Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

 
door

Bevallen met ballen: zo hou je zelf de regie over je bevalling

Als het aan auteur en journalist Milli Hill ligt, komt er een ‘feministische geboortegolf’. Het zou de wereld mooier maken, daar is ze van overtuigd. In haar nieuwe boek legt ze uit waarom, én hoe je dat doet, bevallen met ballen.

Voordat je denkt: dit gaat niet over mij, ik ben niet zo’n feminist… Wacht even. Laat het stereotype ‘mokkende mannenhater’ los. Milli Hill, oprichter van het wereldwijde netwerk The Positive Birth Movement en auteur van Bevallen als een feminist – Mijn lichaam. Mijn baby. Mijn keuzes, omschrijft het zo: ‘Als je een volwassen vrouw bent die waarde hecht aan haar vrijheid, rechten en een gelijkwaardige behandeling, mag je jezelf met trots een feminist noemen.’

Advertentie

Geen diva

Ze vindt het tijd dat we ook met die insteek gaan kijken naar de bevalling, want als iets een vrouwenzaak is, is dat het wel. Wil je daar een gebeurtenis van maken waar je de rest van je leven zelfvertrouwen uit haalt? Neem de leiding, zegt ze. ‘Het grootste misverstand over bevallen is dat je er geen enkele invloed op hebt. Vrouwen zien een bevalling als iets wat je overkomt, in plaats van iets wat je doet. Dat weerhoudt ze ervan om na te denken over wat ze willen en er iets van te zeggen als ze niet goed worden begeleid. Je bent geen diva als je vindt dat jouw ervaring ertoe doet. Jij en je zorgverlener hebben allebei expertise over jouw bevalling. We moeten toe naar een goede samenwerking, met respectvol luisteren naar elkaar, waarbij de vrouw de belangrijkste beslisser is.’

Wat heb je nodig?

Verloskundige Joyce Schouten werkt caseload (kleinschalige een-op-eenbegeleiding) en staat helemaal achter deze benadering. ‘Bevallen als een feminist betekent dat je het zelf zo hebt bedacht óf dat je oké bent met elke stap, of je nou een badbevalling wilt of een keizersnee krijgt. Wil je bij voorbaat al een ruggenprik, dan moet je die ook kunnen krijgen.’ Hoe logisch dat ook mag lijken, Milli Hill had dit boek niet geschreven als het in de praktijk ook altijd zo gaat. Ze beschrijft uitvoerig hoe de machtsverhoudingen vaak liggen in de geboortezorg. Hoe vrouwen – soms heel subtiel – tot keuzes worden gedwongen, halve waarheden te horen krijgen, hoe er niet naar ze wordt geluisterd en dat dit kan leiden tot bevallingstrauma’s.

Feministisch vuur

Ook analyseert ze hoe het komt dat we dat accepteren als een normale gang van zaken, dat vrouwen zo weinig weten over hun rechten tijdens de bevalling. Dat is deels cultureel bepaald: we vinden het nog steeds minder vanzelfsprekend als een vrouw voor zichzelf opkomt en het heft in handen neemt dan wanneer een man dat doet. En het zit ’m in het geboortezorgsysteem. Schouten: ‘De nekslag voor keuzevrijheid is een wildgroei aan protocollen. Als de dokter zegt: “Zo staat het in het protocol en als u dat niet wilt, gaat u in tegen medisch advies,” zwicht 99 procent van de vrouwen.

Terwijl: een advies is een advies, daar mag je altijd over in gesprek gaan. Het is goed dat er protocollen zijn, maar zorgverleners zouden beter moeten leren om daar overheen te kijken, naar de vrouw die voor ze zit en wat zij nodig heeft en wil.’ Feministisch vuur is daarbij essentieel, vindt Hill. Maar hoe pak je dat aan? De belangrijkste adviezen uit haar boek op een rij, met feedback van verloskundige Joyce Schouten.

  1. Neem jezelf serieus

    Hoe een bevalling ook verloopt, vrijwel altijd klinkt de mantra: als de baby maar gezond is. Maar dat betekent niet dat de moeder er niet toe doet, schrijft Hill. Het spreekt voor zich dat de veiligheid en de belangen van je baby vooropstaan bij alles wat je doet. Dat is een gegeven – maar wat is verder nog belangrijk? Dat zal voor elke vrouw anders zijn.

    Het is heel legitiem om óók te willen dat het een goede ervaring is voor jou, beaamt Schouten. ‘Ik zat een keer in een restaurant en een tafel verderop zat een oude vrouw aan haar gezelschap te vertellen over de geboorte van haar eerste kind. Dat was dus misschien wel zestig jaar geleden, maar ze kon alles nog zo helder vertellen. Je bevalling vergeet je nooit meer, dus het doet er wel degelijk toe hoe die in je geheugen wordt gegrift.’ Het is heel terecht om aan te geven welke ingrediënten voor jouw ervaring belangrijk zijn – de sfeer, je bevalhouding, privacy, een ruggenprik, wat dan ook – en daar kan altijd rekening mee worden gehouden. Je baby en jij hebben allebei een hoofdrol.

  2. Onthou: je mag alles en moet niks

    Hoe je je voelt bij wat er tijdens je bevalling gebeurt, maakt het verschil tussen een goede en een nare ervaring. De mate waarin je invloed hebt op wat er gebeurt, maakt alles uit. In Nederland is hier onderzoek naar gedaan door gynaecoloog Claire Stramrood, waarbij het verlies van controle en zeggenschap over het lichaam werd genoemd als belangrijke oorzaak van een bevallingstrauma. Voor haar boek vroeg Hill talloze vrouwen naar hun bevallingservaring en daarbij viel haar op hoe vaak ze ‘ik moest’ en ‘ik mocht niet’ hoorde. Vrouwen die hun ontsluiting ‘moesten’ laten meten, liggend op bed ‘moesten’ persen of aan de arts vroegen of ze hun baby ‘mochten’ vast-houden. Terwijl de barende vrouw niet degene hoort te zijn die toestemming vráágt, maar degene die toestemming gééft, schrijft Hill.

    We zouden nooit accepteren om zo te worden ingeperkt in onze relaties of huwelijken, in onze onderwijskeuzes, of bij ons carrièrepad. Schouten vindt het juist een goed teken als een vrouw de leiding neemt. ‘Als ik tijdens de zwangerschap al merk dat een vrouw niet goed keuzes durft te maken en het liefst alles uit handen geeft, probeer ik erachter te komen waarom dat zo is. Dat kan bijvoorbeeld een gebrek aan kennis zijn. Maar meestal zie ik juist dat de behoefte om ‘het zelf te doen’ alleen maar groeit tijdens de zwangerschap. Dat vuurtje wakker ik graag aan, omdat je de opvoeding daarna ook zelf gaat doen.’

Lees ook: Bevallen met een kunstverlossing: zo gaat dat

    1. Wees je bewust van je rechten

      Mensenrechten gelden ook bij de bevalling. Hill noemt het recht op privacy, gelijke behandeling, veilige en waardige zorg en de vrijheid om keuzes te maken. Zelfs als je zorgverlener het er niet mee eens is. Niemand kan jou voorschrijven wat je wel en niet kan doen met je lichaam, en niemand kan jou en je lichaam iets aandoen zonder jouw volledige toestemming. Dat betekent niet dat je overal over in discussie moet gaan, want de veiligheid van moeder en kind staan natuurlijk voorop. Maar: het betekent gewoon dat je je zelfverzekerd en veilig voelt, omdat je weet dat jij het stuur in handen hebt.

      Maar wat als je verloskundige jouw besluit geen goed plan vindt? Schouten: ‘Als een keuze medisch gezien nadelig is, ga ik erover in gesprek. Vrouwen die een interventie weigeren, krijgen vaak te horen: “Maar u wilt toch het beste voor uw baby?” Ik probeer liever te achterhalen waaróm ze iets niet wil. Zonder de druk op te voeren, maar op een gelijkwaardig niveau.’

    2. Maak een plan en ga ervoor

      Weten wat je wilt begint met snappen wat je lichaam doet en wat daarvoor nodig is. Het valt Schouten op hoe weinig kennis veel vrouwen daarover hebben. ‘Het bekkengebied is vaak onbekend terrein. Terwijl kennis ook onderdeel is van keuzes maken. Zorgverleners weten veel over het geboorteproces, maar zij hoeven het niet te dóén.’ Dus hoe werken je hormonen, hoe kun je ze optimaal laten stromen, wat heb jij nodig om te kunnen ontspannen, om de pijn aan te kunnen? Daaraan wijdde Hill haar vorige ‘gids’, Positief over bevallen.

      Richt je sowieso op informatie die je zelfvertrouwen voedt, is haar tip. Heb je uitgevogeld wat je wel en niet wilt, dan noteer je dat in een geboorteplan. En laat je niet wijsmaken dat dat zinloos is, zegt ze. We zijn slim genoeg om te weten dat plannen kunnen veranderen, net als bij een vakantie of je trouwdag. Als je ook een plan B maakt, ben je voorbereid op situaties waarbij het anders loopt. Maar wees niet bang om te gaan voor jouw ideaal: reach for the moon en als je de maan net niet haalt, kom je nog altijd tussen de sterren terecht.

    3. Omarm je verantwoordelijkheid

      Keuzes maken brengt verantwoordelijkheid met zich mee. Dat is misschien spannend. Maar het fijne is: jij mag bepalen wanneer je beslissingen overlaat aan je verloskundige. Je hoeft het echt niet beter te weten dan zij, benadrukt Hill. Er kunnen zeker momenten zijn waarop je de teugels graag uit handen geeft. De sleutel is misschien dat jij dat beslist, en dat jou de macht wordt gegeven, en niet wordt ontnomen. Vaar dus gerust op andermans kennis en kunde. Bespreek je keuzes als je twijfelt. Zorgverleners zijn er om jouw veiligheid te bewaken. De macht wordt je pas ontnomen als er keuzes worden gemaakt die je niet oké vindt, zonder dit met jou te overleggen. Dan kun je de verantwoordelijkheid nemen om aan de bel te trekken.

    4. Gedraag je volwassen

      Vaak worden vrouwen tijdens hun bevalling door zorgverleners niet als gelijkwaardige volwassene benaderd, beschrijft Hill. Ook in Nederlandse studies komt helaas naar voren dat in de verloskamers regelmatig streng, denigrerend en betuttelend tegen bevallende moeders wordt gesproken. Voel je je niet gehoord of gezien tijdens je bevalling, dan mag je best opkomen voor jezelf, hoe lastig dat soms ook is. Als je merkt dat dit gebeurt, probeer dan te focussen en jezelf voor te houden dat je volwassen bent. Eis heldere uitleg, vraag naar bewijs, vraag om duidelijke uitleg over risico’s en voordelen, herinner anderen zo nodig aan je mensenrecht om de belangrijkste beslisser te zijn bij het bevallingsproces.

      Volgens Schouten maakt autonomie en het gevoel dat jíj bepaalt wat er gebeurt het verschil in hoe je het moederschap ingaat. ‘De manier waarop je je kind krijgt, heeft invloed op hoe je het kind gaat grootbrengen. Als er dan een arts komt die zegt: “Dag mevrouw, ik ga u even uitleggen hoe we uw baby ter wereld gaan brengen,” wat doet dat dan met je zelfvertrouwen als moeder? Dan is het daarna ook verleidelijk om in de opvoeding vooral af te gaan op wat anderen vinden dat je moet doen. Empowerment bij de bevalling werkt door in de start van het gezin.’

Meer lezen? 8x tips waarmee je een net bevallen vrouw écht helpt

  1. Doe het op jouw manier

    Een oerbevalling in een hippiejurk op een godinnentroon kan feministisch zijn, maar een keizersnee net zo goed. Er hoort geen ‘perfect plaatje’ bij. Wees een individu, schrijft Hill, met individuele, specifieke behoeften. Er is ruimte voor nuance bij je bevallingskeuzes. Er is ruimte voor je om besluiten te nemen, en vervolgens toch van mening te veranderen. Bevallen is complex, echt en menselijk. Je kunt wel heel sereen willen persen, maar misschien voelt schreeuwen beter. Je kunt wel geen ingrepen willen, maar misschien heb je ze nodig.

    Als er maar bewust mee wordt omgegaan, vindt Schouten. ‘Vrouwen die kritisch zijn op protocollen en het op hun eigen manier willen doen, worden al snel weggezet als geitenwollensokkerig, maar dat is nou juist niet waar het om gaat. Het gaat om zelfbeschikking. Met elke interventie die niet nodig is, haal je een beetje van het zelfvertrouwen van de moeder af. Tenzij ze de ingreep zelf wíl. Dan haal je de kracht niet weg, dan wordt ze gehoord en dat geeft juist vertrouwen.’

Beïnvloeding

En dat, zegt Hill, is de kern. ‘Als je je tijdens je bevalling geliefd, gesteund, verzorgd en gehoord voelt, neem je dat mee in de dagen, weken en jaren erna. Het beïnvloedt je fysieke en geestelijke welzijn, je eigenwaarde, je zelfvertrouwen, je relatie, je seksleven, de keuzes die je maakt in het ouderschap, en daardoor ook het welzijn van je kind. Het kan zelfs je ambities in je carrière beïnvloeden, omdat je je bewust wordt van je kracht. Het is een steen in de vijver en in die zin kan het de wereld veranderen. Better births could heal the earth.’

Dit artikel is eerder verschenen in Ouders van Nu Magazine – Tekst: Marijn van der Zwaard, beeld: Pexels

Artikelen van Ouders van Nu ontvangen in je mailbox? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.