De eerste reflexen van je baby

De eerste reflexen van je baby

Een reflex is een automatische reactie van het lichaam op een omgevingsprikkel. Je baby heeft al reflexen als hij nog in je buik zit en wordt er vervolgens mee geboren. Welke reflexen heeft een baby? En waar zijn ze eigenlijk goed voor?

Je pasgeboren baby die je vinger stevig vastpakt, het zuigen aan je tepel of de speen van de fles, het zijn allemaal aangeboren reflexen. Deze reflexen heeft je kind niet voor niets van Moeder Natuur meegekregen: het zijn allemaal slimme overlevingstrucjes. Naarmate de hersenen en zenuwbanen meer gerijpt zijn en je baby zelf bewuste bewegingen kan maken, verdwijnen de reflexen vanzelf. Meestal is dat het geval als je baby zo’n 3 maanden oud is. Tot die tijd heeft je kind de volgende reflexen hard nodig om de eerste maanden door te komen.

Reflexen in de baarmoeder

Zoals gezegd ontstaan sommige reflexen al in de buik. Deze reflexen zijn nodig om de geboorte goed te laten verlopen.

De spinale galantreflex

Deze reflex heeft je baby al vanaf ongeveer de twintigste week van je zwangerschap. Hoe het werkt? Wrijf met je vinger langs de wervelkolom van je pasgeboren baby ter hoogte van de heup en je zult het zien. Let op: niet eroverheen, maar net ernaast. Dit zal dat leiden tot het omhoog brengen van de heup en het krommen van de rug aan de andere kant. Tijdens de bevalling is deze beweging nodig om door het geboortekanaal te komen.

De tonische labyrint reflexen

Dit is een mondvol voor een voor- en achterwaartse reflex. In de baarmoeder drukt de baarmoederwand het hoofd van je baby voorwaarts, waardoor je baby de foetushouding aanneemt. Door deze reflex heeft je baby voldoende ruimte om goed te groeien in de baarmoeder. De achterwaartse reflex komt in actie bij de geboorte. Deze zorgt ervoor dat hij zijn hoofd in de juiste positie draait. Tegelijkertijd strekken z’n armen en benen zich waardoor je baby zich na de geboorte kan ‘ontvouwen’.

Reflexen na de geboorte

Zodra je baby is geboren wordt hij onderzocht en worden de reflexen van je baby getest. Zo kan er bepaald worden of je baby neurologisch gezond is. Het gaat daarbij om de reflex van Moro, de grijpreflex en de voetzoolreflex. Deze reflexen stammen waarschijnlijk uit de oertijd, toen baby’s zich aan hun moeder vastklampten om te worden rondgedragen, net als bij apen.

De reflex van Moro

Als een baby schrikt van een geluid of een onverwachte beweging, wordt als het goed is de reflex van Moro, de schrikreflex, opgewekt. De baby spreidt zijn armen en benen wijd uit, opent zijn handen, spreidt zijn vingers en opent en sluit zijn mond. Ook buigt hij zijn armen en zwaait hij ze naar voren. Vaak begint een baby daarna te huilen. Als deze schrikreflex niet kan worden opgewekt tijdens het eerste onderzoek, kan dat duiden op een hersenafwijking.

De grijpreflex

Als je jonge baby zijn hand open heeft en je drukt met een vinger op zijn handpalm, zal hij zijn hand stevig dichtknijpen en je vinger vasthouden. Sterker nog: je zou hem nu zo op kunnen tillen, zo stevig is deze greep.

De voetzoolreflex

Als je met een vinger aan de voorkant onder je baby’s voet drukt, zal hij zijn tenen krommen. Dat betekent dat de lange zenuwbanen naar de voet goed functioneren. Deze voetzoolreflex, eigenlijk grijpreflex van de voet, verdwijnt als je baby begint te lopen.

De loopreflex

Het klinkt misschien wat gek, maar meteen na de geboorte kent je baby ook een loopreflex. Als je hem onder de oksels vasthoudt, ietsjes vooroverbuigt en zijn voeten een harde ondergrond laat aanraken, trekt hij een van zijn benen op, zet die neer en tilt dan zijn andere been op. Probeer het in de eerste paar weken maar eens, want na een aantal weken verdwijnt deze – toch wel geinige – reflex.

De zoek- en zuigreflex

De zoek- en zuigreflex helpen je baby te overleven buiten de baarmoeder. Aai met je vinger of een tepel over een van zijn wangetjes en je zult zien dat je baby zijn hoofd die kant op draait (zoekreflex). Ook doet hij zijn mond automatisch open, sluit hij zijn lippen om wat hij tegenkomt en begint hij stevig te zuigen (zuigreflex). Heeft hij je tepel of een speen vast, dan beweegt hij zijn tong over de onderkant van de tepel en duwt de melk naar achter zijn mond in. Best ingewikkeld deze reflex, want je baby moet ademhalen, melk opzuigen én slikken tegelijk.

De slik- en kokhalsreflex

Dankzij de slikreflex krijgt je baby zijn melk binnen. De kokhalsreflex zorgt ervoor dat als hij te gulzig is en te veel melk in zijn mond krijgt, niet stikt. Ook werkt hij met deze reflex slijm uit zijn luchtwegen naar buiten.

De tonische of asymmetrische tonische nekreflex

Deze reflex zorgt ervoor dat je baby niet zomaar omrolt. Als je hem met zijn hoofd naar links legt, strekt hij zijn linkerarm en -been en buigt hij zijn rechterarm en -been. Ook kan hij zo zijn handen bekijken en leert hij zijn ogen over een langere afstand te focussen: het begin van de oog-hand-coördinatie.

De glabellareflex

Druk maar eens een paar keer achter elkaar zachtjes met je vinger midden tussen de ogen van je baby, boven zijn neusbrug. Je zult zien dat hij zijn ogen dichtdoet. Als je dat een paar keer hebt gedaan, werkt het niet meer.

Wanneer verdwijnen de reflexen bij je baby?

Het merendeel van bovenstaande reflexen verdwijnt naarmate je baby zich motorisch ontwikkelt. Dit komt door de rijping van de hersenen en zenuwbanen. Doordat je baby steeds meer controle krijgt over zijn lichaamsbewegingen zijn de reflexbewegingen als het ware niet meer nodig en maken ze plaats voor bewuste handelingen.

De meeste reflexen verdwijnen rond de leeftijd van 3 tot 4 maanden. Met uitzondering van de grijpreflex van de voetzool, die verdwijnt rond de 9 maanden of wanneer je kind begint met stappen.

Het consultatiebureau houdt dit verloop van de primitieve reflexen nauwlettend in de gaten.