Wat zijn de regels voor naamgeving?

Wat zijn de regels voor naamgeving?

Wat is er leuker, en moeilijker, dan het verzinnen van een naam voor je baby? Sommige namen vallen af omdat ze niet zijn toegestaan.

Regels voor naamgeving

Hoe gaat je kind heten? Vernoem je hem naar zijn (groot)ouders? Kies je voor een populaire naam of heb je liever een naam die weinig voorkomt? Er zijn bepaalde regels voor naamgeving:

Voornamenwet

In principe mag je in Nederland zelf bepalen welke voornaam je kind krijgt. De Voornamenwet kent twee uitzonderingen: voornamen die ‘ongepast’ zijn en achternamen die niet gebruikelijk zijn als voornaam. Zo mag Visser of Gerritzen niet, maar Bloem of Achmed wel. Die laatste twee komen voor als voornaam én achternaam.

De ambtenaar van de burgerlijke stand beslist of een naam wel of niet mag. Als hij een naam weigert en de ouders willen geen andere naam kiezen, dan kan de ambtenaar het kind zelf een naam geven. De ouders kunnen via een procedure tot voornaamwijziging proberen de gewenste naam alsnog ingeschreven te krijgen. Gelukkig komt het maar zelden voor dat een naam niet geaccepteerd wordt.

Ongepaste namen

Voorbeelden van namen die zijn geweigerd, zijn Rolls Royce, Geisha en Miracle of Love. Die laatste naam mocht van de rechter wel als hij werd geschreven als Miracle-of-Love.

De wet maakt geen onderscheid tussen jongens- en meisjesnamen. Je mag elke naam dus voor jongens én meisjes gebruiken. Niemand die er (wettelijk gezien) iets op tegen heeft als je je dochter een stoere – van origine – jongensnaam geeft, zoals Teun, Josje, Keet of Guus.

Er is ook geen limiet aan het aantal namen dat je een kind mag geven, maar als je extreem veel namen kiest, kan de ambtenaar van de burgerlijke stand dit beoordelen als ongepast en afkeuren.

Achternaam

Sinds 1998 kun je zelf kiezen of je je kind jouw achternaam of die van je partner wilt geven. Als je getrouwd bent, kun je samen de naam van je eerste kind kiezen. Krijg je daarna nog meer kinderen, dan krijgen zij automatisch dezelfde achternaam als hun oudste broer of zus. Je laat de achternaam van je kind vastleggen door de ambtenaar van de burgerlijke stand.

Ook ouders die niet getrouwd zijn, kunnen zelf de achternaam kiezen. Als je niets doet, krijgt je kind automatsich de achternaam van de moeder. Wil je dat je kind de achternaam van de vader krijgt, dan kun je dat laten vastleggen op het moment dat de vader zijn kind erkent. Dit kun je het best vóór de bevalling doen, omdat hiervoor toestemming van de moeder nodig is.

Als je niet getrouwd bent en de biologische vader erkent zijn kind niet, dan heeft hij voor de wet maar één ouder en krijgt hij jouw naam. Ben je weduwe of weduwnaar, dan mag je zelf de achternaam van je kind kiezen. Bij adoptie kies je de achternaam van een van beide ouders. Als je al kinderen hebt, dan krijgt je adoptiekind de zelfde naam als de andere kinderen.