Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

 
door

Suzanne heeft hersenletsel: ‘Als Liz een driftbui krijgt, moet ik oordoppen in’

Tijdens haar werk als dolfijnentrainer loopt Suzanne van Laar (34) in 2011 hersenletsel (NAH) op. Al staat haar wereld op z’n kop, ze droomt ook van kinderen. Alleen, hoe doe je dat: moeder zijn als je amper prikkels kunt verdragen en het geheugen van een goudvis hebt?

‘Ik werkte als dolfijnentrainer in het showbassin van het Dolfinarium, toen het tijdens een training in 2011 goed misging. Ik dook iets te enthousiast het water in en knalde met een rotvaart met mijn hoofd tegen de betonnen rand van het showbassin. Mijn oogkas, neus en kaak waren gebroken en ik had knallende hoofdpijn. Na twee heftige en onzekere jaren, wees een hersenscan uit dat ik niet-aangeboren traumatisch hersenletsel heb.’

Advertentie

Rotsvast vertrouwen

‘Leven met hersenletsel is moeilijk uit te leggen, je ziet er aan de buitenkant niets van. Vergelijk mijn brein met een digitale camera die niet meer scherp kan stellen, maar dat wel de hele tijd probeert. Het is altijd een chaos in mijn hoofd. Mijn gedachten zijn ongrijpbaar. Ik leef met lijstjes, briefjes en schema’s. Het huishouden duurt bij mij vier keer zo lang, omdat ik geen structuur zie. Werken kan ik waarschijnlijk nooit meer.

Ondanks mijn beperkingen, is moeder worden voor mij altijd een optie geweest. Al wist ik dat de kans dat het zou lukken maar 5 procent was. Mijn hypofyse is beschadigd en na het ongeluk heb ik bijna zeven jaar geen menstruatie of eisprong gehad. Nog steeds is mijn cyclus heel onregelmatig. Toch geloofde ik erin dat het ooit goed zou komen. Er was door het ongeluk al zoveel van mij afgenomen, daar kon niet nóg meer bij.’

Prikkels opbouwen

‘Mijn gevoel bleek te kloppen. Een maand nadat ik was begonnen met mijn eerste hormoonkuur, had ik al een positieve test in handen. Mijn hart ging tekeer, wat een werelds gevoel! De zwangerschap van Liz was één roze wolk. Ik ken mijn eigen beperkingen goed en had mijn dagen zo ingedeeld dat ik het fysiek en mentaal kon volhouden. Wandelen, yoga, slapen, gezond eten. Richting het einde van mijn zwangerschap plande ik bewust meer afspraken in en bouwde ik langzaam de prikkels op. Zo kon mijn lijf leren wennen aan drukkere dagen.’

Samen wandelen

‘De kraamtijd van Liz heb ik op me af laten komen. Ik had veel ervaringsverhalen gelezen, maar merkte ook dat iedere moeder met NAH het anders ervaart. Mijn moeder kwam de eerste maanden iedere dag langs en ook vriendinnen stonden klaar als ik het niet meer trok. De eerste weken vond ik een eitje. Met slapeloze nachten was ik al bekend; sinds 2011 had ik door mijn hersenletsel nog niet één fatsoenlijke nacht geslapen. Omdat Liz overdag alleen in de draagzak sliep, wandelde ik tot haar eerste verjaardag elke dag een flink aantal kilometer per dag met haar. Zalig! Zo kreeg zij haar slaapjes en vond ik mijn rust en stilte in de natuur.’

Lucky shot

‘Al voor de geboorte van Liz, hadden mijn man en ik de wens voor een tweede uitgesproken. Wel met een slag om de arm. We wisten niet of het nog een keer zou lukken en of ik het wel zou trekken. De arts die we in december 2019 spraken, vertelde ons dat Liz echt een lucky shot was en dat we rekening moesten houden met een langdurig traject. We besloten een jaar rust te nemen en in 2021 een nieuwe afspraak in te plannen. Eerst bijtanken en bijslapen, was ons idee. Een maand later bleek ik per ongeluk zwanger van Finn. Artsen vielen stil aan de telefoon: dit hielden ze voor onmogelijk.’

Kleine wereld

‘Finn bleek net als Liz een slechte slaper. Onze dagen beginnen nu al twee jaar lang tussen de 04.00 en 06.00 uur ’s morgens. Wakker liggen door hersenletsel of door een krijsend kind is een intens verschil. Voor de kinderen er waren, pakte ik nog wel wat uurtjes diepe slaap op een nacht. Nu word ik midden in die diepe slaap wakker geschreeuwd. Dat valt me enorm zwaar. Maar ik weet ook: dit is een fase. We hebben bewust gekozen voor kinderen, hier moeten we doorheen. Mijn sociale leven is op dit moment heel klein, de momenten me-time zijn gering. Dat geldt ook voor mijn man, die een eigen zaak heeft en lange dagen maakt. Slaap en de kinderen zijn op dit moment onze enige prioriteiten. Om 20.00 uur duiken wij ons bed in.’

Blikken op straat

‘Altijd maar drukte en herrie om je heen en 24/7 ‘aan’ staan. Dat is wat de meeste ouders het zwaarst vinden aan kinderen hebben. Voor een ouder met NAH is dat nog tien keer zo zwaar. In mijn hoofd is het altijd een chaos en dat maakt een huilend kind extra heftig. ’s Nachts slaap ik standaard met oordoppen in. Ik hoor de kinderen nog wel, maar verder weg. Overdag draag ik vaak een noice cancelling koptelefoon, zodat ik alles op gedempte toon hoor. Als Liz een peuterdriftbui heeft, doe ik oordoppen in. Anders krijg ik kortsluiting. Gelukkig kan ik al veel uitleggen aan Liz. ‘Mama heeft een auw hoofd, wil je alsjeblieft wat zachter praten? Op straat word ik heel soms aangekeken met die koptelefoon, maar ik krijg er steeds meer een olifantenhuid voor. Ik geef mijn kind net zoveel aandacht en hoor precies wat ze zegt.’

Flesje vergeten

‘Al tien jaar schrijf ik alles wat ik moet onthouden op. Nu ik moeder ben, zijn de notitielijsten in mijn telefoon langer dan ooit. Zelfs dingen als ‘haren wassen Liz’ noteer ik, anders vergeet ik het gegarandeerd. Op mijn telefoon staan meer dan 80.000 foto’s en filmpjes, zodat ik de herinneringen met mijn kinderen niet vergeet. Elke ochtend begin ik met het doornemen van mijn to do-lijst. Liz vraagt hier ook al naar en dan vertel ik stap voor stap hoe onze dag eruitziet. Daar gaan we allebei heel lekker op. Alsnog gebeurt het wel eens dat ik een luier of flesje vergeet. Vervelend, maar ik probeer het te relativeren. Worden de kinderen daar nou echt slechter van? Mijn enige angst is dat ik de kinderen ooit ergens vergeet. Al geloof ik niet dat mijn oerinstinct dat zou toelaten. En gelukkig is mijn man er ook nog.’

Schuldgevoel

‘Als ik zie wat ik de afgelopen drie jaar heb gepresteerd, ben ik enorm trots op mezelf. Maar ik worstel ook met schuldgevoelens. Omdat mijn emmer zo vol zit, flip ik sneller. Daar heb veel verdriet van. Ik heb de concentratie van een goudvis en merk dat mijn gedachten afdwalen als ik met Liz speel. Ik hoor haar praten, maar schakel in mijn hoofd uit. Dat vind ik sneu voor haar. Als het me echt te veel wordt, is één blik naar mijn man genoeg. Hij neemt me dan direct alles uit handen. Of ik bel mijn moeder als hij niet thuis is. Ik zou niet weten wat ik zonder zo’n geweldig vangnet zou moeten.’

Over mijn grens

‘Ik zou graag een meer ondernemende moeder zijn. Maar een middag zwembad of binnenspeeltuin is voor mij bijna niet te doen. Daar betaal ik de dagen erna de rekening voor. Toch ga ik af en toe bewust over mijn grenzen heen voor de kinderen. Laatst hadden we een fantastische ‘Mama-Liz’-dag in de dierentuin. De dagen daarna heb ik tussendoor vaker op bed gelegen, al geeft deze quality time met mijn dochter me ook nieuwe energie. Voor Liz zijn deze uitstapjes ook extra bijzonder, omdat we dit niet vaak doen.

Onze kinderen leren enorm te genieten van de kleine dingen en dat niet alles vanzelfsprekend is. Liz is nu al zo dankbaar en gelukkig, dat valt zelfs anderen op. Een heel mooie eigenschap om aan je kinderen mee te geven. Samen zijn, een team vormen: dát is waar het echt om draait. Of dat nou in stilte is met een arm om elkaar heen of als ik een goede dag heb met dansen op een liedje.’

Bewuste ouder

‘Het ongeluk heeft een hoop van me afgenomen, maar het heeft me óók veel gegeven. Ik leef het leven veel bewuster en geef dat dus ook aan mijn kinderen mee. Het is een geschenk dat je iedere dag gezond mag opstaan. Ook als je die nacht ieder uur hebt gezien. Vriendinnen die moeder worden, zie ik worstelen met de drang om alles perfect te willen doen. Om over alles de controle te willen houden. Dat is natuurlijk onmogelijk. Die les had ik al geleerd. Het ouderschap kent gigantische tegenpolen. Het is zo mooi en zo intens. Zo fijn en zo loodzwaar. Let it go, dat is wat mij betreft echt de allergrootste les voor alle ouders. Met of zonder hersenletsel.’

Fotografie: Lottemanou van Wely