Voor ouders

Hoeveel dagen opvang is ideaal? Expert: ‘Drie dagen opvang? Dat is echt niet te veel’

Hoeveel dagen opvang is ideaal?
Adobe Stock
Leestijd 6 minuten
Lees verder onder de advertentie

De kinderen van Pauline en haar partner (2 jaar en 7 maanden) gaan twee dagen naar de opvang. Na de zomer gaan ze een dag extra: drie dagen dus. ‘Dat voelt als veel,’ verzucht ze. Als te veel, als ze eerlijk is, vooral omdat de jongste nog zo klein is.

‘Maar wat moeten we dan? We hebben maximaal gebruikgemaakt van verlofregelingen, we werken allebei vier dagen en hebben geen opa’s en oma’s in de buurt die een dag per week kunnen oppassen.’

Omdat ze weet dat haar kinderen het er goed hebben en samen zijn, staat ze achter het besluit. En toch knaagt het, want in haar hoofd blijft drie dagen te veel. Vooral omdat de kinderen van mensen in haar omgeving minder vaak gaan.

Lees ook: Anneclaire (36) emigreerde met haar gezin naar Zweden: ‘Drie ochtenden per week opvang kost hier bijna niks, inclusief eten’

Onderbuik

Haar gevoel sluit aan bij de onderbuik van Nederland. Want ‘we’ vinden er inderdaad iets van als maatschappij. Uit de Emancipatie Monitor (2024) blijkt dat een minderheid (ruim een derde van de bevolking van 16 jaar of ouder) het goed vindt dat een baby twee of drie dagen per week naar een kinderdagverblijf gaat. Die mening kantelt als kinderen ouder worden: voor 1-jarigen vindt 57 procent het prima, 75 procent gelooft zelfs dat het goed is voor peuters.

Lees verder onder de advertentie

Marleen, moeder van twee (inmiddels 9 en 6 jaar oud), herkent dat. Zij en haar vriend kiezen bewust voor vier dagen opvang. Nu gaan ze naar de BSO, daarvoor sinds baby af aan naar een kinderdagverblijf. ‘We hebben altijd een fijne opvang gehad waar ze met plezier naar toe gaan, regelmatig was het een strijd om ze mee naar huis te krijgen.’ Ze kreeg er opmerkingen over. Mensen vonden het zielig of zeiden “wie voedt de kinderen nou op?”

Maar is het ook echt goed of slecht? Je kroost naar de opvang brengen is in Nederland in ieder geval bepaald geen taboe: bijna driekwart (72 procent, bron: CBS) van de 0 tot 3-jarige kinderen gaat wekelijks minstens een uur per week naar een vorm van “formele” kinderopvang - dat kan een kinderdagverblijf zijn, maar ook een gastouder of ouderparticipatiecrèche. Gemiddeld gaan ze twee dagen per week.

Lees ook: Gastouder, BSO, kinderdagverblijf: welke soorten kinderopvang zijn er?

Lees verder onder de advertentie

‘Eén dag is geen dag’

‘Eén dag is geen dag, wordt weleens gezegd,’ begint Ruben Fukkink. Hij is lector Pedagogiek aan de Hogeschool van Amsterdam en bijzonder hoogleraar kinderopvang aan de Universiteit van Amsterdam. De reden: kinderen die één dag gaan, moeten langer wennen en bouwen geen basis op.

Daarnaast staan de kinderen die één dag in de week gaan, het ontstaan van stabiele groepen in de weg. ‘Je hebt dan geen vaste gezichten in de groep kinderen, waardoor het moeilijker wordt om vaste vriendjes te krijgen en patronen te herkennen en die eigen te maken,’ zegt hij.

Twee tot drie dagen

Volgens Fukkink kiezen veel Nederlandse ouders, net als Pauline en haar partner dus, voor twee tot drie dagen opvang. Hij geeft ze groot gelijk, want in die context zijn positieve effecten gevonden. Een groot, recent onderzoek in Europese landen (waaronder Nederland) toont aan dat het effect van kinderopvang gunstig is.

Lees verder onder de advertentie

Kinderen die naar de opvang gaan hebben tijdens het opgroeien minder last van druk, onaangepast en confronterend gedrag, depressieve gevoelens, angsten en fobieën. Ze hebben er zelfs baat bij in hun latere leven.

Dagopvang is leerzaam

Ze leren veel op een dagopvang. Volgens het Nederlands Jeugdinstituut (NJI) ontwikkelen kinderen sociale vaardigheden door met andere kinderen te spelen en samen te werken. Door rekening te houden met elkaar, ruzie te krijgen en weer op te lossen en voor zichzelf op te komen.

Het leert ze hun eigen gedrag en dat van een ander beter kennen. Daarnaast worden kinderen er uitgedaagd om te ontdekken, te oefenen, geduld te hebben en door te zetten.

Lees verder onder de advertentie

Voordelen te over dus. Fukkink is dan ook een voorstander van de keuze voor dagopvang. ‘Eén dag is beter dan geen dag,’ zegt hij. Al leveren twee of drie dagen dus meer positieve effecten op.

Lees ook: Dit is waarom kinderen op het kinderdagverblijf vaak wél goed eten

Kan een kind ook te vaak gaan?

Marleens kinderen waren vaker bij de dagopvang dan de meeste kinderen in Nederland. Volgens Fukkink is er weinig bekend over de effecten van een relatief hoog aantal dagen opvang.

Lees verder onder de advertentie

‘Alleen in Amerikaans onderzoek van begin deze eeuw is een licht negatief effect gevonden bij kinderen die vaak (35 uur per week) gaan.’ Ze zouden iets meer “externaliserend probleemgedrag” vertonen. Tegelijkertijd zorgde het onderzoek voor discussie, want kwam dit gedrag nou door te veel opvang, of te weinig thuis zijn bij de opvoeders, of beide?

Volgens de expert valt dagopvang met de kwaliteit van de plek waar kinderen naartoe gaan. Daarbij kun je denken aan vaste, geschoolde leidsters, vaste groepen en het pedagogisch beleid. Dat is volgens hem belangrijker dan of een kind, twee, drie of vier dagen gaat.

Baby’s versus peuters

Toch zijn er ook kritische geluiden, over opvang als het gaat om kinderen van onder de 1,5 jaar. Nederlands onderzoek wijst uit dat deelname aan kinderopvang voor die groep risico’s voor de ontwikkeling met zich mee kan brengen. Deze risico’s zijn groter wanneer de kwaliteit van de opvang lager is.

Lees verder onder de advertentie

Fukkink zegt er het volgende over: ‘Allereerst, voor alle kinderen - jong en ouder - geldt dat de kwaliteit van de opvang op orde moet zijn. Dat is veel onderzocht en blijkt een robuuste voorspeller van de ontwikkeling van kinderen, zowel cognitief als sociaal-emotioneel.’ Hoe hoger de kwaliteit, hoe groter de positieve effecten in de basisschoolperiode tot het bereiken van de 18-jarige leeftijd.

Meer positieve effecten

Volgens Fukkink is het niet riskant om een baby naar de opvang te brengen. ‘Er zijn meer positieve effecten gevonden voor de oudere kinderen (peuters), dan voor de allerjongsten,’ weet hij. Maar, vult hij aan, dat betekent niet dat opvang voor jonge kinderen risicovol is. Het komt er vooral op neer dat kinderen meer profiteren als ze iets ouder zijn.

Zelf is hij voorstander van langer ouderschapsverlof voor kind en ouders, vanuit een gezinsperspectief. ‘Sommige ouders en kinderen hebben net iets meer tijd nodig voor een goede start. Daarom mag kinderopvang van mij later beginnen.’

Lees verder onder de advertentie

Lees ook: Alle soorten verlof rondom de zwangerschap: waar heb je recht op?

Het lijkt Pauline ook wel wat. Als er een langer ouderschapsverlof was, dan had ze daar maar al te graag gebruik van gemaakt. Maar hé, dat is er (nog) niet. Wel doen de woorden van Fukkink haar goed. Na de zomer brengt ze haar kinderen met een net iets beter gevoel drie dagen naar de opvang.

Delen: