Verkeersles: kinderen in het verkeer

Verkeersles: kinderen in het verkeer

Overzicht, inzicht… Wat kan je kind allemaal al in het verkeer? En wat moet je hem nog leren? Hier een handig overzicht voor verkeerles en verkeersopvoeding van je kind.

Goede verkeersopvoeding

Veilig naar school, dat is het allerbelangrijkste. Iedereen die schoolgaande kinderen heeft weet dat ze erg kwetsbaar zijn in het verkeer. Ze zijn nog volop in ontwikkeling, zowel lichamelijk (ze groeien) als geestelijk (ze leren). Kinderen zijn ook speels en impulsief. Het besef van gevaar in het verkeer is door hun gebrek aan ervaring nog beperkt. En wat kinderen leren in en over het verkeer, kunnen ze nog niet meteen foutloos toepassen. Verkeersles en verkeersopvoeding zijn dus van groot belang.

Veilig oversteken

Van kinderen tot 4 jaar kun je niet verwachten dat ze verkeerssituaties goed inschatten; ze kunnen soms, hop, zomaar oversteken. Toch pakken ze veel wél op:

  • Benoem daarom uitvoerig wat je ziet. In no time zeggen kinderen zélf ook ‘oto’, ‘stoplicht’ en ‘groen’, en koppelen ze die woorden aan de verkeersregels.
  • Dreumesen en peuters kopiëren het gedrag van hun ouders. Stop dus voor rood en draag een autogordel. Hun ‘helden’ (uit Sesamstraat of Dora) kunnen ook als voorbeeld dienen.
  • ‘Links, rechts, links’, het zegt kinderen tot 4 jaar nog weinig. Een rijmpje, liedje of geinig filmpje helpt om eenvoudige verkeersregels later te onthouden. Kijk eens op Youtube, bijvoorbeeld naar Bassie & Adriaan: Veilig op straat.

Wanneer fietszitje?

Kan je kind zelf vanuit de kruiphouding gaan zitten? Dan mag hij in een fietszitje vóór op de fiets. Vanaf 15 kilo (bij ongeveer 3 jaar) verhuist je passagier naar een achterzitje. Doe eerst de veilig-op-de-fiets-check voordat je je kind in het zitje zet:

  • Heb je het juiste fietsstoeltje?
  • Is het stoeltje goed gemonteerd?
  • Heb je goede spaakafscherming
  • Heb je de gordel en voetriempjes goed vastgemaakt (bij élke fietsrit!)?
Let op:

Doe voor aanschaf van zitjes de uitgebreidere veilig- op- de-fiets-check met de instructievideo van veiligheid.nl.

tip

Lopen met de fiets

Een loopfiets is goed voor de motoriek, het evenwichtsgevoel en de rijden- sturen-stoppen-coördinatie. Voor kinderen van 1 tot 2 jaar zijn loopfietsen met 3 of 4 wielen ideaal. Vanaf 2 jaar is je peuter klaar voor het ‘echte’ werk: een loopfiets met 2 wielen. Let wel op de lengte van je kind en de zithoogte van de fiets. Probeer nu ook het begrip ‘remmen’ uit te leggen, want zelfs met die korte beentjes kan je motormuis al behoorlijk wat snelheid maken.

Zien en gezien worden

Een swingende fietsvlag is leuk én nuttig. Een reflectievest en een setje reflecterende armbanden, stickers en een sleutelhanger erbij verhogen de fietsvreugde en zichtbaarheid nog meer!

In de kar of in de bak?

Drukke route? Een fietskar of bakfiets is best handig om je kinderen veilig te vervoeren. Doe een testrit en let bij aanschaf op het volgende:

  • Kies voor een fiets van een gerenommeerd merk met een speciaal bakfietsframe.
  • Goedkope varianten zijn verlengde fietsen met een bak die minder bestand zijn tegen wendingen en zware ‘vracht’.
  • Driewielers lijken stabiel, maar tweewielerbakfietsen zijn wendbaarder, waardoor je in bochten beter in balans blijft.
  • Maxi Cosi in de bakfiets? Liever niet. Kun je niet anders, zorg dan dat het draagsysteem echt muurvast in de bak zit geschroefd.

Veilig naar school-tips per leeftijd

Hou rekening met de leeftijd van je kind als je tips en verkeersvoorlichting geeft. Hoe ouder het kind, hoe beter hij moeilijke verkeerssituaties en -regels kan inschatten. Kijk hieronder wat kinderen per leeftijd aankunnen qua verkeersles.

Groep 1, 2, 3

  • Hij leert op deze leeftijd wat ‘gevaar’ en ‘veilig’ betekent.
  • Benoem risico’s die je onderweg tegenkomt en leer je kind dat er afspraken zijn die belangrijk zijn voor je veiligheid.
  • Maak afspraken over veiligheid met betrekking tot buitenspelen, veilig (achter)op de fiets en veilig gedrag bij verschillende weersomstandigheden.

Groep 4

  • Voorrangsregels en voorrangsborden zijn vaak nog te moeilijk. Je kunt je kind wel een aantal veiligheidsafspraken leren en deze samen oefenen.
  • Leer je kind niet de regel, maar leg uit wat hij kan doen. Bijvoorbeeld: stap af bij een kruispunt, kijk goed naar beide kanten of je veilig kunt oversteken.

Groep 5, 6

  • Kinderen van acht à negen jaar zien gevaren nog niet goed aankomen. Tot ongeveer tien jaar ontwikkelt zich het gezichtsveld en het vermogen om vanuit de ooghoek te zien.
  • Vraag wat je kind lastig vindt onderweg en of hij weet waar het gevaar zit. Bespreek hoe je veilig kunt handelen in die situatie.
  • Vanaf ongeveer tien jaar zijn de meest basale verkeerregels en -borden bekend: oefenen dus met de verkeersborden en voorrangsregels.

Groep 7, 8

  • Tot een jaar of elf kunnen kinderen zich op slechts één ding tegelijk concentreren. Daarna kunnen ze zich dus pas goed op het verkeer om zich heen richten.
  • Tot ongeveer twaalf jaar kunnen kinderen complexe verkeerssituaties met meerdere verkeersdeelnemers uit verschillende richtingen niet goed overzien (kruispunten, rotondes, links afslaan)
  • Blijven oefenen, vooral bij nieuwe routes (naar de middelbare school) die je kind aflegt.
  • Leer je kind om altijd zelf te blijven opletten, ook andere verkeersdeelnemers kunnen soms iets onverwachts doen.

Middelbare school

Gaat je kind al bijna naar de middelbare school? Dit zijn de fietstips gebaseerd op die van de Fietsersbond.

  • Verken samen met je kind de route naar de nieuwe school. Begin daar al mee zodra je weet welke school het wordt. Via de Fietsersbond Routeplanner kun je (via ‘Meer opties’) een autoluwe route plannen.
  • Stap onderweg af bij moeilijke of lastige verkeerssituaties en bespreek die ter plekke.
  • Veel kinderen doen graag stoer, ook in het verkeer. Snel nog even door rood, fietsen met losse handen, elkaar trekken en duwen. Spreek je kind aan op zijn verantwoordelijkheid.
  • Praat over groepsgedrag. Het komt maar al te vaak voor dat scholieren blindelings achter elkaar aan fietsen zonder zelf uit te kijken.
  • Zorg dat je kind zich ’s morgens niet hoeft te haasten. Sta op tijd op en zorg dat de schooltas de avond tevoren is ingepakt. Haast in het verkeer vermindert het opmerkingsvermogen.

Eventueel aanschaffen:

  1. Een goede bagagedager met stevige snelbinders voor de schooltas. Fietstassen of een fietskrat zijn ook een optie.
  2. De vuistregel: straatlantaarns aan, dan ook je fietslicht aan.
  3. Goede sloten.
  4. Een felgekleurde jas valt beter op dan een zwarte. Bevestig eventueel losse reflectorstrepen op kleding of rugzak.