Werken, zorgen, opvoeden, koken, wassen, opruimen en van alles regelen voor je kind. Als ouder voer je vaak allerlei taken tegelijk uit. ‘Het is veel, het is zwaar en je doet het vaak alleen’, zegt Smit.
‘Opvoeden was altijd al intensief, maar daarbovenop is de context veranderd. We leven in een hypernerveuze samenleving. De verwachtingen liggen hoger dan ooit: op school, op het werk en online. Veel ouders voelen dat en bij sommigen kan dat leiden tot een parental burn-out.’
Lees ook: Drie moeders over de mental load: ‘Ik dacht, dit kan ik niet mijn hele leven blijven doen’
Parental burn-out
Dat 39 procent van de ouders maandelijks klachten ervaart die passen bij parental burn-out, verbaast Smit niet. ‘Ze beschrijven extreme vermoeidheid, emotionele afstand tot hun kind(eren) en het gevoel continu in de overlevingsstand te staan.
Voor een kleine groep zijn de klachten ernstig. Toch heb ik zelden een ouder in de praktijk die zegt: ‘Ik heb een parental burn-out.’ Maar ik zie wel veel ouders die ertegenaan zitten. Ze vertellen bijvoorbeeld dat ze alleen maar stress voelen als ze thuis zijn. Of dat ze bij het thuiskomen na het werk denken: wat krijg ik nu weer op mijn bordje? Nog een vraag, nog een ruzie, nog iets dat geregeld moet worden.’
Altijd bezig
Smit vergelijkt het gezinsleven met een bedrijf dat nooit sluit. ‘Er is een neverending to-dolijst. De broodtrommels, het huiswerk, de sport, de speelafspraken, het gesprek met de leerkracht, de cadeautjes voor kinderfeestjes. Ik sprak laatst een moeder die ’s avonds pas rond half tien gaat zitten als alles thuis is opgeruimd. ‘Dan heb ik even tijd voor mezelf’, zei ze. Dat vond ik confronterend om te horen. Alsof er pas ruimte voor jezelf mag zijn als alles perfect is afgerond.’
Volgens Smit breekt het voortdurend aanstaan ouders op. ‘Normale vermoeidheid hoort bij het ouderschap, zeker in de tropenjaren. Maar zodra je batterij niet meer oplaadt, je ertegenop gaat zien om met je kinderen te zijn en de vermoeidheid alles overheerst, kom je in de gevarenzone.’
Lees ook: Ken jezelf: dit is hoe je een parental burn-out kunt voorkomen
Voortdurend beoordeeld
Een belangrijk deel van de druk die ouders ervaren komt volgens Smit door het systeem rondom gezinnen. ‘Zodra je kind naar school gaat, wordt hij gemonitord. Er is een leerlingvolgsysteem, inspectie, toetsmomenten, enzovoort. Allemaal met goede bedoelingen, maar het kan voor ouders voelen alsof hun kind voortdurend wordt beoordeeld.
Dit zie ik ook terug in mijn praktijk. Veel ouders voelen zich verantwoordelijk voor alles wat ‘afwijkt’. Als een kind niet stil kan zitten, te druk is of juist te teruggetrokken, ervaren ouders impliciet: wij hebben iets niet goed gedaan. Dat wordt zelden hardop gezegd, maar het hangt in de lucht. En dat geeft stress.’
Vraagschaamte
Een opvallend detail uit het rapport is dat 75 procent van de ouders het afgelopen jaar geen hulp bij de opvoeding kreeg. Toch maakt 41 procent zich wel zorgen over de opvoeding. De ouders die wel hulp vragen bij de opvoeding kloppen vaker aan bij professionals dan bij buren of vrienden.
Smit herkent dit. ‘Er heerst schaamte op het vragen van hulp. Het gezin is nog steeds het ideaalplaatje. Als het tegenvalt, wil je niet klagen. Op het schoolplein laten we bijvoorbeeld liever zien dat het goed gaat. En op sociale media zien we vooral de perfecte plaatjes. Hulp vragen voelt als zwakte. Terwijl opvoeden nooit bedoeld is om alleen te doen.’
Lees ook: Jamonique (36) kreeg een parental burn-out en heeft een boodschap aan andere moeders
Het systeem
Daar komt bij dat ook professionals overbelast zijn. Smit: ‘Gemeenten zijn verantwoordelijk voor jeugdhulp, maar kunnen de vraag nauwelijks aan. Wachtlijsten lopen op. Ik zie steeds vaker ouders die in principe alles in huis hebben om het goed te doen, maar toch vastlopen door de druk van deze tijd.
Soms denk ik: wanneer krijg ik de maatschappij op mijn spreekuur? Want vaak is er met de kinderen die ik zie niet zoveel mis. Ze passen alleen niet altijd even goed in het systeem.’
Alles is gepland
Wat kunnen ouders zelf doen als ze zich herkennen in uitputting en een parental burn-out? ‘Het klinkt simpel’, zegt Smit, ‘maar het begint bij het verlagen van de lat. Perfectionisme is een grote risicofactor. Veel ouders willen alles goed doen, maar vraag jezelf eens af: waar eis ik te veel van mezelf? Moet de huiskamer bijvoorbeeld altijd helemaal opgeruimd zijn? Moet je naast een fulltime baan en drie jonge kinderen echt nog een extra opleiding doen?
Wat zou je kunnen schrappen om meer ruimte in je overvolle agenda te krijgen? Niet alleen ouders, maar ook kinderen leven in een programma. School, sport, speelafspraken: alles is gepland. Terwijl verveling en rust juist zo belangrijk zijn.’
Lees ook: Mindfulnesstrainer weet de oplossing voor stress in het gezin, en die is makkelijker dan je denkt
Minister voor mentaal welzijn
Het rapport Ouders onder Druk pleit voor een ‘minister voor toekomstige generaties’: iemand die over ministeries heen het belang van kinderen en ouders bewaakt. Smit vindt dat geen gek idee. ‘Ouderschap raakt aan alles: werk, zorg, onderwijs, wonen. Nu is het versnipperd. Een minister die mentaal welzijn en ouderschap serieus neemt, zou kunnen kijken naar ouderschapsverlof, kinderopvang en de druk in het onderwijs.
Neem bijvoorbeeld Noorwegen en Zweden. In deze landen krijgen ouders langer ouderschapsverlof als ze een kind krijgen. Die eerste jaren van het ouderschap en het kind zijn zo bepalend. Maar toch moeten veel ouders in Nederland snel weer fulltime meedraaien.’
Ook rond schermgebruik en prestatiedruk zou beleid kunnen helpen. ‘We lopen vaak achter de feiten aan. Er is nu wel meer bewustwording waarom veel schermtijd niet wenselijk is, maar er zijn nog geen regels voor. Ik zou willen dat Nederland hierin meer vooroploopt.’
Geen individueel probleem
Ondanks de verontrustende cijfers in het rapport is Smit ook positief. ‘Er is ook veel veerkracht. Veel ouders vinden opvoeden mooi en betekenisvol. En er is meer openheid over mentale gezondheid dan tien jaar geleden.
Toch moet er wel echt één ding veranderen: we moeten stoppen met doen alsof uitputting een individueel probleem is. Het is een signaal dat het systeem schuurt. Als we investeren in ouders, investeren we in kinderen. En daarmee uiteindelijk ook in onze toekomst.’