dagritme baby

Omdraaien van dag- en nachtritme baby

Pasgeboren baby’s kennen het verschil tussen dag en nacht nog niet. Sommige baby’s slapen daardoor overdag als een roosje, terwijl ze ’s nachts geen oog dichtdoen. Dat is heel normaal, maar niet handig voor jou als ouder. Tips om het dagritme en nachtritme van je baby om te draaien.

Omgekeerd dag- en nachtritme baby

Het slaapritme van een pasgeboren baby is heel anders dan dat van jou. Een pasgeboren baby slaapt en drinkt zowel ’s nachts als overdag. Hij verspreidt zijn slaapjes en eetmomenten over 24 uur: om de drie à vier uur vraagt je kind om voeding en daarna valt hij (vaak) weer in slaap. Gemiddeld slapen pasgeboren baby’s in totaal zo’n veertien tot zestien uur per dag. Maar meer of minder uren slaap kan ook. Het ene kind is een echte slaapkop, terwijl andere baby’s heel wakkere types zijn. Het gaat vaak om losse korte slaapjes van twee en een half tot vier uur, zowel overdag als ’s nachts. 

Advertentie

In de eerste weken kent een baby nog geen verschil tussen dag en nacht. Niet gek, aangezien je baby net negen maanden in jouw buik heeft doorgebracht. In de baarmoeder slapen baby’s vaak overdag, als de moeder in beweging is. Door het constante wiegen en deinen in de baarmoeder vallen ze makkelijk in slaap. En ’s nachts, terwijl jij in bed ligt, zijn baby’s in de buik vaak actief en beweeglijk. Als een baby net geboren is, heeft hij daardoor meestal een omgekeerd dag- en nachtritme. Het kan een tijdje duren voordat dat langzaam omdraait. 

Circadiaan ritme

Een pasgeboren baby moet zijn slaap- en waakritme nog ontwikkelen. Na ongeveer zes weken ontstaat er langzaam een dag- en nachtritme: 

  • overdag is je baby meer wakker, met een aantal losse slaapjes verspreid over de dag
  • ’s nachts gaat je baby dieper slapen en slaapt hij meer uren dan overdag (nog wel onderbroken door nachtvoedingen)

Er ontstaat een circadiaan ritme: een biologisch ritme waarvan de cyclus ongeveer één dag duurt. Bij kinderen en volwassenen is dit biologische ritme afgestemd op daglicht. Ons lichaam reageert op het opkomen en ondergaan van de zon. We worden moe als het donker is en worden ’s ochtends weer wakker als het licht wordt. Pasgeboren baby’s hebben deze biologische klok nog niet. Dat duurt een tijdje: de meeste baby’s hebben als ze 10 tot 12 weken oud zijn een duidelijker dag- en nachtpatroon. Zo lang ze nog geen circadiaan ritme hebben, zal het slaapritme van je baby dus nog niet afgestemd zijn op de dag en nacht. 

Slaapschema baby per maand: hoeveel slaap heeft hij per dag nodig? 

Omdraaien nacht- en dagritme baby

In principe zal het dag- en nachtritme van een baby zich op den duur vanzelf omdraaien. Maar je kunt je kind daar ook bij helpen. Het is belangrijk om duidelijk onderscheid te maken tussen dag en nacht. Dit kun je op de volgende manieren doen:

  • Maak het overdag niet te donker in de ruimte waar je baby slaapt. Laat de gordijnen open of op een ruime kier. 
  • Overdag hoeft het niet stil te zijn in huis. Het is goed voor je baby om te wennen aan geluiden. Je kunt dus gerust gaan stofzuigen als hij slaapt.
  • Maak je baby overdag op tijd wakker voor een voeding. Zorg dat er niet meer dan vier uur tussen de voedingen zit. Je baby moet leren dat hij de ‘lange ruk’ slaap niet overdag doet, maar ’s nachts. Slaapt hij overdag te lang en mist hij daardoor een voeding, dan wil je baby die voeding mogelijk ’s nachts inhalen. 
  • Ga overdag tussen de slaapjes door ook regelmatig met je kind naar buiten, of even met hem spelen. Dat kan de nachtrust bevorderen. 
  • Zorg dat de slaapkamer van je baby ’s nachts goed donker is en er niet te veel geluid hoorbaar is. 
  • Als je baby ’s nachts wakker wordt, maak het dan niet te gezellig. Doe alleen een schemerlampje aan en praat zo min mogelijk. 
  • Houd de nachtvoedingen kort en leg je baby daarna weer op bed. Zo geef je de boodschap dat ’s nachts het moment is om te slapen. 
  • Begin de dag altijd op hetzelfde tijdstip.

Lees hier meer over het slaapritme van je baby.

Als het niet lukt

Hoe goed je ook je best doet om je baby te laten wennen aan de dag en de nacht, het kan zijn dat het bij jouw baby langer duurt dan gemiddeld. Ongeveer één op de vier baby’s van vier maanden oud heeft nog geen vast dag- en nachtritme. Dat kan allerlei redenen hebben. Misschien is je baby onrustig of heeft hij ’s nachts lichamelijke klachten waardoor hij slecht slaapt. Het kan ook zijn dat je baby oververmoeid is. Baby’s die oververmoeid zijn, lijken juist erg wakker, omdat ze heel actief worden. Toch is slaap dan precies wat hij nodig heeft. 

Lees ook: Onrustige baby: wat kun je doen?

Onderstaande tips kunnen helpen om je baby in een regelmatiger dag- en nachtritme te krijgen en meer uren in de nacht te laten slapen: 

  1. Rust en regelmaat
    Klinkt misschien ouderwets, maar veel baby’s hebben hier baat bij. Je hoeft echt geen superstrak tijdschema te hebben, maar probeer je baby vanaf zes weken wel elke dag rond dezelfde tijd naar bed te brengen. Ook helpt het om je kind elke dag op (ongeveer) dezelfde tijd uit bed te halen. Zorg verder overdag voor regelmaat door bepaalde gebeurtenissen altijd op dezelfde volgorde doet, zodat je baby het patroon gaat herkennen. Denk aan de volgorde slapen > wakker worden > voeden > even op schoot > spelen in de box > en weer in bed leggen als hij begint te gapen.
  2. Gebruik een bedtijdritueel
    Net zoals dat veel baby’s baat hebben bij regelmaat, houden ze ook van rituelen en routines. Dat maakt de dag voorspelbaar. Met een bedtijdritueel kun je de ‘slaapradartjes’ van je kind alvast aanzetten. Je baby herkent op den duur het ritueel, weet dat het tijd is om naar bed te gaan. Daardoor geven de hersenen een signaal af, waardoor het slaaphormoon melatonine wordt aangemaakt. Tips: zo ontwikkel je je eigen slaapritueel.
  3. Vaste slaapplek
    Laat je baby zoveel mogelijk op dezelfde vast plek slapen: in zijn wieg of ledikant. Op die manier gaat je baby zijn bed herkennen als de plek waar hij moet slapen. Zo weet hij waar hij aan toe is en dat helpt hem om makkelijker in slaap te vallen. Leg hem wakker in zijn bed, bij de eerste tekenen van vermoeidheid.
  4. Vraag hulp
    Blijft je baby na een paar maanden nog moeite hebben om ‘s nachts te slapen en drijft het jou en je partner tot wanhoop, vraag dan om hulp. Slapeloze nachten zijn zowel voor je kind als voor jou niet goed voor de gemoedstoestand. Misschien kan een familielid de nacht een keer overnemen, zodat jij (met oordoppen in) eens goed kan doorslapen. Vraag tips bij het consultatiebureau of de huisarts. Je kunt ook een slaapcoach inschakelen.

Lees ook: Wanneer slaapt een baby ’s nachts door?