Voor oudersPersoonlijke verhalen

Laura (29) kreeg long covid en een baby: ‘We waren heel blij. En ook bang’

‘Door long covid kan ik niet alles, maar ik bén wel moeder’
privé
Leestijd 6 minuten
Lees verder onder de advertentie

‘Ik ben in november 2021 voor het eerst ziek geworden. Toen dacht ik nog: och ja, corona. Iedereen krijgt het wel een keer. Maar ik was heel erg ziek. Heel veel hoesten, braken, echt niks binnenhouden. Slok water erin, meteen er weer uit. Maar ik dacht: een maandje herstellen en dan ga je weer door. Alleen ging ik niet weer door.

Ik heb er toen zes maanden uit gelegen. Net toen ik dacht dat ik er weer was, kwam ik op mijn werk wéér in contact met iemand die positief was en werd ik weer ziek. En daar ben ik eigenlijk nooit meer bovenop gekomen.

Niet zichtbaar

Het zit bij mij vooral in mijn benen, die op een gegeven moment gaan tintelen en pijn doen. En ik kreeg een heel wollig hoofd. Ik werkte in de ouderenzorg, ineens kon ik bewoners voor wie ik al jaren zorgde niet meer bij naam noemen. Het is ook zo lastig uit te leggen aan mensen, want het is niet zichtbaar. Ik zeg weleens: ik had liever een gebroken been gehad dat niet wilde genezen. Dan ziet iedereen tenminste dat er iets is.

Lees verder onder de advertentie

Voor ik ziek werd, had ik een druk leven. Ik werkte in de zorg met mensen met dementie, ik sportte veel, ik stond vaak op de sup, ik deed aan stijldansen. Mijn vriend heeft een eigen bedrijf, dus we waren altijd in de weer. Ik mantelzorgde ook voor mijn eigen ouders en mijn schoonouders. Het was druk, ja, maar het was ook gewoon een leven dat goed voelde.

Lees ook: De vermoeidheid van Marianne (37) bleek ME: ‘Na de komst van de kinderen was ik gesloopt’

Mijn lichaam wil niet

Het herstel ging moeizaam. De bedrijfsarts zei: ‘Begin maar met een uurtje werken’. Drie dagen in de week kwam ik ’s ochtends alleen maar broodjes smeren. Opbouwen naar twee uur ging eigenlijk niet.

Lees verder onder de advertentie

Ik ben uiteindelijk tot een dienst van vijf uur gekomen, maar soms was ik zó kapot dat ik eigenlijk niet meer veilig naar huis kon rijden. Dat is eng. Tegelijk hoorde ik op mijn werk ook dingen als: ‘Ja, met mooi weer wil ze gewoon op de boot zitten’. Dat doet pijn. Je wilt zó graag. Je doet je best. Maar je lichaam wil niet.

De rekening komt later

Mijn vriend vond dat in het begin ook lastig. Die had zoiets van: je bent toch weer beter, dus ga weer wat doen. Dat is ook niet kwaad bedoeld, hè. Hij kende het gewoon niet. En het gekke bij mij is: ik kan dus best veel. Zet me een dag in de Efteling en het gaat. Alleen lig ik daarna twee dagen op de bank. Dat ziet niemand.

Zelfs mijn eigen moeder had lang niet door hoeveel last ik ervan had. Je kunt me op een verjaardag zetten, ik kan lachen en praten. Maar de rekening komt altijd later.

Lees verder onder de advertentie

Na twee jaar re-integreren was het klaar. Mijn werkgever zei: ‘Het is niet gelukt’. Dat was aan de ene kant verdrietig, maar aan de andere kant voelde ik ook opluchting. De druk was van de ketel.

Lees ook: Orthopedagoog over parental burn-out: ‘Ouders zijn uitgeput en dat ligt niet alleen aan henzelf’

Blij en bang

En toen, juist toen, werden we zwanger. Ik had op vrijdag te horen gekregen dat ik afgekeurd was. En op zaterdag bleek ik zwanger. Dat klinkt als een film, maar zo was het echt. We waren heel blij. En ook bang. Want wat betekent dit als je altijd moe bent? Wat betekent dit als je benen op slot kunnen schieten? Als je hoofd vol raakt?

Lees verder onder de advertentie

We weten ook nog steeds weinig over zwanger zijn met long covid. Je hoort verhalen van vrouwen die door hormonen ineens nergens meer last van hebben. En je hoort ook verhalen van vrouwen die juist instorten. Wij gingen er eigenlijk in met het idee: we geven het overal aan en verder moeten we het zien.

Komt goed

Wat je niet kunt plannen, is wat mensen ervan vinden. In mijn omgeving gingen verhalen rond. Dan hoor je via via ineens: ze kan niet werken, hoe kan ze dan een goede moeder zijn? Dat is zó hard. Toen ik dat hoorde, ben ik echt een keer goed ingestort.

Gelukkig is mijn man daarin heel stevig. Die zegt: laat ze het allemaal maar de kleren krijgen. Als ze er wat van vinden: pech. Op zulke momenten ben ik daar zó blij mee. Ik heb zelf ook wel gedacht: wat als ik niet goed voor mijn kind kan zorgen? Maar ergens dacht ik ook: als ik zwanger mag worden, dan zal het wel met een reden zijn. Dan komt het wel goed.

Lees verder onder de advertentie

Geen pauzeknop

Onze dochter Nora is eind december 2024 geboren. In het ziekenhuis viel het nog mee. Je gaat op adrenaline en op hormonen, en er is hulp. Thuis begon het pas echt, want thuis is geen pauzeknop. Je moet meteen door: voeden, kolven, wakker zijn.

Ik heb in het begin heel lang zelf doorgemodderd. Hulp vragen is lastig en ik kan ook veel, dus je denkt: het gaat toch? Totdat je merkt dat je op bent. Nu gaat Nora één dag in de week naar mijn moeder. Mijn man neemt haar ook weleens mee op zondag. Dan heb ik tijd waarin ik kan bijtanken.

Lees ook: 10x gepersonaliseerde kraamcadeaus die je voor altijd wilt bewaren

Lees verder onder de advertentie

Het moet

Ik deel mijn dagen heel slim in. Ik doe de vaat als zij op bed ligt. Ik laat de rest van het huishouden soms gewoon liggen. En ik ben ook wel streng geworden: ik hoef niet alles. Als vandaag een slechte dag is, doen we minder. Als het een goede dag is, gaan we zwemmen. Ik kijk per dag: hoe gaat het?

Ik ben nog steeds snel moe. Ik heb nog steeds mijn zere benen. Als Nora echt aan het brullen is om het brullen, dan merk ik: ik kan dit eigenlijk niet op wilskracht oplossen. Maar ja. Je gáát. Omdat het moet.

Acceptatie

Toch ben ik ondanks alles tevreden. Niet omdat de long covid weg is. Maar omdat je het op een gegeven moment moet accepteren. Ik ben gewoon 24/7 moe. Altijd. Dat is zo’n rare zin om hardop te zeggen, maar het is wel zo. Vroeger dacht ik: ik ben moe, ik stop ermee. Nu denk ik: ik ben moe, ja, maar ik moet toch door.

Lees verder onder de advertentie

Ik ben een doorzetter. Niet lullen maar poetsen. Alleen is poetsen nu soms ook: op de bank zitten met mijn telefoon, terwijl Nora naast me speelt. Omdat dat het maximum is wat mijn lijf kan. Dat is niet het leven dat ik had, het is wel het leven dat ik heb.

Met plannen, met hulp, met accepteren, en met elke dag opnieuw kijken naar wat er wél kan. En misschien, als het lukt, komt er ooit nog wel een tweede kind, want moeder zijn maakt me echt gelukkig.’

Delen: