaar mee geboren. Ik had nooit gedacht dat ik er daar één van zou zijn.’
Roddel
Alsof dat nog niet erg genoeg was, werd Noëlle het gesprek van de dag. ‘Ik ben altijd heel open geweest over de situatie en had het nieuws gedeeld met een klein groepje. Uiteindelijk werd het een soort roddel en stond ik bekend als het meisje zonder baarmoeder. Toen heb ik mijn hele verhaal op Facebook gedeeld, daarna heb ik er nooit meer iets over gehoord.’
Als Noëlle een paar jaar later Ferri ontmoet, verzamelt ze alle moed om hem te vertellen over haar diagnose. ‘Bleek dat hij het ooit al had gelezen. Hij zei: ‘Hè hè, je begint er eindelijk over. Ik wist het al.’
Lees ook: Draagmoederschap anno nu: een steeds meer geaccepteerde vorm van ouderschap?
Een andere weg naar ouderschap
Ze wisten: als ze ouders wilden worden, zou dat via een andere weg moeten. ‘De wens was om via een draagmoeder een kind te krijgen.’ Ze waren nog maar 20 jaar en richtten ze zich op samenwonen, reizen en andere leuke dingen. ‘Maar we wisten dat onze weg meer voorbereiding nodig had.’
Via de Facebookgroep ‘Zwanger voor een ander’ voor wensouders en draagmoeders oriënteerde ze zich op het onderwerp. Ze bezochten bijeenkomsten, spraken met andere stellen en lazen ervaringsverhalen.
De wetgeving rondom draagmoederschap is in Nederland streng. Tijdens gesprekken met een advocaat kwam een optie ter sprake die ze zelf nog niet hardop hadden uitgesproken: haar eigen moeder. ‘We hadden nooit gedacht dat dat een mogelijkheid zou zijn’, zegt Noëlle. ‘Maar mijn moeder had altijd gezegd: als ik het had kunnen doen, had ik het gedaan.’
Lees ook: Draagmoederschap: wat mag en wat niet?
Je eigen moeder als draagmoeder
In Nederland is de maximale leeftijd voor een draagmoeder 45 jaar, maar hun advocaat wees hen op de wet- en regelgeving in Cyprus. ‘In Nederland is het eerder gebeurd via deze weg.’ Haar moeder was meteen om. ‘Ze riep: ‘Ik doe het! Ik haal mijn spiraal eruit en we gaan ervoor.’ Ook haar twee zussen, broer en vader waren een grote steun en dachten mee.
Ferri vond het spannender. ‘Hij wilde vooral zeker weten dat het medisch veilig was voor mijn moeder en dat het niet te zwaar voor haar zou worden.’ Er volgden uitgebreide onderzoeken. Toen bleek dat haar moeder gezond was en geschikt om de zwangerschap te dragen, verdween zijn terughoudendheid.
In Cyprus werden ze goed geholpen. ‘We konden altijd contact opnemen met onze contactpersoon, ook al was het ’s avonds laat. Dat voelde vertrouwd.’
Een positieve zwangerschapstest
Na de eerste terugplaatsing begon het wachten. ‘Het waren twee weken waarin alles stil leek te staan.’ Drie dagen voor de officiële testdatum besloten ze te testen. ‘We twijfelden even, maar deden het.’ Het tweede streepje verscheen vrijwel meteen.
‘We hebben elkaar vastgepakt. Het was zo’n mooi moment.’ Ferri wist op dat moment nog van niets. ‘Ik was al babykleding aan het shoppen, dus toen hij babykleding zag liggen, dacht hij dat ik me weer had laten gaan. Maar Ferri is een enorme fan van Feyenoord en toen hij het pakje van Feyenoord zag, wist hij genoeg.’
Lees ook: Zwangerschapstest: wanneer testen en welke soorten zijn er?
Nooit de schopjes
Ondanks alle euforie en de roze wolk is er ruimte voor Noëlles verdriet. ‘Het draagmoederschap geeft ons een mogelijkheid, maar neemt de pijn niet weg. Ik zal nooit de schopjes zelf in mijn buik voelen. Ik zal nooit weten hoe het écht is om zwanger te zijn.’
Met haar partner praat ze veel. ‘Voor hem is het soms ingewikkeld dat het mijn moeder is. Dat maakt het extra kwetsbaar. Maar we kunnen daar open over zijn. Ferri en ik kunnen goed praten samen en dat is belangrijk.’
Verwachtingen en grenzen
Vanwege het draagmoederschap en haar leeftijd wordt moeder Angela extra gemonitord in het ziekenhuis. ‘In eerste instantie dacht ik dat ze eerder ingeleid moest worden of dat er een keizersnede geadviseerd zou worden, maar omdat mijn moeder al vier zwangerschappen heeft voldragen, is dat niet zo.’
Hoe ze de bevalling precies voor zich zien, weet Noëlle nog niet. Daarbij krijgen ze hulp van een counselor die gespecialiseerd is in draagmoederschap. ‘We willen alles rondom de bevalling en de kraamweek goed regelen. Niet alleen medisch, maar ook emotioneel. Zeker voor mijn moeder.’
Voor de zwangerschap vulden ze afzonderlijk een draagmoederchecklist in en bespraken ze verwachtingen en grenzen. ‘Maar nu het zover is, willen we daar professionele begeleiding bij. Zeker in de kraamweek, als de baby straks geboren is. Dat is zo’n kwetsbare overgang.’
Lees ook: Wat doet een kraamverzorgende (en wat niet)?
Niet moeder, maar ook niet oma
Voor Noëlles moeder voelt de zwangerschap onwennig. ‘Ze heeft vier zwangerschappen voldragen, maar voelt zich extra verantwoordelijk. Haar rol voelt onduidelijk. Ze voelt zich niet de moeder van het kind, maar ook niet de oma. Dat is logisch, zeker in het vroege stadium van de zwangerschap.’
Aan de hechte band die Noëlle met haar moeder heeft, is niets veranderd. ‘We wonen vijf minuten bij elkaar vandaan en als ik straks de schopjes wil voelen, kruip ik bij mama in bed.’
De babybubbel
Noëlle probeert in haar bubbel te blijven: een kinderwagen uitzoeken, kleertjes shoppen en nadenken over praktische zaken. Haar zusjes zijn al druk met het organiseren van een babyshower.
‘Het delen van mijn verhaal helpt me erg. Hoewel veel mensen het niet begrijpen of het misschien raar vinden, stroomt mijn inbox vooral vol met jonge meisjes die dezelfde diagnose hebben gekregen. Ons verhaal geeft hoop. En als ik voor één iemand het verschil kan maken, is dat genoeg.’