Oogproblemen-kinderen

Oogproblemen bij kinderen

Als je kind met een of met beide ogen niet helemaal goed ziet, kan dit grote gevolgen hebben. Leren lezen gaat moeilijker en hij kan hoofdpijn krijgen of zich slecht concentreren.

Het is daarom belangrijk dat oogproblemen op zo’n jong mogelijke leeftijd worden ontdekt.

Diagnose

Een kind dat scheel ziet, komt al vroeg bij een oogarts terecht omdat dit een zichtbare afwijking is. Andere afwijkingen komen vaak op drie- of vierjarige leeftijd aan het licht bij de ogentest op het consultatiebureau. In zo’n geval word je kind doorverwezen naar de oogarts voor verder onderzoek. Bij sommige kinderen ontstaat een oogafwijking pas later of wordt deze pas als ze groter zijn ontdekt. Vaak merk je dit als je kind naar school gaat en niet goed op het bord blijkt te kunnen kijken of zich slecht kan concentreren.

Verschillende oogproblemen op een rijtje:

Scheelzien

Bij scheelzien (strabisme) zijn de ogen niet op hetzelfde punt gericht. Eén oog is naar binnen of juist naar buiten gericht. Hierdoor kunnen de hersenen niet op de goede manier iets waarnemen en ziet je kind dubbel of gebruikt hij maar één oog echt. Is dit laatste het geval, dan kan hij een lui oog ontwikkelen. Scheel zien wordt verholpen met een bril of door het goede oog af te dekken. Soms is er een operatie nodig als het kind een jaar of vier is.

Lui oog

Als een oog zich niet goed ontwikkelt door scheelzien of verziendheid, wordt dat een lui oog genoemd. Met een bril of door het goede oog af te plakken, wordt het luie oog getraind en daardoor kan de afwijking verdwijnen. Een lui oog, ook wel ambylopie genoemd, kan alleen succesvol behandeld worden bij jonge kinderen. Het is daarom belangrijk dat de afwijking vroeg wordt ontdekt.

Verziendheid

Bij deze afwijking worden beelden niet goed geprojecteerd op het netvlies. Hierdoor ziet een verziend kind dingen niet goed van een verre afstand. Heeft je kind hier last van, dan zal hij een bril moeten dragen om weer scherp te kunnen zien.

Bijziendheid

Dit komt vooral veel voor bij kinderen vanaf zes jaar. Kinderen die er last van hebben, kunnen dingen die dichtbij zijn niet scherp zien. Ze knijpen vaak met hun ogen, bijvoorbeeld als ze in een boek kijken. Een bril kan dit probleem verhelpen. Waarschijnlijk is bijziendheid, oftewel myopie, erfelijk.

Astigmatisme

Een kind dat hier last van heeft, ziet alles erg onduidelijk. Dit komt door een ongelijkmatige kromming van het hoornvlies. Een bril met cilindrisch geslepen glazen is hiervoor de oplossing.