Voor oudersPersoonlijke verhalen

Nikita (25) vond een donor op Facebook: ‘Ik wist al jong dat ik moeder wilde worden, maar wel op mijn manier’

Nikita (25) vond een donor op Facebook privé
privé
Leestijd 6 minuten
Lees verder onder de advertentie

‘Als er ergens een baby was, zat ik er als kind bovenop. In de kinderwagen, op schoot bij iemand, naast een wiegje. Vanaf mijn 14e wist ik eigenlijk al: mijn grootste droom is moeder worden. Alleen wel op mijn manier.

Ik zei altijd tegen mezelf: het maakt niet uit hoe oud ik ben, zolang ik mijn zaakjes maar op orde heb. Een baan. Een eigen huis. Een auto. Dat ik een kind kan onderhouden. Dat ik niemand nodig heb om het te redden. Terwijl andere pubers stiekem stonden te roken achter het fietsenhok, dacht ik: ik moet het goed geregeld hebben.

Lees meer: Suzanne (21) werd op haar 17e ongepland zwanger, nu heeft ze twee kinderen: ‘We groeien samen op’

Lees verder onder de advertentie

Een toekomstplan

Ik ben ook nooit echt een type geweest voor uitgaan. Ik heb het één maand geprobeerd, of ik het leuk vond. Dat was precies toen de lockdown werd opgeheven en alles tot één uur ’s nachts mocht. Perfect voor mij. Om twaalf uur wilde ik normaal altijd slapen. Na die maand was ik er weer klaar mee.

Vanaf mijn 18e schreef ik babynamen op. Als ik ergens een mooie naam hoorde, ging hij op mijn lijstje. Ik werkte in de zorg, in de kraamzorg, op de neonatologie in het Erasmus. Ik paste veel op. Ik was altijd met kinderen bezig. Ik wist wat er allemaal bij kwam kijken. Ik wist ook: dit wil ik.

Toen ik 24 was, ben ik het donortraject gaan uitzoeken. Ik woonde al op mezelf, had een baan, een auto. Alles stond eigenlijk al. Precies zoals ik het vroeger had bedacht. Alleen: zo’n klinisch traject bleek gigantisch duur. Soms betaal je 1600 euro voor één buisje. En dan nog opslag, behandelingen, alles erbij. Dat had ik gewoon niet.

Lees verder onder de advertentie

Lees meer: Geen huis, wel een baby: Jennifer (23) en haar gezin wonen bij haar ouders en schoonouders

Facebookgroep

Via TikTok kwam ik bij een vrouw terecht die haar hele traject deelde. Zij gaf tips over donatie via een Facebookgroep waar donoren zich aanbieden. Geen kosten, behalve misschien reiskosten. Ik heb me aangemeld, een stukje over mezelf geschreven, en kreeg reacties.

Eén bericht sprong eruit, het was geen standaardregeltje van ‘Ik sta open voor donatie’, maar een heel verhaal. Over wie hij was, over waarom hij dit deed. Zijn moeder had zelf een zwaar traject gehad voor een tweede kind. Hij vond het belachelijk dat dromen zoveel geld moesten kosten. Hij wilde gewoon helpen.

Lees verder onder de advertentie

We gingen praten, appen en afspreken. Ik wilde hem in het echt zien, weten wie hij was en hoe hij in elkaar zat. Het voelde goed. We stelden samen een contract op, heel duidelijk en zonder grijze gebieden: hij geen voogdij, geen geld, geen foto’s. We spraken af dat mijn dochter vanaf haar 16e zelf contact mag zoeken, als zij dat wil. Dat vind ik belangrijk. Dat zij later zelf mag kiezen.

Een streep op de test

In januari vorig jaar begon ik met insemineren, maar de eerste twee keer liep het op niks uit. Toen besloot ik om het maar los te laten. Ik wist: het kan zomaar een jaar duren, dat is normaal.

In maart voelde ik me op een zondag ineens anders. Ik zat op de bank en dacht: ik ga toch even testen. Niet eens met ochtendurine, en het was natuurlijk ook veel te vroeg.

Lees verder onder de advertentie

Ik keek naar de test en dacht: hè? Zie ik nou een lijn? Ik stuurde een foto naar de barvrouw bij de voetbal. Daar had ik de dag ervoor mee achter de bar gestaan van de sportkantine. Zij wist van mijn traject. ‘Nee, echt hoor’, zei ze. ‘Ik zie een streep.’

Lees meer: Eenoudergezin: ‘Niet slechter of beter, maar gewoon anders’

Thuis vertellen

Mijn ouders waren op vakantie. Ik wilde het niet via videobellen vertellen, dus ik wachtte tot ze terug waren. Ik had een schoenendoos klaargezet, met daarin een nijntjeboekje, een speen, een knuffeldoekje en de test. Ik zei tegen mijn moeder dat ik schoenen had besteld die te klein waren, of zij ze niet wilde hebben.

Lees verder onder de advertentie

Mijn moeder maakte de doos open, keek even en gaf hem aan mijn vader. Die pakte de test eruit. ‘Is het een meisje?’, zei hij, omdat het dopje roze was. We moesten allemaal lachen. En daarna werd het stil. Mijn moeder kreeg tranen in haar ogen.

Trotse ouders

Mijn vader begon meteen vragen te stellen. Hoe ik het had geregeld. Of ik er goed over had nagedacht. Ik kon ze allemaal goed beantwoorden. Ik voelde: nu begrijpen ze dat ik hier niet impulsief in ben gestapt, dat dit een doordacht plan is. Ze waren vanaf dat moment alleen maar trots en enthousiast.

Rond de dertig weken zagen ze iets op de echo. Een zwart rondje. Een cyste. Niemand wist precies wat het was. Ik kreeg binnen een week een afspraak in het ziekenhuis bij een specialist. Die week voelde eindeloos. Je denkt: wat als het fout zit? Wat als ik straks hoor dat er iets mis is?

Lees verder onder de advertentie

Uiteindelijk bleek alles goed te zijn. Maar die weken vergeet ik nooit. Dat was voor het eerst dat ik echt voelde: hier kan ik geen controle op uitoefenen.

Lees ook: Prenatale screening: hierop wordt je baby onderzocht

Nooit alleen

Mensen vragen me weleens: voelde je je nooit alleen in dit hele traject? Dan moet ik altijd een beetje lachen. Ik ben nooit alleen geweest. Ik woon alleen, ja. Dat is iets anders. Ik hoor zoveel mensen om me heen die ruzie hebben met hun partner, mensen die uit elkaar gaan en hun kind steeds moeten overdragen. En dan denk ik: wat ben ik blij dat ik dit op mijn manier heb gedaan.

Lees verder onder de advertentie

In de kraamweek sliep mijn moeder een paar nachten bij me. Gewoon als back-up. Verder ging het vanzelf. Mijn dochter slaapt door sinds vijf weken. Ze spuugt niet. Drinkt alles leeg. Ik had me op het ergste voorbereid. Reflux. Huilbaby. Drama. Niks. Ze is vrolijk. Sociaal. Wil overal bij zijn. Net als ik vroeger. Niet willen slapen omdat het te gezellig is.

Voor haar

Ik had me op van alles voorbereid. Op slapeloze nachten, op onzekerheid, op het gevoel dat ik het misschien niet zou kunnen, maar tot nu toe voelt het vooral alsof alles op zijn plek valt. Ik weet wat ik wil, ik zoek dingen uit, ik regel het. Dat heb ik altijd gedaan. En nu doe ik dat voor haar.’