Epileptische-aanval

Epileptische aanval bij baby (BINC)

Pasgeboren baby’s kunnen last hebben van goedaardige epileptische aanvallen, benigne ideopatische neonatale epilepsie genoemd (BINC). Meestal groeien ze er overheen en heeft het verder geen nadelige gevolgen voor de ontwikkeling. Hoe herken je BINC en wat kun je het beste doen als je baby een aanval krijgt?

Epilepsie bij pasgeboren baby’s (BINC)

Pasgeboren baby’s kunnen last hebben van goedaardige epileptische aanvallen. Ook wel benigne ideopatische neonatale epilepsie genoemd, of kortweg BINC. De C staat voor de Engelse term convulsions: epilepsie aanvalletjes. In de volksmond wordt vaak gesproken over ‘The fifth day fits’, omdat deze aanvallen meestal na de vijfde geboortedag beginnen. Het kan ook in de eerste weken na de geboorte beginnen. Vaak houden deze kleine aanvallen aan tot de baby drie maanden oud is, in enkele gevallen gaan ze door tot zes maanden.
Er wordt gesproken van ‘goedaardig’ omdat de ziekte goed te onderdrukken is met medicijnen, spontaan vermindert en de ontwikkeling van kinderen niet bedreigt.
Het is niet precies bekend waardoor benigne ideopatische neonatale epilepsie wordt veroorzaakt.

Hoe vaak komt het voor?

Over hoe vaak deze vorm van epilepsie voorkomt, zijn geen harde cijfers bekend. Naar alle waarschijnlijkheid heeft zeker 1 op de 4500 tot 5000 kinderen ooit een epileptische aanval meegemaakt, veroorzaakt door dit syndroom.

Symptomen

Goedaardige epilepsie bij een pasgeborene ziet eruit als een verkramping (de baby verstijft) gevolgd door korte schokkerige bewegingen van de armen, benen, romp of het hoofd. De ogen zijn vaak open en weggedraaid. Tijdens een aanval lukt het vaak niet om te ademen (de baby houdt zijn adem in), daardoor kunnen kinderen blauw zien rondom de mond. De aanvalletjes duren meestal tussen de één tot vier minuten en kunnen plaatsvinden als je kind wakker is, maar ook als hij slaapt. Ook komen meerdere aanvallen binnen 24 uur voor.

Wat doen als je baby een epileptische aanval heeft?

Als je kind dreigt te vallen, vang je hem op en leg je hem op de grond. Maak de ruimte rondom hem vrij en leg iets zachts onder zijn hoofdje. Probeer je kind niet stil te houden of hem te verplaatsen. Steek niets in zijn mond en geef ook niets te eten of te drinken.

Na het aanvalletje kan je kind bewusteloos zijn. Haal de zachte doek weg, maak de luchtweg vrij en kijk of je baby ademt en een polsslag heeft. Als hij goed ademt, leg je hem in de stabiele zijligging. Blijf bij hem tot hij weer bijkomt. Hij voelt zich dan misschien raar en kan zich vreemd gedragen. Hij kan ook in een diepe slaap vallen. Heeft je baby nooit eerder een BINC gehad, krijgt hij meerder aanvallen achter elkaar of is hij langer dan tien minuten bewusteloos? Bel 1-1-2.

Diagnose stellen

De diagnose wordt gesteld aan de hand van de medische voorgeschiedenis van de familie en lichamelijk onderzoek. Ook wordt er gekeken naar de aanvalletjes, vaak wordt de ouders gevraagd ze te filmen. Met een aantal onderzoeken, zoals een hersenfilmpje (EEG), kan de diagnose al dan niet worden bevestigd. Er wordt ook bijna altijd voor de zekerheid een MRI- scan gemaakt, ook al zijn er bij baby’s met ideopatische neonatale epilepsie geen afwijkingen te zien op deze scan.

Wat zijn de gevolgen?

Baby’s met BINC zullen zich over het algemeen normaal ontwikkelen. De aanvalletjes zien er naar en soms heftig uit, maar zijn niet schadelijk voor de hersenen. Het is wel mogelijk dat de ontwikkeling in de eerste maanden iets trager verloopt. Zodra de aanvalletjes helemaal verdwenen zijn, zal je baby zich weer in normaal tempo ontwikkelen. Een klein deel van de kinderen heeft op latere leeftijd problemen met leren.