Continurooster op school: de voor- en nadelen

Continurooster op school: de voor- en nadelen

Steeds meer basisscholen kiezen voor een continurooster. Maar waarom eigenlijk? Zitten er zoveel voordelen aan deze lestijden? En wat zijn eigenlijk de nadelen voor de leerkrachten, ouders en kinderen?

Wat is een continurooster?

Werkt een school met een continurooster, dan gaan de leerlingen vier langere dagen naar school. Tijdens de – kortere – lunchpauze blijven ze verplicht over. Woensdag is een korte dag: ze hebben dan ’s middags vrij. De pauze tussen de middag maakt deel uit van de schooltijd.

Een schooldag is dus niet traditioneel verdeeld in twee helften waarbij er tussen de middag naar huis wordt gegaan om te eten of de kinderen overblijven op school.

Redenen opkomst continurooster

Sinds 2007 moeten scholen verplicht zorgen voor vóór-, tussen- en naschoolse opvang. De voor- en naschoolse opvang worden vaak verzorgd door een professionele BSO (Buitenschoolse Opvang). Dit kan in het schoolgebouw zelf zijn of in een ander gebouw in de buurt van de school. De tussentijdse opvang is voor scholen vaak moeilijk te regelen als er geen continurooster is. De meeste ouders werken en kunnen dus niet op vrijwillige basis helpen bij het overblijven en tussentijdse opvang is vaak duur.

Dit is een van de redenen dat steeds meer scholen overstappen op een continurooster. Bij een continurooster zijn de pauzes korter en is de leerkracht meestal aanwezig in de klas tijdens de lunchpauze.

Kosten overblijven

Bij een continurooster moeten kinderen dus verplicht op school eten tijdens een kortere pauze. De leerlingen nemen eten en drinken mee van huis. Hoewel de school wel moet zorgen dat er een leerkracht of overblijfkracht aanwezig is tijdens deze pauze, mag de school hiervoor geen kosten in rekening brengen. De school mag hooguit vragen om een vrijwillige bijdrage.

Andere mogelijke lesroosters

Basisscholen mogen zelf bepalen welk rooster ze hanteren. Er zijn naast het continurooster nog vier mogelijkheden.

Dit zijn die andere varianten van lesroosters op basisscholen:

Traditionele tijden

  • Schooldagen met apart ochtenddeel (circa 8.30-12.00 uur) en apart middagdeel (circa 13.15-15.15)
  • Tussen de middag vrij: overblijven of naar huis
  • Woensdagmiddag (en onderbouw vaak vrijdagmiddag) vrij
  • Het Hoorns model is een variant hierop: vrijdagmiddag altijd vrij

Vijf-gelijke-dagen-rooster

  • Vijf schooldagen van 8:30 tot 14:00 uur
  • Korte lunchpauze, verplicht eten op school
  • Extra vrije dagen omdat de kinderen anders te veel lesuren per week hebben

Bioritmerooster

  • Vijf dagen van 8:30 tot 16:30 uur
  • Leren op de momenten dat kinderen het alertst zijn (tussen 10:00-12:00 uur en 14:30-16:30 uur)
  • Extra lange middagpauze (12:00-14.30 uur) voor sport, cultuur en andere activiteiten; verzorgd door externe (kinderopvang)organisatie

7 tot 7-model

  • School is dagelijks open van 07:00 tot 19:00 uur
  • 52 weken per jaar, geen collectieve schoolvakanties
  • Geïntegreerd programma van onderwijs, sport en ontspanning
  • Dit rooster wordt steeds populairder. Maar liefst één op de zes scholen werkt met dit rooster

Sommige scholen combineren verschillende lesroosters. Zo kan een school kiezen voor een continurooster, maar de onderbouw vrijdagmiddag vrij geven. Deze lesuren worden dan op andere momenten gecompenseerd.

Mag een school de schooltijden veranderen?

Een school mag zelf bepalen wat de lestijden zijn. Hierbij hebben ze zich uiteraard wel te houden aan verschillende richtlijnen van het ministerie van Onderwijs. Bij een wijziging of verandering van de schooltijden en opvang moet een school altijd de ouders raadplegen.

Meestal gaat dit via de medezeggenschapsraad (mr). In de medezeggenschapsraad zitten ouders en personeelsleden van de school. Zij houden zich bezig met het schoolbeleid en de schoolorganisatie. De ouders krijgen via de mr dan wel de mogelijkheid hun zegje te doen, dit betekent niet dat ze ook een vetorecht hebben. Uiteindelijk beslist het schoolbestuur wat er gebeurt.

Continurooster in de praktijk

Uit onderzoek blijkt dat de meeste scholen die de afgelopen jaren op het continurooster of het vijf-gelijke-dagenmodel zijn overgestapt, blij zijn met deze beslissing. Ook geeft het grootste deel van de directeuren aan dat de meeste ouders, leerlingen en leerkrachten tevreden zijn over deze schooltijden.

Bij de juffen en meesters zit relatief de meeste onvrede: 17% van hen is niet blij met het ingevoerde continurooster en 6% is ontevreden over het ingevoerde vijf-gelijke-dagenmodel. Ook vinden zij deze lesroosters niet de juiste keuze voor de leerlingen. Volgens hen zouden die meer hebben aan het zogenoemde bioritmemodel: om 10:00 uur beginnen en om 12:00 uur een lange pauze op school met daarin ruimte voor sport en ontspanning. De les begint vervolgens weer om 14:30 uur (tot 16:30 uur). Voor zichzelf vinden de leraren dit bioritmemodel juist weer het minst gunstig.

Voor- en nadelen continurooster

Het lijkt er dus op dat het continurooster in populariteit toeneemt. Hierbij de belangrijkste voor- en nadelen op een rijtje:

Voordelen

  • Leerlingen hoeven tussen de middag niet naar huis. Dit zorgt voor minder onrust na de pauze en voor een kortere en logischer onderbreking van het lesprogramma.
  • Het biedt meer structuur en duidelijkheid voor leerlingen en voor ouders: alle leerlingen blijven op school in plaats van de ene leerling wel en de andere niet.
  • Het is makkelijker voor ouders om hun werktijden op school af te stemmen.
  • Veiliger: kinderen hoeven maar twee keer (in plaats van vier keer) door het drukke verkeer.
  • Ouders hoeven hun kind maar één keer te brengen en één keer te halen.
  • Jongere broertjes en zusjes hoeven ook maar één keer heen en weer.
  • Het is rustiger voor de kinderen.
  • Kinderen zijn eerder thuis.
  • Naschoolse- of buitenschoolse opvang heeft meer tijd voor activiteiten.
  • Sport-, muziek- en cultuurverenigingen hebben meer mogelijkheden om hun activiteiten aan te bieden.

Nadelen

  • Voor sommige ouders is het juist lastig dat de school eerder uit is.
  • Kosten van de naschoolse- (nso) of buitenschoolse opvang (bso) kunnen hoger worden, omdat er meer uren moeten worden afgenomen.
  • Kinderen kunnen tussen de middag niet even naar huis en in hun veilige omgeving tot rust komen.
  • Geen keuze tussen wel of niet overblijven.