Wat is het verschil tussen IVF en een ICSI-behandeling?
Zowel IVF als ICSI zijn vruchtbaarheidsbehandelingen waarbij de bevruchting buiten het lichaam plaatsvindt, maar de manier van bevruchten is anders. Bij IVF worden zaadcellen en een eicel samen in een schaaltje gelegd, in de hoop dat één zaadcel zelfstandig de eicel bevrucht. Bij ICSI kiest een laborant onder de microscoop één specifieke zaadcel uit en injecteert deze met een holle naald direct in de eicel.
Wanneer kom je in aanmerking voor een ICSI-behandeling?
Een arts adviseert een ICSI-behandeling meestal wanneer het zaad van sterk verminderde kwaliteit is, wanneer een eerdere IVF-behandeling niet heeft geleid tot bevruchting, of wanneer de zaadcellen via een operatie verkregen moeten worden.
Arts voortplantingsgeneeskunde Tessa Cox benadrukt dat ICSI een lichamelijk en emotioneel zwaar traject is. Daarom wordt deze behandeling niet zomaar bij iedereen met een onvervulde kinderwens ingezet. Veelvoorkomende indicaties zijn:
Sterk verminderde zaadkwaliteit.
Het uitblijven van bevruchting na een regulier IVF-traject.
Gebruik van zaadcellen die operatief uit de teelbal of bijbal zijn gehaald (PESA, MESA of TESE).
Hoe werkt een ICSI-behandeling stap voor stap?
Een ICSI-behandeling bestaat altijd uit vijf vaste fasen: de hormoonstimulatie, de follikelpunctie (eicellen weghalen), de bevruchting in het laboratorium, het terugplaatsen van het embryo en tot slot de wachtweken.
- 1
1. De hormoonstimulatie Je krijgt eerst hormonen die de eierstokken stimuleren, zodat er in plaats van één eicel, direct vijf tot tien eicellen tegelijk rijpen. Een tweede hormoon zorgt ervoor dat je geen vroegtijdige eisprong krijgt. Je injecteert deze hormonen zelf in je buik, na instructies in het ziekenhuis. Via inwendige echo's controleert de arts de groei van de eiblaas (follikel). Zijn ze groot genoeg? Dan volgt de laatste injectie om de eicellen vruchtbaar te maken en los te weken.
- 2
2. De follikelpunctie Tijdens de punctie zuigt de arts de eicellen met een holle naald uit de eierstok. Via de wand van je vagina prikt de arts, met behulp van een inwendige echo, de follikels één voor één aan. Het vocht wordt opgevangen in buisjes en direct naar het laboratorium gebracht. Dit aanprikken kan pijnlijk zijn, maar in de meeste ziekenhuizen krijg je hiervoor zware pijnstillers.
- 3
3. De bevruchting In het laboratorium selecteert de laborant voor elke eicel één normaal uitziende zaadcel. Deze wordt rechtstreeks in de eicel gespoten. Vervolgens gaan de geïnjecteerde eicellen in een warme broedstoof. Nu is het afwachten: delen de cellen zich goed tot een embryo? Na (meestal) vijf dagen wordt het embryo geselecteerd dat zich het best heeft ontwikkeld voor plaatsing in de baarmoeder. De overige goede embryo's worden ingevroren voor een mogelijke volgende poging.
- 4
4. Plaatsing van het embryo De terugplaatsing in de baarmoeder gebeurt meestal vijf dagen na de punctie (het blastocysten-stadium). Sommige ziekenhuizen kiezen voor dag drie. Vijf dagen wachten heeft als voordeel dat de kans op zwangerschap per embryo groter is, maar niet alle embryo's overleven het laboratorium zo lang. In Nederland wordt er in principe één embryo tegelijk teruggeplaatst. Ben je ouder dan 38 jaar? Dan kun je in overleg kiezen voor twee embryo's. Let wel op: dit vergroot de kans op een tweeling of, in zeldzame gevallen, zelfs een drieling omdat een embryo zich na de terugplaatsing nog kan delen.
- 5
5. De wachtweken Nu breken de wachtweken aan: voor veel stellen mentaal het zwaarste onderdeel van het traject. Ter ondersteuning van de innesteling gebruik je medicijnen met het hormoon progesteron (vaak via de vagina, maar slikken of injecteren kan soms ook). Vrouwen zijn in deze periode extreem alert op hun lichaam en wegen elke kramp of pijn af. Omdat de hormonen sterke bijwerkingen geven, is het vaak lastig in te schatten of iets hoort bij de bijwerkingen, of dat het daadwerkelijk symptomen die passen bij een vroege zwangerschap zijn.
Ongeveer elf dagen na de plaatsing van een embryo in de baarmoeder, kun je een zwangerschapstest doen. Een ontzettend spannend moment!
Lees ook: Dit is het beste moment om een zwangerschapstest te doen
Hoe werkt ICSI met operatief verkregen zaadcellen?
Als er bij de man geen zaadcellen in de zaadlozing zitten, kan de arts via een operatie (PESA, MESA of TESE) zaadcellen uit de teelbal of bijbal halen voor de ICSI-behandeling.
ICSI-PESA: Als de zaadleiders geblokkeerd of niet aangelegd zijn, zuigt de arts onder lokale verdoving zaadcellen rechtstreeks uit de bijbal.
ICSI-MESA: Een variant op PESA, vaak onder narcose. De arts maakt een snede in de balzak om direct zaadcellen uit de bijbal te halen.
ICSI-TESE: Werkt het lichaam anders en is er geen verstopping? Dan haalt een uroloog onder narcose een stukje weefsel (biopt) uit de zaadbal. Worden hier zaadcellen in gevonden, dan worden deze meestal ingevroren voor de latere ICSI-behandeling.
Wat is de kans op een zwangerschap na ICSI?
Gemiddeld is 30 tot 40 procent van de stellen na één ICSI-behandeling zwanger. Dit percentage is echter sterk afhankelijk van de leeftijd van de vrouw en de kwaliteit van zowel het zaad als de eicellen.
Ben je jonger dan 35 jaar? Dan ligt het slagingspercentage per poging hoger, rond de 40 tot 50 procent. Vanaf je veertigste neemt de vrouwelijke vruchtbaarheid sterk af en ligt de kans op een zwangerschap na één poging op ongeveer 5 tot 10 procent.
Wat zijn de nadelen en risico's van een ICSI-behandeling?
Een nadeel van ICSI is dat de eicel beschadigd kan raken door de injectienaald, omdat de beschermende steuncellen rondom de eicel eerst verwijderd moeten worden. Ook ontbreekt de natuurlijke selectie van zaadcellen. De laborant kiest een zaadcel die er goed uitziet, maar dit geeft geen volledige garantie dat dit ook genetisch de beste cel is.
Daarnaast toont onderzoek aan dat kinderen die via ICSI zijn verwekt, een licht verhoogd risico hebben op chromosomale afwijkingen. Wetenschappers weten alleen nog niet zeker of dit door de ICSI-techniek zelf komt, of door de onderliggende vruchtbaarheidsproblemen van de ouders.
Krijg je een ICSI-behandeling vergoed?
Vanuit de basisverzekering worden de eerste drie ICSI-behandelingen vergoed, mits je jonger bent dan 43 jaar. Vanaf je 43e verjaardag worden ICSI-behandelingen niet meer vergoed.
Sommige aanvullende verzekeringen dekken een vierde poging. Ben je benieuwd naar jouw opties? Hier kun je checken welke zorgverzekeraars meer dan drie pogingen vergoeden. Let op: heb je nog ingevroren embryo’s (cryo’s) uit een eerdere ICSI-behandeling? Het terugplaatsen van deze embryo’s valt onder ‘Overige fertiliteit bevorderende behandelingen’ en telt niet als een nieuwe, complete ICSI-poging.
Lees ook: Alles over de vergoeding van vruchtbaarheidsbehandelingen (IVF en ICSI)
Bronnen: UMC , Freya, Medisch Centrum Kinderwens