Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

door

Waarom heeft juist de tweede zo'n impact op je leven?

Daar is-ie dan: De Tweede. Welkom in de dynamiek van een gezin met twee kleine mensen die zo hun eigen wensen en ritmes hebben. En waarbij de oudste niet per se op de jongste zit te wachten. Tel daarbij op dat er voor jou nauwelijks tijd is om te wennen aan dit grotere gezin – want: de kinderen – en je hebt de formule voor een potentieel stressvolle en gegarandeerd vermoeiende tijd. Hoe vind je een nieuwe balans?

Drie weken na de geboorte van onze tweede dochter, hield ik met mijn ene arm de baby vast die – eindelijk – goed aan de borst lag en probeerde ik met mijn andere hand de oudste tegen te houden die met een romper vol diarree op de bank wilde klimmen. Al snel leerde ik dat de televisie een uitkomst was. En dat zat me niet lekker. Niet omdat ik dacht dat ze veel slechter zou worden van nijntje, maar omdat dit de eerste keer was dat ik worstelde met het verdelen van mijn aandacht. En dat ik vervolgens direct naar het gemakkelijkste hulpmiddel greep: een scherm. Ik deed een simpele rekensom en wist dat mijn oudste vanaf nu maximaal de helft van alle aandacht zou krijgen en mijn jongste zou opgroeien met sowieso minder tijd en aandacht dan haar oudere zus had gehad.

Advertentie

Net een fabriek

Ruim de helft van alle jonge vrouwen verwacht uiteindelijk twee kinderen te krijgen, dat blijkt uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Twee kinderen zijn de norm voor het overgrote deel van de Nederlanders. Doe je die tweede er gewoon even bij? Nou nee, de meeste ouders zullen het erover eens zijn: de tweede heeft nogal wat impact op de balans in je gezin. Kon je bij de eerste nog overdag bijslapen, nu is dat er niet meer bij. Zeker als de tweede nog niet zo groot is, sta je de hele dag ‘aan’ en wordt er een beroep op je gedaan. Het tegelijkertijd managen van een driftbui van je peuter, een spuitluier van je baby en een overkokende pan pasta kan behoorlijk stressvol zijn.

Bijke, waarvan haar dochter pas 13 maanden was toen haar broertje geboren werd: “Ik vond die eerste maanden heel heftig. Onze oudste liep nog niet. Dus moest ik voortdurend twee kinderen overal naartoe dragen. Ik draaide fabrieksdagen. Van verschoning, naar voeding, naar slaapje en weer opnieuw. Met twee verschillende ritmes, waren er zelden momenten dat ik even kon uitpuffen. Mijn enige uitje was het doen van boodschappen. En zelfs dat was een hele tour met twee kinderen in een tweelingwagen en dan ook nog de pakken melk, het brood en de eindeloze berg luiers. Als mijn man eindelijk thuiskwam, lag ik op apegapen en vond ik dat hij de zorg over moest nemen. Maar hij had natuurlijk ook een lange dag gewerkt en was ook moe. Het was voor hem stukken fijner geweest als hij thuiskwam bij een uitgeruste blije vrouw die zei dat ze het heerlijk gehad had. In plaats daarvan zat ik soms in tranen op de bank. Ja, dat waren niet de gezelligste tijden.”

Lees ook: Hoe bereid je je kind het beste voor op een broertje of zusje?

Vast in een schema

Melissa had al een zoon van bijna vier, Tijmen, toen de tweede, Joas, geboren werd. Terwijl de een naar de kleuterklas gaat, doet de jongste nog twee slaapjes overdag en is hij ’s nachts nog vaak wakker. ‘Mijn oudste werd vier en ineens zaten we voor mijn gevoel vast. Vast in een schema van: kwart over acht op school zijn en om drie uur ’s middags weer op dat schoolplein staan. Dat betekent om 7.00 uur uit bed en 2 kinderen klaarmaken, terwijl ik de jongste ’s nachts nog voed en ook vaak met hem beneden zit omdat hij niet kan slapen. Maar de volgende ochtend moet ik hem wel uit zijn bedje trekken omdat z’n broer zonodig naar school moet. Dat voelt heel oneerlijk naar hem toe. Helemaal als ik zie dat hij echt nog moe is.

Soms brengt mijn vriend dan de oudste naar school, zodat Joas en ik nog even kunnen blijven liggen, maar dat kan niet altijd omdat hij eigenlijk moest hij om al voor 07.00 in de trein naar zijn werk moet zitten. Om 15.00 op het schoolplein staan, lukt meestal wel, maar op de woensdag en de vrijdag moeten we Tijmen al om 12.00 van school halen. Dat is eigenlijk midden in Joas’ slaapje. Het is dan echt een kwestie van heel precies uitkienen hoelaat ik hem neerleg, maar dan nog komt het vaak genoeg voor dat ik hem uit bed moet trekken. Dan is-ie super sacherijnig en huilerig, maar hem thuislaten vind ik ook niets. Ik heb wel vriendinnen die dat doen, die gaan dan even snel heen en weer terwijl de baby nog slaapt. Maar wat als hij wakker wordt en in paniek raakt omdat er niemand is of erger: je zal autopech krijgen of een ongeluk, dan weet niemand dat je baby alleen thuis is.’

Krijgt-ie wel genoeg aandacht?

Deborah is moeder van een zoon van tweeënhalf en een dochter van negen weken. Het moeilijkste aan twee kinderen? Dat ze voor beide een heel andere rol heeft en dat bijna niet samen vindt gaan. Ze legt uit. ‘Jurre, mijn zoon is een peuter. Lekker energiek, dat begint vaak al om 06.00 in de ochtend. Zijn ogen gaan open en hij is klaar voor de dag. Voor hem heb ik een entertainende rol: ik ga met hem naar de speeltuin, we dansen door de kamer, spelen memory, maken puzzels, we kleuren en we kleien. Maar de jongste, Lara, wil om de vier uur gevoed worden, heeft veel last van krampjes en wil daarom eigenlijk het liefst gewoon de hele dag in m’n armen liggen.

Ik weet af en toe echt niet hoe ik dat moet combineren. Een draagzak roept iedereen dan, maar dat gaat me helemaal niet natuurlijk af. Ik zet Lara nu vaak in een wipper erbij als ik met Jurre speel en zodra Lara in haar wiegje ligt, trek ik alles uit de kast om Jurre te vermaken zodat hij zich niet achtergesteld voelt. Maar aan het eind van de dag ben ik gesloopt en heb ik het idee dat ik ze allebei tekortdoe.’

Schakel hulp in

Marieke van ’t Hoff runt haar eigen bedrijf Opvoedplezier en heeft veel oververmoeide, ouders gezien. “Als ouder moet je ervoor zorgen dat je lekker in je vel zit. Dan kun je beter omgaan met piekdruktes en relaxter op je kind reageren. Dat is een hele uitdaging met twee jonge kinderen. Wat ik merk bij veel ouders is dat ze heel veel ballen hoog willen houden. Dat lukte misschien nog wel met één kind, maar met twee kinderen echt niet meer. Moeders willen drie keer per week sporten, het huis moet schoon zijn en er moet ook nog afgesproken worden met vriendinnen. Maar moet dat echt allemaal? Als alles op hetzelfde niveau moet blijven als van vóór de kinderen, dan krijg je het wel heel erg zwaar.

Soms voelt het voor ouders alsof ze geen keuze hebben, maar die is er vaak wel. Zet het sporten even op een laag pitje of verzin een slim alternatief. Ga niet doodvermoeid tien kilometer hardlopen, maar doe een yogalesje via YouTube. En als het financieel kan: laat af en toe een werkster komen die helpt met de schoonmaak. Of schakel je directe omgeving in. Vaak vinden die het heel leuk om even op te passen. Ga in die vrije uurtjes niet iets nuttigs doen in huis – juist niet – maar gebruik het voor iets waar je al lang niet aan toe bent gekomen. Ga lekker lang in bad, fiets naar de stad voor een kop koffie of ga een paar uur slapen. Anders vliegt het je naar je keel, terwijl je zelf ook maar een mens bent en niet alles kan.”

Lees ook: 22 dingen die je bekend voorkomen als je een tweede kind hebt gekregen

Wat werkt, werkt

Pieternel (37) heeft een dochter van 4 en een zoon van 2 jaar oud. Zij tobde vooral met de borstvoeding. ‘Onze oudste, Isa, heb ik vier maanden borstvoeding kunnen geven, maar met Julius is dat maar twee maanden gelukt. Het lukte me niet om een heel strak schema aan te houden met Isa erbij. Daardoor stagneerde de melkproductie. Ik heb nog even gedacht om dan alles te gaan kolven, zodat het misschien beter zou gaan. Maar toen ik met twee huilende kinderen in de auto naar meerdere verhuurlocaties voor een kolf gereden was en ik er nog steeds geen had, heb ik de handdoek in de ring gegooid. Een beetje laks misschien, maar het gaf me ook veel rust.”

Volgens Van ’t Hoff valt of staat het met de eisen die je aan jezelf stelt. Pieternel ging ontspannen om met een drukke situatie en nam voor zichzelf een besluit. “Wat werkt, werkt. Als je wel graag borstvoeding wil blijven geven, zoek dan naar een oplossing die binnen je mogelijkheden ligt en wees niet te streng. Het kan echt geen kwaad om even de tv aan te zetten voor de oudste. Tegelijkertijd: je hebt vaak wel nog een hand over als het kind eenmaal goed drinkt. Dus ook een boekje lezen of liedjes zingen met de oudste is dan mogelijk. Zo leert de oudste dat hij geen plaats hoeft te maken voor zijn broer of zusje.’

Kwestie van wennen

Anders dan bij de eerste, moet er immers nu nóg iemand in het gezin wennen aan de komst van de baby. En vaak zit de eerste niet per se te wachten op een broer of zus. Het is een van de eerste ‘hordes’ die ouders moeten nemen als de tweede er is. De oudste zoon van Kim van Gorp (36) was 3 jaar toen zijn zusje geboren werd. Kim: “Job moest heel erg wennen aan de komst van Fieke. Hij negeerde haar compleet en was opstandig en vervelend. Hij reageerde heel dwars als wij hem iets vroegen. Hierdoor waren we eigenlijk drukker met hem dan met Fieke.”

Ook Bijke (43) zag een grote gedragsverandering bij haar dochter van net één jaar. “Zo klein als ze was, zagen we dat ze het moeilijk had met het delen van de aandacht. Ze was jaloers en kreeg flinke driftaanvallen. Die begonnen in de kraamweek en hebben lang geduurd. Onze zoon wilde in die eerste maanden ook voortdurend bij mij drinken, dus zo had ik twee kinderen die eigenlijk de volledige aandacht wilden. Dat vond ik best heel lastig.”

Hoort erbij

Om goed om te kunnen gaan met het soms moeilijke gedrag van je oudste, helpt het om te snappen waar het gedrag vandaan komt. Ontwikkelingspsycholoog Steven Pont stelt dat we de impact van een tweede kind op de eerste niet moeten onderschatten. “De geboorte van een broer of zus kan voor de eerste echt als een grote dreiging worden ervaren. De nieuwe baby breekt het sociale contract open dat ouders met hun eerste kind hebben: opeens is er nog een kind dat aandacht krijgt. De voorwaarden van het contract veranderen volledig, terwijl hij daar geen toestemming voor heeft gegeven. De eerste kan het de tweede echt kwalijk nemen dat hij de harmonie heeft doorbroken. Er zijn drie reacties op deze dreiging: vluchten, vechten of verstijven. Alle drie zijn heel normaal en het gaat vanzelf over. Soms binnen een paar weken, soms duurt het een paar maanden. De reacties zijn het hevigst bij jonge kinderen, omdat die nog niet het abstractievermogen hebben dat een kind van een jaar of zes wel heeft. Ze snappen het gewoon niet.”

Volgens Pont is het belangrijk dat ouders er zelf niet een al te groot probleem van maken. “Kinderen spiegelen zich namelijk aan ons. Als een kind valt, kijkt het vaak eerst achterom. Als wij moord en brand schreeuwen, gaat het kind ook krijsen. Halen wij onze schouders op, dan reageert het kind ook stukken relaxter. Daarmee maak je het voor jezelf gemakkelijker. Realiseer je dat het heel normaal is dat je kind in verzet te komt. Wij volwassenen hebben er last van en het kind zelf ook, maar het is geen probleem. Het is een van de dingen die overwonnen moet worden. Daar word je groot van.”

Samen spelen

Positieve effecten van een tweede zijn er overigens ook. Vaak word je als ouder meer ontspannen en laat je dingen los die voorheen veel tijd kostten. Pieternel: “Bij Isa was ik meer bezig met de ontwikkeling en las ik daar ook meer over. Wanneer moest ze haar eerste tand krijgen? Ik vergeleek dat met hoe ver Isa was. Ook schreef ik regelmatig dingen op, over mijlpalen zoals eerste woordjes. Nou, daar had ik met de komst van de tweede echt helemaal geen tijd meer voor. Ik heb dat compleet losgelaten. Wanneer een kind iets ‘moet’ kunnen, weet ik inmiddels ook niet meer.

Ik werd van de tweede kortom stukken relaxter. Ook omdat een strak schema bijhouden geen doen is met twee kinderen die allebei een compleet ander ritme hebben.” En ook voor Bijke is het nu juist fijn dat er maar zo weinig tijd tussen de kinderen zit. “Ze zijn echt de beste maatjes. Samen kunnen ze uren spelen en zitten ze echt in hun eigen wereld. Ik denk zelfs dat ik het daardoor nu rustiger heb dan met één kind het geval geweest was. Mijn kinderen hebben heel veel aan elkaar.”

Dit artikel is eerder verschenen in Ouders van Nu Magazine – Tekst: Mijke Pol, beeld: Shutterstock

Artikelen van Ouders van Nu ontvangen in je mailbox? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.