Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

 
door

Kraamwerk: ‘De politie stormt het huis in en voert de vader geboeid af’

In de rubriek Kraamwerk lees je bijzondere verhalen uit de kraamzorg. Deze keer het verhaal van Yvette (54), die 25 jaar in de kraamzorg werkt. ‘In de trapkast vind ik zakjes vol pillen en poeders. Ik besluit me er maar niet mee te bemoeien.’

‘Het gezin waar ik deze week ga werken, vind ik op het eerste gezicht wat lastig in te schatten. Als ik aankom, tref ik de moeder, de baby en een zoon van negen. De vader is aan het werk. Het huis oogt slecht onderhouden en wat armoedig. Er zijn weinig spullen, maar wát er staat, is peperduur: een loeigrote en splinternieuwe televisie, de nieuwste Playstation.

Advertentie

Geen schoonmaakster

Op het aanrecht wacht mij de vaat van enkele dagen. Dat gebeurt vaker: met het idee dat de kraamzorg komt, stoppen sommige mensen volledig met het huishouden. Ik ben een keer bij de voordeur ontvangen met een emmertje sop en de mededeling dat de schoonmaakster voor die week was afgebeld. Toen ben ik langs de emmer en de vader naar binnen gestapt: “Dan is het maar goed dat je vrij bent.”

Verdachte zakjes

Hier vind ik het niet zo erg. De moeder oogt vermoeid, de vader is kennelijk druk en ik ga goedgemutst aan de slag om de boel aan kant te maken. Na de vaat jaag ik de stofzuiger door de woonkamer, terwijl de moeder boven even gaat liggen. De stofzuiger blijft onder de bank haken aan wat spulletjes die ik, zonder er acht op te slaan, op tafel zet: een bundeltje kleine plastic zakjes en een weegschaaltje. Als de moeder een uurtje later naar beneden komt, lacht ze wat ongemakkelijk. “O, ik zet dit wel even weg.” Prima, denk ik, en er gaat nog geen belletje rinkelen.

Politie aan de deur

Halverwege de middag gaat de bel. Ik doe open en tref tot mijn schrik twee agenten. Niets ernstigs, zeggen ze meteen, maar is meneer er toevallig? Nee, zeg ik, en dan neemt de kraamvrouw het gesprek over. Ze wil weten wat er aan de hand is. “Uw man wordt verdacht van drugsdealen,” zeggen de agenten na enig aandringen. “Wilt u hem vragen langs te komen op het bureau?” Ah, denk ik. Weegschaal, zakjes… Het is me ineens duidelijk.

Niks mee te maken

Waar ik zelf na dit bezoek wat sta te trillen, reageert de kraamvrouw uiterst kalm. Als haar vriend thuiskomt, geeft ze de boodschap door. “Ssst,” zegt hij geagiteerd, naar mij kijkend. Zijn vriendin kijkt hem cynisch aan. “Die was erbij toen de politie hier was, hoor.” Ik voel me geroepen om ook iets te zeggen. “Hé, als jullie ergens over willen praten…” Maar nee, zo maakt hij me meteen duidelijk. En hij heeft trouwens ook nergens iets mee te maken.

Pillen & poeders

De volgende dag ben ik weer vroeg bij het gezin. Net als gisteren ga ik stofzuigen en nu vind ik in de trapkast dezelfde zakjes, maar dan gevuld met pillen en poeders. Ik sta even te dubben wat ik moet doen, maar ja, het is mijn taak om te zorgen voor dit gezin en om in de gaten te houden of er goed voor de kinderen wordt gezorgd. Dat laatste is het geval, dus ik besluit me verder nergens mee te bemoeien.

‘Op vakantie’

Dat hoeft ook niet, blijkt nog geen twee uur later. Opnieuw de bel, opnieuw agenten, deze keer heel wat meer dan gisteren. Ze blijven ook niet wachten bij de voordeur, maar stormen door naar boven, waar de vader in bed ligt. Hij wordt geboeid afgevoerd in de politieauto. De zoon van negen kijkt niet op van de televisie, de kraamvrouw reageert onderkoeld. De rest van de dag hebben we het er niet over. Als ik de volgende dag kom, is de man niet terug. “Hij?” reageert de vrouw als ik er toch iets over zeg. “Hij is op vakantie.” Blijkbaar is het onderwerp niet langer bespreekbaar.’