Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

 

14 dingen die alleen moeders zeggen

Je hebt het niet altijd in de gaten, maar als moeder* zeg je soms best gekke dingen. Dingen waarvan je zeker wist dat je ze nóóit zou zeggen. Totdat je een kind kreeg. En sindsdien beland je in situaties waardoor je dit soort vreemde dingen zegt:

  1. ‘Niet aan de tv likken.’ Of het raam. Of de kat. Of dat half gesmolten ijsje op de stoep. Kinderen likken aan de gekste dingen. Waarom? Maar echt, hè!
  2. ‘Laat de vis los.’ Reuze interessant natuurlijk, hoe een vis voelt. Maar dat arme beest schrikt zich een hartverzakking. Subtiel zijn kinderen namelijk niet.
  3. ‘Niet doodmaken die slak!’ Of die spin of pissebed of lieveheersbeestje. Kinderen kunnen hartstikke bruut zijn. Niet gemeen bedoeld op die leeftijd, maar als zo’n klein vingertje in dat sluimerige slakkenhuisje verdwijnt en maar blijft prikken en poeren… Ieuw!
  4. ‘Niet in mijn borsten knijpen.’ De fascinatie voor borsten zit er bij jongens al vroeg in. Lekker warm en zacht natuurlijk. Even een handje in dat shirt. Maar dan ineens wordt en flink op geduwd en in geknepen. Grens! Het is onze taak als vrouw om jongens al vroeg respect bij te brengen voor het vrouwelijk lichaam.
  5. ‘Niet uit het bad drinken.’ Er zit badschuim in. Word je ziek van. Kinderen kunnen de hele dag door drinken: water, melk, limonade. Uit een beker. Waarom gaan ze dan ook nog het badwater opslurpen? ‘Niet in bad plassen’ is nog zo’n zin die regelmatig uit je mond rolt.
  6. ‘Niet stiften op de bank.’ Je hebt genoeg kleurboeken, papier en andere blaadjes in huis. Toch is het iets dat elk kind een keer doet, kleuren op de muur, bank of stoel. Zo’n nieuw canvas biedt nu eenmaal andere perspectieven.
  7. ‘Waarom staat er een trein in de ijskast?’ Op de gekste plekken verstoppen kinderen hun speelgoed. In de wc, onder jouw hoofdkussen, in de openhaard. Overal kom je hun spullen tegen.
  8. ‘Bijt niet in mijn been.’ Gouden regel: dinosaurussen (of tijgers) bijten niet in hun moeder.
  9. ‘Hup, wegwezen monster!’ Vanaf een bepaalde leeftijd is het elke avond raak. Jij hebt monster-verjaag-dienst. Neem het serieus, want anders blijft het een onrustige nacht.
  10. ‘Hij heeft goed gepoept vandaag.’ En daar ben je blij om. Je partner ook. Of wie het ook wil horen. Obstipatie is voor niemand een feest.
  11. ‘Trek niet zo hard aan je piemel.’ En dan hebben we het niet over masturberen, hoor. Bizar hoe rekbaar dat lichaamsdeel op die leeftijd is. En ze laten het niet met rust. Soms is het gewoon pijnlijk om naar te kijken. Zo van, straks breekt-ie!
  12. ‘Zit niet met je hand in je broek.’ Niet alleen jongens zitten met hun hand in hun broek. Ook meisjes kunnen er wat van. Lekker onderuit gezakt op de bank. Prima als je je geslachtsorgaan wilt ontdekken, maar bij voorkeur als het bezoek de deur uit is.
  13. ‘Haal dat kussen van je broers hoofd af.’ Of die plastic zak. Of die vaas. Het blijft opletten geblazen met kinderen.
  14. ‘Oké, je mag je kroon wel op.’ Maar die prinsessenjurk doe je uit als je naar school gaat.

* overal waar ‘moeder’ staat kan ook ‘vader’ staan. Nou ja, bijna overal. 😉