Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

 
door

'Moet ik in mijn eentje voor drie kinderen zorgen?'

Babet raakt onverwacht zwanger, van Niels had dat nog niet zo gehoeven. Als zoon Nolan er is, krijgt het stel veel ruzie en
gaat uit elkaar. Maar dan blijkt Babet zwanger van een tweeling.

‘Niels en ik waren jong toen we bij elkaar kwamen: ik was twintig en hij achttien. We waren beiden druk met school en werk, uitgaan en vrienden. Over kinderen krijgen hadden we het niet.

Advertentie

Bij de gynaecoloog

Ik had al een tijd last van buikpijn en kreeg steeds vaker bloedingen tussen mijn menstruaties door. De ene maand bloedde ik twee dagen, de andere wel twintig, er was geen pijl op te trekken. Eenmaal bij de gynaecoloog bleek dat ik vlekken op mijn eierstokken had, cystes dachten ze. Al snel bleek ook dat ik geen eisprong had. En dus kreeg ik op mijn 22ste de vraag hoe het met mijn kinderwens zat. Want kinderen krijgen zou voor ons zo goed als onmogelijk zijn.

De gynaecoloog adviseerde ons na te denken over IVF. Bizar als je nog zo jong bent en vooral voor Niels ging het te snel. Ik voelde veel verdriet, want ik sjouwde al van jongs af aan met poppen en werkte in de kinderopvang: mijn kinderwens was sterk.’

Geen grapje

We besloten het hele IVF-gebeuren te laten rusten en gingen een weekendje weg met vrienden. Daar zei Niels ineens iets raars toen ik een broodje zalm bestelde: ‘Eet dat maar niet op, ik heb zo’n raar voorgevoel: ik denk dat je zwanger bent.’ Ik verklaarde hem voor gek, hij had de gynaecoloog toch ook gehoord? Dus ik at dat broodje gewoon op.

Maar eenmaal thuis werd het nog gekker: mijn driejarige nichtje kwam naar me toe en riep volledig uit het niks: “Tante Babet heeft een baby in haar buik!” “Moet je ons soms iets vertellen?” grapte mijn vader, maar ik werd er een beetje boos van: ik had net gehoord dat ik geen kinderen kon krijgen, daar moest je toch geen grapjes over maken?

Twee streepjes

Toch besloot ik een test te doen, omdat mijn borsten inmiddels ook zeer waren gaan doen. Waarschijnlijk kwam er weer een rare bloeding aan, dacht ik, of waren mijn hormonen weer in de war. Een test zou dan in elk geval die rare gedachtes van iedereen kunnen wegnemen. En misschien, wie weet… Ik had me natuurlijk ook nog lang niet neergelegd bij het slechte nieuws.

En toen stonden er ineens twee streepjes op de test. Mijn moeder en zus, die erbij waren, waren meteen door het dolle heen. Dit kan niet, dacht ik. Mijn lijf is gewoon raar aan het doen. En hoe ging ik dit aan Niels vertellen?

Niet blij

Hij was pas twintig, werkte in een supermarkt en wilde nog helemaal geen vader worden. Hij vond het vooralsnog ook niet zo erg dat we kinderloos zouden blijven. En inderdaad: Niels begon keihard te huilen toen hij het hoorde. Ondanks zijn voorgevoel was het vooral een onaangename verrassing voor hem, ook omdat hij zeker wist dat zijn gelovige ouders niet blij zouden zijn met een kleinkind voor het huwelijk.’

Even niet gezien

In het ziekenhuis bleek dat ik al acht weken zwanger was. Er zat dus al een baby in mijn buik toen de arts me vertelde dat ik nooit zwanger zou worden. Die hadden ze tijdens de onderzoeken even over het hoofd gezien. Ongelofelijk. Ik vond het moeilijk om blij te zijn. Ik was vooral bang om de baby te verliezen, want waarschijnlijk zou ik niet nog eens zwanger raken.

Ik stopte met paardrijden, durfde niet te fietsen en maakte me wekenlang druk over dat ene broodje zalm. Maar de zwangerschap verliep goed. Ik voelde me fit, en haalde ondertussen mijn diploma voor pedagogisch medewerker kinderopvang.

Dan maar samenwonen

Niels en ik gingen samenwonen. Dat was voor ons beiden een grote stap – we woonden allebei nog thuis. In korte tijd kregen we een ander leven: van lekker uitgaan met vrienden tot thuis op de bank met een kind op komst. Daar hadden we ons niet op kunnen voorbereiden en met name Niels had het daar moeilijk mee. Hij was zelden thuis, werkte veel en zat de rest van de tijd bij vrienden. Ik voelde me aan mijn lot overgelaten.

Nu snap ik dat het vluchtgedrag was: hij was er nog niet klaar voor om vader te worden en het had voor problemen met zijn ouders gezorgd. Maar op dat moment nam ik het hem alleen maar kwalijk. We hadden veel ruzie en dat werd erger toen Nolan eenmaal geboren was en de voedingen en gebroken nachten erbij kwamen.

Uit elkaar

We dreven verder uit elkaar en ik merkte dat de slechte sfeer thuis ook voor Nolan niet fijn was, hij huilde veel en was niet graag alleen met Niels. Dat vond ik naar om te zien. Ik wilde er alles aan doen om Nolan gelukkig te maken, juist omdat het zo bijzonder was dat hij er was. Daarom besloot ik ergens anders te wonen, zodat Nolan mijn volledige aandacht kon krijgen. Een verdrietige keuze, want ik wilde natuurlijk niet dat mijn gezin uit elkaar viel. Ook Niels had het er moeilijk mee, maar het voelde desondanks als de beste keuze.

Uit elkaar

‘Toch zagen Niels en ik elkaar nog regelmatig, omdat Nolan veel ziek was en we dan samen voor hem zorgden. Dat ging heel goed en op die momenten konden we ook fijn praten. Blijkbaar was er afstand nodig om weer dichter bij elkaar te komen. Soms gebeurde er dan wat tussen ons. Dat leidde ertoe dat ik, toen we ongeveer een jaar uit elkaar waren, weer een zwangerschapstest deed.

Ik voelde me al een tijdje vreemd en van mijn onregelmatige bloedingen had ik al even niets gemerkt. Het was een totale shock toen de test positief bleek, ik was helemaal van de kaart. Van alle dingen in de wereld was een zwangerschap wel het laatste wat ik verwacht had, nu Niels en ik uit elkaar waren. En vanwege mijn voorgeschiedenis natuurlijk.

Toevalstreffers

Achteraf denkt de gynaecoloog dat ik waarschijnlijk toch een eisprong heb, maar niet op regelmatige basis en niet keurig op de veertiende dag van mijn cyclus, want ik héb geen normale cyclus. Mijn zwangerschappen waren dus ongelofelijke toevalstreffers.

Het zijn er twee

Ik was in eerste instantie heel blij met dit tweede wonder, want ik wilde graag een broertje of zusje voor Nolan, ook in mijn eentje. Maar de blijdschap verdween toen ik zwanger bleek te zijn van een tweeling: twee meisjes. In mijn eentje voor drie jonge kinderen zorgen leek me een enorme opgave. Daar kwam bij dat de tweeling eeneiig was en één placenta en één bloedsomloop deelde.

Daardoor is de kans op complicaties groter, zoals een groeiachterstand of vroeggeboorte, maar ze liepen ook een groot risico op het Tweeling Transfusie Syndroom (TTS). Daarbij krijgt één baby al het bloed van de ander en dat kan ertoe leiden dat één of beide baby’s overlijden. Dat was veel in mijn eentje en ik wist niet of ik de zwangerschap wel wilde doorzetten.

Samen doen

Gelukkig reageerde Niels goed op het nieuws dat hij weer vader werd. Hij moest natuurlijk behoorlijk aan het idee wennen, maar hij zei meteen: we gaan dit samen doen. Hij was ervan overtuigd dat het blijkbaar zo moest zijn en wist mij daar ook van te overtuigen.

Hij is enorm zorgzaam en lief voor mij en voor Nolan, en het lukt me nu om mijn boosheid over zijn gedrag tijdens mijn eerste zwangerschap te laten gaan. Ook de band met zijn ouders is een stuk beter geworden. We zijn eindelijk een echt gezin. We hadden elkaar ook hard nodig, want met mijn zwanger­schap ging het niet goed.

De tweeling redden

Toen ik bijna twintig weken zwanger was, kreeg ik vreselijke buikpijn. Mijn buik was hard en ik verloor vocht. In het ziekenhuis bleek dat een van de baby’s geen vruchtwater en blaasvulling meer had: de vliezen zaten helemaal strak om haar heen. Een gevolg van dat gevreesde TTS. Als we niets zouden doen, zou de baby sterven, en de andere misschien ook.

De gynaecoloog stelde voor mijn placenta met een laserbehandeling te splitsen, zodat de meisjes toch hun eigen voedsel- en bloedvoorziening zouden hebben – hoewel het maar zeer de vraag was of we ze daarmee zouden kunnen redden. Er zou een gaatje in mijn vliezen gemaakt moeten worden, wat ook niet zonder risico was.

Enge ingreep

Ik was vreselijk bang, vooral voor de operatie. Dat ik kans had om mijn baby’s te verliezen, drong nog niet tot me door. Ik had me door alle moeilijkheden en twijfels eerder nog niet echt voor ze kunnen openstellen en kon het niet goed bevatten. Maar Niels bleef kalm, ik had hem nog niet eerder zo betrokken en vastbesloten gezien en dat maakte dat ik het aandurfde: niet alleen de operatie, maar ook een nieuwe toekomst met hem.

Het klinkt misschien een beetje dramatisch, maar zo voelde het toen. Tijdens de behandeling zat hij naast me, maar hij durfde niet te kijken. Ik had een roesje, maar kreeg desondanks alles mee. Het was eng om te zien hoe ze in mijn buik bezig waren, terwijl de meisjes er in zaten.’

Niets is onmogelijk

De ingreep lukte en beide baby’s leefden. Het was alleen zeer de vraag of het vruchtwater vanzelf weer terug zou komen en er weer een normale situatie in mijn baarmoeder zou ontstaan. Ze kunnen veel, maar dit moest vanzelf goedkomen. Of niet, want die kans was nog altijd groot.

Ik moest veertien dagen volledige bedrust houden en dan zou ik weer een echo krijgen om te zien hoe het met de baby’s was. Zenuwslopende weken. Gelukkig voelde ik de baby’s elke dag goed bewegen. Dat was zo’n opluchting. Het gaf me veel hoop en daardoor ging ik me steeds meer aan de meisjes hechten.

Vrolijk ronddobberen

Toen het echoapparaat op mijn buik werd gezet, zagen we het meteen: twee baby’s in een eigen vruchtzak, beide vol vruchtwater. Twee meisjes die vrolijk ronddobberden en zelfs naar elkaar schopten! De artsen waren verrast, ze hadden niet verwacht dat het zo goed zou uitpakken.

Daar op de behandeltafel voelde ik voor het eerst in al die maanden dat het goed was zo, dat ik kon gaan genieten en niet meer bang hoefde te zijn voor de toekomst. Natuurlijk blijft het spannend tot de dag dat de tweeling geboren is, want er is vanwege de TTS nog steeds een groter risico op complicaties. En ook na hun geboorte kan er nog van alles gebeuren.We kunnen ons nergens op voorbereiden en dat vind ik moeilijk. Maar we doen het vanaf nu samen en dat voelt echt fantastisch.

Weer samen

Deze week trekken Nolan en ik weer bij Niels in. Nolan is dolgelukkig met het feit dat ik twee zusjes voor hem in mijn buik heb en tussen hem en Niels gaat het ook supergoed. Nu duimen dat we straks twee gezonde meisjes in onze armen kunnen houden. Dan hebben Niels en ik drie kinderen, terwijl ons gezegd was dat dat onmogelijk was. Ik hou het er maar op dat wonderen bestaan.’

 

Dit artikel is eerder verschenen in Ouders van Nu Magazine. Interview: Neeltje Huirne. Fotografie: Brenda van Leeuwen. 

Artikelen van Ouders van Nu ontvangen in je mailbox? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.