Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

 

Moeder-van-drie Suzanne heeft long covid: ‘Mijn leven staat al een jaar stil’

In april 2021 testte Suzanne positief op corona, maar ze had geen klachten. Die kreeg ze pas na twee weken, en ze zijn nog steeds niet weg. Hoe is het om als moeder van drie jonge kinderen met long covid te leven?

Advertentie

Suzanne (34) is leerkracht van groep 3, getrouwd met Mark (36) en moeder van dochters Dewi (5), Neda (4) en Kes (2).

Positief getest

‘Het was net voor de meivakantie vorig jaar dat mijn stagiaire positief op corona testte. Ik vond het vooral zo sneu voor de kinderen in m’n klas. Ik wist dat er een aantal jarig waren, en nu moest iedereen in quarantaine.

Zelf had ik geen klachten, maar omdat ik met haar in contact was geweest, moest ik me laten testen. Dat ik een positieve uitslag kreeg, kwam toch nog als een verrassing, ik was zelfs een beetje overdonderd. Wat nu?

In isolatie

Mark en ik besloten vrijwel meteen dat ik in isolatie zou gaan. We waren alle twee nog niet aan de beurt geweest voor een vaccinatie en we hadden geen idee hoe deze situatie zich zou ontwikkelen. Het leek ons in elk geval niet handig om alle twee ziek te worden met drie kleine kinderen.

Advertentie

Zij moesten wel ook alle vier in quarantaine, maar onze slaapkamer werd mijn domein. We tilden een deel van onze boxspring in een andere kamer waar Mark zou gaan slapen, en zo had ik nog best een beetje ruimte voor mezelf.

Geen afleiding

Mijn hele tijd in isolatie werd ik niet ziek, maar ik had het wel zwaar. Ik miste niet alleen het fysieke contact met mijn kinderen en man, het was ook nogal een overgang van altijd rennen en vliegen naar ineens helemaal niets. Zat ik daar, alleen met mijn gedachten.

Het leek me altijd zo lekker om even tijd voor mezelf te hebben, maar ik vond het vies tegenvallen. Ik begon te malen en voelde me eenzaam. Ik deed wel elke dag work-outs via YouTube en lag uren in bad, maar verder totaal geen afleiding hebben vond ik vreselijk.

Daarnaast voelde ik me schuldig naar m’n kinderen toe omdat ze door mij in quarantaine zaten. En ik bleef maar denken dat ik er toch ook een beetje van moest genieten, terwijl dat niet lukte. Kortom, mijn hoofd draaide overuren die zes dagen.

Advertentie

Stiekeme toeschouwer

De kinderen gingen supergoed om met de situatie. Ze vermaakten zich prima met Mark en bouwden hutten in de kamer, speelden bordspelletjes of haalden een frisse neus in de achtertuin. Ze wilden wel graag naar me toe, maar waren vooral nieuwsgierig, niet verdrietig.

Zo nu en dan werd ik verrast met een tekening die onder de deur door werd geschoven of stonden ze ‘stiekem’ om het hoekje van de deur te kijken als ik weer eens jumping jacks stond te doen.

In beweging

Het was fijn om in beweging te blijven. Normaal sportte ik drie keer in de week, ging ik er veel op uit met de kinderen en stond ik twee dagen voor de klas.

Ik had een dag ouderschapsverlof om de eerste jaren van de meiden veel bij ze te kunnen zijn. Dat ik door de gevolgen van corona juist in deze belangrijke periode van hun leven vrijwel niets voor ze kan doen, had ik toen nog niet kunnen bedenken.

Alles draaide

Het afzonderen heeft geholpen, want geen van hen heeft corona gekregen. Het klinkt misschien dramatisch, maar ik sloot toen m’n isolatie erop zat de kinderen huilend van geluk weer in m’n armen. Ik was zó blij dat alles weer normaal was.

En daar hebben we welgeteld twee dagen van kunnen genieten. Tijdens een fijne wandeling met z’n allen renden de kinderen voor me uit en suisde de wind langs m’n oren. Genieten. Maar van het ene op het andere moment leek het alsof m’n hoofd in een dikke mistwolk was beland. Ik hoorde alles gedempt en de wereld om me heen begon een beetje te draaien.

“Wacht even,” zei ik tegen Mark. Ik moest echt even stil gaan staan om dit gekke gevoel in m’n hoofd weer te laten wegtrekken. Mark keek me bezorgd aan. Vast een beetje overprikkeld na al die tijd zonder drukte, dacht ik.

Gekke klachten

Maar daarna wist ik dag in dag uit niet waar ik het moest zoeken door de drukte. Een op de grond kletterende beker deed me al in elkaar krimpen. Het enige wat ik wilde was vluchten naar een stille, donkere kamer. Wat was er met me gebeurd?

Ik had niet alleen een hoofd vol watten, ik werd van de minste activiteit al heel moe, hing ineens meerdere keren op een dag als een vaatdoek op de bank en sporten ging niet meer. Na een rondje boodschappen doen was ik al gesloopt.

Toen de koffie die me nog een beetje op de been hield ineens naar water smaakte, en ik al snuivend boven een poepluier moest concluderen dat ik niets rook, begon het te dagen: corona was de boosdoener van mijn klachten. Ook kreeg ik van de geringste inspanning koorts. Meerdere keren per dag stond ik met m’n shirt te wapperen omdat m’n temperatuur ineens omhoogschoot.

Enorme invloed

Het had een enorme invloed op m’n dagelijkse leven, maar vaak voelde ik achteraf pas als iets te veel was geweest. Dan werd ik duizelig en kreeg ik hoofdpijn.

Inmiddels ging ik alleen nog maar met een zonnebril op naar buiten, omdat het gewone daglicht me te fel was. En vaak lag ik met m’n ogen dicht op de bank terwijl de kinderen voor een beeldscherm zaten. Dan keek ik met een schuin oog naar de klok om te checken of Mark al bijna thuis zou zijn om daarna snel naar boven te gaan om bij te komen.

De kinderen vonden het maar raar, ik was juist altijd zo actief. Toen ik ook tijdens het autorijden een wegtrekker kreeg en alles voor m’n ogen duizelde, belde ik maar weer de huisarts.

Gaat vanzelf wel over

Inmiddels leef ik al bijna een jaar met long covid. M’n leven staat stil. Om erachter te komen wat er met me aan de hand was en hoe ik ermee kon omgaan was een zoektocht. De huisarts wilde me pas na een paar keer bellen zien. “Gaat vanzelf wel weer over,” hoorde ik eerst steeds aan de andere kant van de lijn.

Omdat mijn klachten pas twee weken na m’n besmetting kwamen, schaarde zij het niet onder corona. Bovendien had ik geen spierpijn, hoestte ik niet en was ik niet benauwd. En langzaam kwamen mijn smaak en reuk ook weer terug. Het was niet gek toch dat ik moe was, als moeder van drie kleine kinderen?

Dat ik niet serieus genomen werd deed echt pijn. En nee, het ging niet vanzelf weer over. Het werd zelfs erger.

Happen naar adem

Ik werd niet alleen meer overvallen door koortsvlagen, maar soms leek ook mijn hart uit m’n borstkas te knallen. Dan rende ik met m’n dochters in m’n kielzog naar de achterdeur, happend naar frisse lucht. Wat is er met me aan de hand? Straks val ik dood neer! dacht ik. En dan kon ik alleen maar huilen.

Met m’n hand op m’n klamme voorhoofd probeerde ik dan weer een beetje op adem te komen. Dit soort aanvallen kreeg ik steeds vaker, en had ik daarvoor nooit eerder gehad.

Inmiddels bleef mijn man steeds vaker thuis om alles te doen. Gelukkig heeft hij een coulante baas, maar ik vond het vreselijk dat ik niets kon, ik kon zelfs Dewi niet naar haar eerste schoolreisje brengen. Met tranen in m’n ogen zwaaide ik haar thuis uit.

Hulp nodig

Terwijl ik boven naar het plafond lag te staren en me lag af te vragen of dit ooit nog goed zou komen, zorgde Mark beneden voor de meiden. “Angstaanvallen,” concludeerde de huisarts toen ik eindelijk op spreekuur mocht komen, “en long covid.”

Een verstoord zenuwstelsel zorgde voor al mijn klachten. En omdat ik niet wist wat er aan de hand was, ontstonden de paniekaanvallen. Het was inmiddels juli en ik had hulp nodig, besloot zij. En die kreeg ik vanwege de lange wachtlijsten in oktober.

Niet de oude

Als ik de energie ervoor had, had ik op de stoep van het ziekenhuis een dansje gedaan na m’n eerste afspraak met de revalidatiearts. Mijn klachten werden serieus genomen en het gevoel dat iemand me kon helpen was ontzettend fijn. Ook al had ze niet eens per se goed nieuws; artsen hebben namelijk gewoon nog geen prognose.

“Neem er maar heel lang de tijd voor,” zei ze, en “je wordt niet meer de oude, maar je wordt wel de nieuwe.” Misschien zal ik altijd moeier en sneller overprikkeld blijven dan een ander. Maar ik kreeg hoop om gewoon weer normale dingen te kunnen doen: met de kinderen ergens op visite te gaan en lekker uit eten te gaan met Mark.

Revalidatie

Nu ga ik nog steeds vier uur per week naar het ziekenhuis voor revalidatie. Ik heb wekelijks fysiotherapie, ga naar een ergotherapeut en de ene week praat ik met een psycholoog en dan andere met een maatschappelijk werker.

Dit alles geeft me meer zelfvertrouwen en ik leer om m’n grenzen te herkennen, energie te verdelen en pauzes te nemen. Al blijft dat laatste lastig met die drie meiden om me heen. Er heeft er altijd wel een honger of dorst, of er is een volle luier.

Bewust genieten

Dingen die ik eerder met plezier en gemak deed, zijn nu alles behalve vanzelfsprekend. In het weekend houd ik er al rekening mee dat ik maandag en dinsdag alleen met Kes thuis ben. Ik probeer zo veel mogelijk te genieten van de tijd met haar.

Ik ga met haar naar buiten en we doen boodschappen als het moet. Maar ik ben opgelucht als ik de sleutels in het slot hoor. En dan vlucht ik weer naar boven om bij te komen.

Boven eten

Er zijn gelukkig stipjes aan de horizon. Ik heb wat vaker energie, en op die momenten kan ik weer iets meer doen. Al maanden zat ik met het avondeten in m’n eentje met een bord op schoot in onze slaapkamer. Dat is het drukste en zwaarste moment van de dag en dat trok ik niet.

Sinds januari probeer ik steeds vaker beneden aan tafel mee te eten. Als ik de meisjes vrolijk tegen Mark hoor zeggen; “Yes! Eet mama mee?” dan smelt ik.

Dat ik het steeds beter trek, geeft me vertrouwen. Ik krijg er nu ook weer wat energie door, doordat ik ervan kan genieten. Die vrolijke gezichtjes, de hoge stemmetjes, hun verhalen, de chaos.

Weer beter?

Long covid heeft een gigantische invloed op mijn dagelijkse leven. Bijna een jaar is op vijf, vier en twee jaar veel. “Ben je nu weer beter?” vragen de kinderen weleens. Ze weten dat ik ziek ben en houden daar rekening mee.

Maar ook al zijn ze flexibel, ik voel me schuldig dat ik zo veel minder met ze kan doen. Ik wil er gewoon altijd voor ze kunnen zijn. Ik kan nog steeds niet werken en niet sporten, en ik spreek niet af met familie of vriendinnen.

Normaal gezinsleven

Ik ben hard bezig gewoon alleen al een normaal gezinsleven te kunnen leiden. Laatst was ik helemaal blij dat ik de vaatwasser had uitgeruimd.

En deze week heb ik Kes voor het eerst sinds april vorig jaar weer eens naar bed gebracht. Haar badderen, afdrogen, haren kammen, voorlezen: zó fijn. En het is gewoon gelukt, m’n hersteltijd wordt steeds korter.

Positief blijven

Positief blijven helpt me, maar soms is dat moeilijk. Dan word ik weer overvallen door gedachten als: ik word nooit meer beter. Of: zo is er niks aan.

Maar ik moet geduld hebben en er vertrouwen in hebben dat het goedkomt. Dat ik straks gewoon weer in m’n eentje met m’n drie meisjes naar een grote speeltuin kan en daar niet drie dagen van moet bijkomen. Ja, daar kijk ik echt naar uit.’

Dit artikel is eerder verschenen in Ouders van Nu Magazine – Interview: Mirjam Rosema-Verhulst. Fotografie: Brenda van Leeuwen

Artikelen van Ouders van Nu ontvangen in je mailbox? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.