Zorgen en twijfels. Dat is wat Monica (33) voelt sinds haar zoon Jay (8) steeds vaker vraagt of hij bij vriendjes mag blijven slapen. ‘Overdag ergens anders spelen vind ik al spannend, omdat ik dan geen zicht heb op wat er precies gebeurt. Ik zeg vaak wel ‘ja’, omdat ik het Jay ook gun om bij een vriendje te spelen. Meestal ga ik dan eerst even mee naar het huis van het vriendje. Dan maak ik een praatje met de ouders en haal ik Jay na een paar uur weer op.
Logeren vind ik alleen echt iets anders. Het idee dat Jay ’s nachts ergens is waar ik niet ben, maakt me onrustig. Je hoort en leest zoveel over wat er mis kan gaan. Ik wil Jay niet bang maken, maar ik wil ook geen risico’s nemen waar ik later spijt van krijg.’
Lees ook: Doen: leer je kind de (belangrijke!) onderbroekregel
Onder controle
Volgens opvoedcoach Valerie Ritchie zijn Monica’s zorgen en twijfels herkenbaar voor veel ouders. ‘We leven in een tijd waarin ouders zich enorm verantwoordelijk voelen voor het welzijn van hun kind. Dat is op zichzelf positief, maar ouders worden voortdurend geconfronteerd met verhalen over wat er mis kan gaan.
Door media en sociale platforms ontstaat al snel het idee dat je als ouder alles moet kunnen voorzien en voorkomen. Die angst maakt ouders niet overdreven of paniekerig, maar laat zien hoe betrokken ze zijn. Alleen kan die betrokkenheid soms doorslaan in de behoefte om alles onder controle te willen houden, terwijl volledige controle simpelweg niet bestaat.’
Beschermen
Toch voelen veel ouders zich juist bij logeerpartijtjes extra kwetsbaar. Eva (37), moeder van dochter Noor (9), herkent dat. ‘Noor zit in groep 6 en bij haar in de klas zijn logeerfeestjes heel normaal. Bijna iedereen doet het. Toch zeg ik meestal ‘nee’.
Niet omdat ik Noor niet vertrouw, maar omdat ik andere situaties niet kan overzien. Zijn er bijvoorbeeld oudere broers of zussen in huis? Wordt er ’s avonds nog op een scherm gekeken? En wat als Noor zich ongemakkelijk voelt en mij niet durft te bellen?
Ik wil haar beschermen tegen nare ervaringen, maar voel me soms schuldig, want haar vriendinnetjes mogen allemaal wel bij elkaar logeren. Noor zegt dat ze het niet leuk vindt dat ik zo streng ben. Maar voor mij voelt dit als de veiligste keuze.’
Schijnveiligheid
Volgens Ritchie is Eva’s situatie precies het spanningsveld waar veel ouders in terechtkomen. ‘Ouders willen hun kind beschermen tegen alles wat pijn kan doen, maar vergeten soms dat ongemak ook bij opgroeien hoort. Door alles te vermijden wat spannend voelt, ontnemen we kinderen ervaringen waarin ze zelfstandigheid, veerkracht en vertrouwen ontwikkelen.’
Elsbeth Reitzema, expert relationele en seksuele vorming en opvoeding bij Rutgers, is het hiermee eens. ‘Door logeerpartijtjes volledig te vermijden, creëer je vooral schijnveiligheid. Het idee dat je door ‘nee’ te zeggen het risico wegneemt, klopt niet.
Seksueel misbruik kan ook plaatsvinden op momenten waarop ouders denken wel controle te hebben. Wat je wél kunt doen, is zorgen dat een kind sneller vertelt als iets niet prettig was.’
Lees ook: Seksueel weerbaar maken van je kind: zo zorg je dat je kind het jou vertelt als er iets is
In perspectief
Reitzema begrijpt de alertheid van ouders, maar plaatst de angst ook in perspectief. ‘Seksueel misbruik komt helaas voor en dat maakt ouders terecht waakzaam. Tegelijkertijd is het belangrijk om te weten dat het merendeel van de kinderen géén seksueel misbruik meemaakt.
Wereldwijd gaat het om ongeveer 20 procent van de meisjes en 8 tot 12 procent van de jongens die voor hun 18e te maken krijgen met seksueel misbruik. In Nederland laten cijfers zien dat het om ongeveer 2 procent van de meisjes en 1 procent van de jongens gaat voor hun 12e. Dat zijn ernstige cijfers, maar ze laten ook zien dat het om een minderheid van de kinderen gaat.’
Het is meestal een bekende
Daarnaast is de context belangrijk, benadrukt Reitzema. ‘Wat we weten, is dat seksueel misbruik meestal plaatsvindt door iemand uit de directe omgeving van het kind, zoals een familielid of bekende. Veel minder vaak gebeurt het in de context van een logeerpartijtje bij een vriendje.
Er zijn ook geen cijfers die aantonen dat logeerpartijtjes per definitie een groter risico vormen dan andere momenten waarop kinderen uit het zicht van hun ouders zijn, zoals op school, bij de sportclub of op de opvang.’
Lees ook: Zo maak je je kind weerbaar (en dat kan al vanaf de babytijd)
Open gesprekken
Reitzema legt uit dat het ontwikkelen van weerbaarheid bij een kind niet bij een logeerpartij begint, maar veel eerder. ‘Het gaat niet over het voorkomen van misbruik, want dat kun je als ouder helaas niet volledig controleren. Het gaat erom dat kinderen leren voelen wat prettig is en wat niet, en dat ze weten dat ze dat altijd mogen uitspreken.
Niet alleen bij seksueel gedrag, maar ook bij andere situaties waarin iets niet fijn voelt. Open gesprekken spelen daarbij een sleutelrol. Praat dus met je kind, ook over relaties en seksualiteit. Wat vond hij leuk die dag, wat was minder fijn? Als dat normaal is, wordt het veel makkelijker voor een kind om iets te vertellen als er wél iets misgaat.’
Neem je kind serieus
Veel ouders zijn bang dat praten over grenzen en misbruik hun kind angstig maakt. Ritchie begrijpt die zorg, maar benadrukt dat het niet om zware gesprekken hoeft te gaan. ‘Het gaat om een open sfeer. Benoem dat het lichaam van je kind van hem of haar is, dat niemand daar zomaar aan mag zitten en dat geheimen over het lichaam altijd verteld mogen worden. Een kind dat weet dat het serieus wordt genomen, zal eerder aan de bel trekken.’
Voor Monica helpt die gedachte. ‘Misschien hoeft het ook niet meteen een hele nacht. Ik merk dat ik door hierover na te denken al andere gesprekken met Jay voer. Over wat hij fijn vindt en wat niet.’ Ook Eva ziet dat ze haar dochter niet voor alles kan beschermen. ‘Maar ik wil wel dat Noor weet dat ze altijd bij mij terecht kan. Dat vind ik uiteindelijk belangrijker dan het logeerpartijtje zelf.’
Lees ook: Emoties bij kinderen: zo help je jouw kind daarbij
De ruimte om te groeien
Ritchie erkent dat loslaten voor veel ouders misschien wel het moeilijkste onderdeel van opvoeden is. ‘Als baby geef je je kind steeds een beetje meer ruimte: eerst om te kruipen, later om alleen naar school te fietsen. Dat proces stopt niet.
Loslaten is spannend, maar noodzakelijk. Niet omdat het makkelijk is, maar omdat kinderen die ruimte nodig hebben om te groeien. En daar kun je als ouder, op de achtergrond, heel goed bij helpen.’