Hoe vervoer je je baby veilig in de auto?

Het is best even spannend: met je pasgeboren baby in de auto. Hoe zorg je dat je baby veilig vastzit? Voor welk autostoeltje kies je en waar moet je nog meer allemaal aan denken? 

Baby in de auto

Veel ouders vinden het een bijzonder moment als ze voor de eerste keer met hun pasgeboren baby in de auto stappen. Baby’s mogen al direct na de geboorte in een auto vervoerd worden. Het is dan wel heel belangrijk dat je je baby in een goed passend autostoeltje vervoert. Ook zijn er een aantal regels en andere zaken waar je rekening mee moet houden. Een overzicht. 

Autostoeltje

In Nederland is het verplicht om baby’s in de auto te vervoeren in een goedgekeurd autostoeltje dat voldoet aan een Europees keurmerk. Deze autostoeltjes bieden optimale bescherming aan je kind in het geval van een botsing of ongeluk. 

Er bestaan op dit moment twee goedgekeurde Europese keurmerken: de nieuwe i-Size goedkeuring (ECE-R129) of de ‘oudere’ ECE-R44-norm. Autozitjes van dit oudere keurmerk worden sinds 2019 niet meer nieuw gemaakt, maar mogen nog wel gebruikt worden. De nieuwe i-Size-babystoeltjes zijn ingedeeld op basis van de lengte van het kind, terwijl de stoeltjes met de oudere ECE-R44 norm ingedeeld zijn op basis van gewicht. 

  • Heb je een babyautostoeltje met een iSize-keurmerk, dan moet de stoel geschikt zijn voor kinderen van 45 tot 83 cm. Met dit stoeltje kun je je kind achterwaarts vervoeren tot minimaal 15 maanden.  
  • Heb je een babyautostoeltje met de oudere R44-norm, dan moet dit een kinderzitje uit de groep 0 of 0+ zijn, die geschikt is tot 13 kg. 

Lees hier alles over autostoeltjes per leeftijd. 

Deze regels zijn verplicht

Er zijn een paar regels over het vervoeren van baby’s in een auto wettelijk vastgelegd. De regels zijn:

  1. Alle kinderen die kleiner dan 1,35 meter zijn, moeten in een goedgekeurd en passend kinderbeveiligingssysteem zitten. Goedgekeurde kinderbeveiligingssystemen zijn autostoeltjes met ECE-labels (ECE-R129 en  ECE-R44). Passend houdt in dat het stoeltje geschikt is voor de lengte en/of het gewicht van je baby. 
  2. Als je een baby in een autostoeltje op de passagiersstoel (voorin de auto) vervoert, ben je verplicht de airbag op die plek uit te zetten. 
  3. Heb je een i-Size-autostoeltje, dan moet je baby tot de leeftijd van 15 maanden verplicht achteruit vervoerd worden, dus tegen de rijrichting in. Als je een stoeltje met R44-keurmerk hebt, dan mag je baby al vanaf 9 kilo vooruit kijken. 

Veiligheidtips

Naast deze regels zijn er nog een aantal adviezen over het vervoeren van je baby in een auto. Deze tips zijn dus niet wettelijk verplicht, maar worden wel nadrukkelijk aangeraden:

  • Voor- of achteruit?
    Voor de veiligheid van je baby is het ’t beste om hem zo lang mogelijk achterwaarts te vervoeren. Je baby kijkt dan dus achteruit, tegen de rijrichting in. Door deze positie hebben het hoofd en de nek van je kind meer steun bij een frontale botsing. De nek van een baby is erg kwetsbaar, omdat zijn hoofd in verhouding groot en zwaar is met de rest van z’n lichaam.
  • Voorin of achterin?
    Het wordt aangeraden om je baby in zijn autostoeltje op de achterbank te vervoeren. Die plek is veiliger dan voorin. Babystoeltjes mogen eventueel voorin op de passagiersstoel geplaatst worden, op voorwaarde dat de airbag op die plek is uitgeschakeld. 
  • Airbag uitschakelen
    Als je je baby voorin vervoert, moet de airbag op die plek dus uitstaan. Het gevaar bestaat anders dat bij een botsing of ongeval het autostoeltje door de kracht van de airbag naar achteren wordt geduwd, waardoor je kind letsel kan oplopen. Tip: er is sinds oktober 2017 ook een autostoeltje met ingebouwde airbags verkrijgbaar.
  • Goed vastmaken
    Maak het autostoeltje goed vast aan de auto, met de autogordel of met een Isofix-onderstel (afhankelijk van het type stoeltje). Zorg ook altijd dat je baby goed vastzit: in het stoeltje zit een Y-gordel of harnasgordel waarmee je hem kunt vastmaken. Er mag maximaal één vingerdikte ruimte zitten tussen je baby en de gordel van het autostoeltje. Strak aantrekken dus. 

Meer weten? Driekwart van de kinderen zit verkeerd in autostoeltje (zo moet het!)

Autostoeltje bevestigen

Een autostoel moet goed worden bevestigd in de auto, zodat het zitje bij een botsing of ongeval niet kan losschieten. Hoe je het stoeltje vastmaakt, hangt af van het type:

  • Babyautostoeltjes met een i-Size-keurmerk hebben een onderstel (base) dat via Isofix in de auto wordt vastgemaakt. Dit onderstel laat je achter in de auto: de babyautostoel klik je op dit onderstel als je instapt, en je klikt het zitje er weer af als je uitstapt. Kijk voor meer informatie in de handleiding van het autozitje. Sommige i-Size-zitjes kunnen ook vastgemaakt worden met de autogordel.
  • Babyzitjes met het R44-keurmerk zet je vast met de driepuntsgordel van de auto. Lees in de handleiding van de stoel hoe je dat doet: dit kan per stoeltje verschillen. 

Lees hier meer over het bevestigen van je autostoeltje met Isofix of de autogordel. 

Wanneer moet je overstappen naar een nieuw autostoeltje?

Voor de veiligheid van je baby is het belangrijk dat hij in een goed passend autostoeltje zit. Hou als richtlijn aan dat zijn hoofdje niet boven de rand van het zitje mag uitsteken. Zodra het hoofdje van je baby buiten de beschermde omgeving valt, is het tijd voor een nieuwe stoel.

Vervang ook altijd het autostoeltje als je een botsing of ongeval hebt gehad. Het kan zijn dat het stoeltje van binnen is beschadigd, zonder dat dit aan de buitenkant te zien is. In dat geval biedt het zitje geen optimale bescherming meer aan je kind bij een eventuele volgende botsing. 

Geen winterjas aan

Het is gevaarlijk om je baby in een dikke winterjas in z’n babystoeltje in de auto te zetten, waarschuwen veiligheidsexperts. Door zo’n dikke jas kunnen de gordels van het autostoeltje niet strak genoeg worden aangetrokken. Daardoor blijft er te veel ruimte over tussen je baby en de gordels. In het geval van een botsing kan je kind mogelijk uit het stoeltje worden geslingerd. 

Aangeraden wordt om je baby in de winter zonder jas in het autostoeltje te zetten, vervolgens goed vast te maken en er daarna een dekentje overheen te leggen tegen de kou. 

Reiswieg in auto, mag dat?

Er bestaan ook reiswiegen voor in de auto. In zo’n wieg kan je baby helemaal platliggen. Je baby wordt hierin in een soort harnas vastgemaakt aan de wieg en deze staat dwars op de achterbank van de auto. Een reiswieg mag je gebruiken, maar het is niet zo veilig als een babyautostoeltje. Een reiswieg biedt dan ook minder bescherming bij een botsing. 

Soms moeten kinderen vanwege gezondheidsredenen platliggend vervoerd worden, bijvoorbeeld bij premature baby’s. In dat geval kan een reiswieg uitkomst bieden. Let op: je mag níet de reiswieg van je kinderwagen op de achterbank plaatsen, ook niet als je die goed vastmaakt met gordels. Wil je je baby plat vervoeren? Schaf dan een speciale goedgekeurde reiswieg voor in de auto aan.  

Hoe lang mag je baby in een autostoeltje zitten?

Het is niet goed voor je baby om lang in dezelfde houding te zitten. Daarom wordt nadrukkelijk aangeraden om je baby niet langer dan twee uur achter elkaar in een babyautostoeltje te vervoeren. In zo’n stoeltje kan je baby niet of nauwelijks bewegen. Voor even is dat niet erg, maar voor een goede motorische ontwikkeling moet je baby eigenlijk recht liggen en de benen vrij kunnen bewegen. 

Lees hier: hoe lang mag een baby in een Maxi-Cosi zitten?

Tips voor een lange autorit

Maar wat als je een langere autorit moet maken? Als je baby een enkele keer wat langer in de auto zit, zal dat geen nadelige gevolgen voor zijn ontwikkeling hebben. Maar hou wel rekening met de volgende tips:

  • Stop elke twee uur.
  • Haal je baby uit de autostoel en laat hem op een speelkleed even lekker vrij bewegen, rekken en strekken.
  • Zorg dat de pauze minstens een kwartier duurt en ga daarna pas weer op pad.

Praktische tips voor onderweg

  1. Doe het kinderslot op de autodeur naast het autostoeltje van je kind. Een jonge baby zal de autodeur nog niet openkrijgen, maar veel dreumesen trekken aan elke hendel die ze tegenkomen, ook in de auto. 
  2. Veel baby’s vinden het leuk om iets in hun handen te hebben tijdens de autorit. Je hoeft geen zakken vol speelgoed mee te nemen, je baby’s lievelingsknuffel en/of een rammelaar zijn meestal voldoende. Je kunt het speeltje vastmaken aan zijn stoeltje of jas, zodat ’t niet steeds op de grond valt.
  3. Er zijn speciale spiegeltjes te koop die je aan de hoofdsteun van de achterbank monteert, zodat jij via die spiegel naar je baby kunt kijken. Handig voor jou om te checken of alles goed gaat en of je baby al slaapt, én leuk voor je kind om naar zichzelf te kunnen lachen. 

Handige instructievideo