‘Met 35 weken bleek de baby in stuit te liggen, met de voetjes naast haar hoofd. Er zijn twee draaipogingen gedaan, maar die lukten niet – ze was al te ver ingedaald. Er zat geen beweging meer in. Ook in het ziekenhuis kregen ze het niet voor elkaar.
Er zijn weinig positieve verhalen over stuitbevallingen. Niet ieder ziekenhuis of elke zorgverlener heeft er voldoende ervaring mee, waardoor soms wordt aangeraden om voor een keizersnede te gaan omdat dat minder risico geeft. Ik heb altijd de wens gehad om een zwangerschap en een bevalling mee te maken, dus toen ze in stuit lag, dacht ik: deze kans ga ik missen.
Geen risico
Gelukkig heeft het ziekenhuis me veel vertrouwen gegeven dat een stuitbevalling heel goed mogelijk is. Als je kijkt naar de percentages, is het risico minimaal: bij een normale bevalling is er 0,05 procent kans op zuurstofgebrek, en bij een stuitbevalling is dat 0,1 procent.
Ze hielden me goed in de gaten, op elk moment zouden ze ingrijpen als het niet zou lukken. Dat gaf een gevoel van veiligheid: ik nam geen risico. Ook de gynaecoloog noemde het geen complicatie, maar een ‘variatie op normaal’. Je kan prima bevallen als de ligging gunstig is.
Lees ook: Gynaecoloog Marjon de Boer over de stuitbevalling: vaginaal bevallen of een keizersnede?
Spontaan begonnen
Normaal doe je een groot deel van de bevalling thuis, maar ik moest meteen naar het ziekenhuis gaan als de bevalling zou beginnen. Ik liep een week over tijd en ben een keer gestript, maar dat zette niets in gang.
Uiteindelijk begon het met 41+1 weken spontaan. Eerst leek het vals alarm: om 22.00 uur waren we in het ziekenhuis, maar we mochten weer naar huis omdat het niet doorzette. Om 01.00 uur waren we weer thuis.
Pijnlijke rugweeën
Daar ben ik onder de douche gaan staan, dat gaf een goede zet in de rug. Om 02.00 uur lag ik in bed om nog een beetje rust te pakken, maar de weeën zetten door. Ik had erge rugweeën, die tussentijds niet afzwakten. Ik raakte in paniek, ik bleef hangen in de pijn. Mijn vriend stelde me gerust: we bekijken het stap voor stap.
Om 05.00 uur gingen we naar het ziekenhuis. Ik bleek 5 centimeter ontsluiting te hebben. De rugweeën bleven heel pijnlijk – de verloskundige probeerde tegendruk te geven, maar dat hielp niet veel. Toen dacht ik wel even: wáárom wilde ik dit ook alweer? Het was zeer waarschijnlijk dat ik ook weeënopwekkers zou krijgen, omdat ze niet wilden dat de ontsluiting zou stagneren.
Lees ook: Ireens bevallingsverhaal: ‘Veertien uur lang bleef ik op 4 centimeter hangen’
Ruggenprik
Rond 07.30 uur heb ik een ruggenprik gekregen. Toen had ik weer het gevoel: dit kan ik. Ik had weer rustpauzes om op adem te komen. Ik voelde wel weeën, maar ik hoefde ze niet weg te puffen.
Tot 15.00 uur heb ik op bed gelegen, dat was heel rustig en zelfs gezellig. Ik had tijd om te kletsen met mijn vriend, en de verpleegkundige kwam vaak langs om even een praatje te maken. Er waren ook twee artsen in opleiding aanwezig. Zij vonden dit een leuke ervaring, en dat snapte ik wel.
Misschien toch een keizersnede
Om 15.00 uur stagneerde de ontsluiting bij 7 centimeter. Dat kon komen doordat de baby de draai niet goed kon maken. Misschien zou het nu toch een keizersnede moeten worden. De weeënopwekkers stonden al die tijd op een lage stand.
Zolang het kind het goed bleef doen, konden we het langzaam ophogen. Dat wilde ik graag, en de gynaecoloog was het daarmee eens. En dat hielp: om 16.00 uur had ik volledige ontsluiting, en om 16.30 uur mocht ik gaan persen.
In één keer door
Ik heb 45 minuten in verschillende houdingen geperst. Op handen en knieën is de beste methode bij een stuitbevalling, omdat ze dan de meeste ruimte hebben om de draai te maken.
Verder is het in principe hands-off: als de billen geboren zijn, mag de baby niet aangeraakt worden omdat hij dan kan schrikken van aanraking en kou. Ik moest in één keer door, zeiden ze, wee of geen wee, tot ze helemaal is geboren.
Lees ook: Nathalies bevallingsverhaal: ‘Iedereen was enthousiast: yes, een stuitbevalling’
Ik voelde niet heel duidelijke weeën, maar ik kon wel meepersen. Zodra haar billen waren geboren, moest ik een hap lucht nemen en persen. Ik nam geen moment rust.
Met zes keer persen is Cato geboren. De gynaecoloog zei dat ze nog niet vaak gezien had dat je zo door kon gaan. De meeste vrouwen zijn op dat punt uitgeput en nemen iets meer rust. Maar ik had mijn ogen op de finish: ze moet zo snel mogelijk geboren worden. Dat was gelukt. Ik voelde trots en opluchting: ik heb het voor elkaar gekregen.
In de regie
De kamer stond vol: er was een gynaecoloog, twee arts-assistenten, een verpleegkundige en een verpleegkundige in opleiding. Ik werk zelf in het ziekenhuis als physician assistant, dus ik vind dat van toegevoegde waarde: hoe meer ervaring er wordt opgedaan, hoe beter.
Het is rustig en in overleg gegaan. Wij waren in de regie, en werden ondersteund in onze keuze. Het voelde als een veilig vangnet. Toen de ontsluiting stagneerde bij 7 centimeter en de keizersnede een optie werd, vroeg mijn vriend hoe ik dat zou vinden. Daar had ik vrede mee gehad, zei ik – omdat we dan alles eraan hadden gedaan. De ruggenprik vond ik wel jammer, maar daardoor heb ik energie kunnen sparen om het succesvol te laten zijn.
Nachtje blijven
Toen Cato werd geboren, had ze in de eerste minuut een Apgar-score van 7: ze was helemaal wit. Maar ik zag dat ze het goed deed. Ze had in het vruchtwater gepoept, dat gebeurt vaak bij een baby in stuit in verband met de druk op het buikje. Daarom moesten we een nachtje blijven, maar dat vond ik juist wel fijn. De volgende dag konden we om 10.00 uur lekker naar huis.’
Geboren!
Naam: Cato
Datum: 17-11-2025
Gewicht: 3180 gram
Meer bevallingsverhalen lezen? We publiceren iedere woensdagochtend een nieuwe. Eerdere bevallingsverhalen lees je terug in het dossier Bevallingsverhalen. Wil je geïnterviewd worden over jouw bevalling? Mail oproep@oudersvannu.nl