Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

 
door

Keri en haar gezin leven en werken vanuit hun camper en gaan kriskras Europa door

Zes maanden per jaar reizen Marc, Keri, zoon Flin (3) en hun twee honden door Europa in hun camper. Langs verlaten stranden in Sicilië, natuurgebieden in Oost-Europa... Maar net waar de weg ze brengt. En de laptop is mee, want gewerkt wordt er ook.

De geur van vers gebrande koffie komt je tegemoet als je de twee smalle trappen beklimt naar het tijdelijke appartement van Marc Kluijver en Keri Mol in ­Rotterdam-Noord. Hondjes Mo en Diesel trippelen enthousiast over de houten vloer. Op het warme tapijt zit Flin in een boekje te bladeren.

Advertentie

Hele verhalen

‘Dat is een groot verschil tussen thuis en op reis,’ vertelt Keri. ‘Op reis gooit Flin ’s ochtends meteen de camperdeur open en rent hij het strand op of het bos in. ’s Avonds in bed vertelt hij hele verhalen over wat hij allemaal heeft meegemaakt. Thuis moet ik hem vaak overhalen om buiten te spelen. Hij zit net zo lief binnen met een boekje of speelgoed. De verhalen zijn ’s avonds een stuk korter.’

Half jaar op vakantie

Het gezin reist ongeveer zes maanden per jaar met hun camper door Europa, het andere halfjaar zijn ze thuis in Rotterdam. ‘Lekker een halfjaar op vakantie,’ zeggen mensen dan. Maar zo moet je het niet zien, legt Keri uit: ‘Ons werk gaat door. Marc geeft sinds 2012 het magazine koffie­Tcacao uit en is net zijn eigen koffiemerk Frank & Fresh Coffee gestart. Ik werk parttime als zelfstandig grafisch ontwerper.

Meer dan een laptop en een telefoon hebben we niet nodig om ons werk te kunnen doen. Daarnaast zijn er altijd wel klusjes, zoals de wc legen, het water bijvullen, de accu opladen, boodschappen doen en een kampeerplek ­vinden. We leiden ons dagelijks leven, maar dan on the road.’

Meteen een klik

Keri: ‘In 2015 kwam Marc naar me toe op een grote Nederlandse horecabeurs. Ik werkte toen als barista-trainer voor een koffiemerk en presenteerde die dag de nationale koffiekampioenschappen. Marc vroeg me na afloop om tips en er was meteen een klik. We spraken wat af en al snel waren we onafscheidelijk.

Twee maanden later gingen we zes weken naar de Filipijnen. Dat reizen kwam vooral bij mij vandaan. Ik heb een drive om te ontdekken, de wereld te zien. Dat ik op mijn zestiende eierstokkanker heb gehad, speelt daarin mee: ik wil van elke dag wat maken. Ook thuis daag ik mezelf uit om leuke dingen te doen met mijn gezin of vrienden, maar op reis haal ik altijd net wat meer uit mijn dag.

Eigen huisje op wielen

Toen Marc en ik elkaar leerden kennen, werkte ik nog in loondienst en plakte ik elk jaar mijn vakantiedagen aan elkaar om een lange backpackreis met het vliegtuig te maken, naar Thailand of Indonesië. Met Marc ontstond het idee om een klein Amerikaans camperbusje te kopen. Er ging een wereld voor me open! Nu hadden we ons eigen huisje op wielen altijd bij ons.

Toen we tijdens onze eerste reis met het busje van onze kampeerplek in Kroatië vertrokken, vroeg Marc: “Heb je je jas?” Ik moest hard lachen want ik dacht: natuurlijk! Alles wat we nodig hebben, ligt achter ons in het busje. Dat voelde zo fijn en veilig. Ik had dat vliegtuig niet meer nodig.

Tijdens die eerste reis met het busje namen we onze laptops al mee om te werken. Marc deed dat elke vakantie al, als zelfstandig ondernemer moet hij altijd bereikbaar zijn. Ik was na een burn-out gestopt met mijn werk in loondienst en voor mezelf begonnen als grafisch ontwerper – het werk waar ik voor gestudeerd heb. Ook ik kon mijn werk nu overal mee naartoe nemen op mijn laptop.

Waar is de wifi?

Ik weet nog dat we in Kroatië aankwamen bij een prachtig nationaal park. ‘Laten we een stukje gaan wandelen en daarna een paar uurtjes werken,’ zei ik tegen Marc. Bleken we daar helemaal geen bereik te hebben. Omkeren wilden we niet, dus Marc is over de parkeerplaats gaan lopen totdat hij ergens genoeg bereik had om te kunnen bellen. Vervelend en stressvol, maar toen we door het nationaal park liepen, waren we blij dat we gebleven waren.

Soms is het andersom: we stonden bij nationaal park Plitvice toen het de hele dag regende. We konden niet op avontuur én we hadden daar wifi en stroom, dus die dag hebben we tien uur achter elkaar in ons busje zitten werken. Zo is het altijd een beetje zoeken naar werkritme, bereik, wifi en stroom. Elke reis worden we daar beter in.

Meer, meer, meer!

Toch voelt het leven in het busje simpeler dan thuis. Je hoeft minder en ervaart alles als een avontuur. De honden uitlaten voelt thuis soms als een ‘moetje’ maar op reis gaat het vanzelf – misschien omdat we bijna elke dag in een andere omgeving staan. Dus na die eerste reis dachten we alleen maar: meer, meer, meer! Sindsdien reizen we elk jaar zo’n zes maanden door Europa.

Dat veranderde niet toen ik in 2018 zwanger werd. We vertrouwden er allebei op dat we prima konden reizen met een kind. Het belangrijkste voor een kind is immers dat hij bij zijn ouders is, en op reis zijn we 24/7 bij elkaar. We wilden wel wat meer luxe en comfort met een baby aan boord, dus we verruilden ons busje voor een grote camper mét douche.

Voeden boven de maxicosi

Flin was twee maanden oud toen we als test drie weken met de camper naar Denemarken gingen. Op een avond waren we bijna op onze kampeerplek toen Flin huilend liet merken dat hij honger had. “We moeten echt even door, nog een halfuurtje,” zei Marc. Zo lang kon Flin niet wachten, dus ben ik in de meest oncomfortabele houding boven zijn maxi-cosi gaan hangen om hem borstvoeding te geven. Op zulke momenten na viel het reizen met een baby ons juist erg mee.

camper gezin werk

 

Flink klusje

Tijdens de vele slaapjes hadden wij alle tijd om een flink stuk te rijden, te werken of een lange wandeling te maken met Flin in de draagzak. We hadden ons alleen vergist in de wasbare luiers. Om de dag een wasje draaien is een heel gedoe in een kleine camperwasmachine. De wasbare luiers zijn dus na die eerste keer in Rotterdam gebleven.

Na die vakantie pakten we de lange reizen weer op. Eerst splitsten we dat op in twee periodes van drie maanden, vorig jaar reisden we voor het eerst zes maanden achter elkaar. We wilden eigenlijk beginnen in Schotland, maar dat was door corona geen optie. De dag voor vertrek besloten we via Duitsland en Polen naar de Baltische Staten te rijden.

Bezoek

In Tallinn kwam mijn moeder een paar weken op bezoek. Dat doet ze elke reis. Geen probleem, want we hebben een extra tweepersoonsbed in onze camper. Met andere familieleden of vrienden is dat er nog niet van gekomen. Natuurlijk missen we hen wel als we zo lang weg zijn. Al wonen we in Nederland best ver van onze familie af, dus we zien elkaar thuis ook niet wekelijks. Ik denk zelfs dat we op reis meer contact met ­elkaar hebben omdat we dan de tijd nemen om te ­Facetimen.

Lockdownplek

Via Slowakije reden we naar Italië. We waren in ­Sicilië toen de lockdown begon, drie weken lang moesten we met onze camper op dezelfde plek blijven staan. Maar ach, we hadden ons huisje toch bij ons. Verder hebben we onderweg dan ook niet zo veel van corona gemerkt, op de mondkapjes na.

Gordijnen dicht

Sowieso blijven we ook op reis regelmatig bewust een dagje ‘thuis’. Gordijntjes dicht, lekker kleuren of boekjes lezen in de camper. Ik denk dus niet dat Flin ons huis in Rotterdam mist als we op reis zijn. De camper is ook zijn huis. Reken maar uit: hij heeft er al anderhalf jaar van zijn leven in gewoond. Hij slaapt in de camper zelfs beter dan thuis.

Zelf denk ik dat dat is omdat hij ons in de camper om hem heen hoort scharrelen en dat een fijn idee vindt. Dat we zo dicht bij hem in de buurt zijn.

Gevoelig jongetje

Tijdens mijn zwangerschap had ik al besloten om in Flins eerste jaar niet te werken. Al snel merkten we dat Flin heel gevoelig is, hij pikt alles op. Een grote groep kinderen op een kinderdagverblijf is te veel voor hem. Daarom besloten we hem ook na dat eerste jaar thuis te houden. Mijn werk heb ik wel parttime opgepakt, dat doe ik ’s avonds of tijdens Flins middagdutjes.

De rest van de dag kan ik mijn werk prima loslaten, ik ben iemand die in het moment leeft. Natuurlijk is het ook weleens pittig, na een hele dag met Flin lukt het niet altijd om ’s avonds creatief te zijn. Gelukkig zijn mijn opdrachten flexibel en heb ik niet vaak harde deadlines.

Marc werkt een stuk meer dan ik. Ik weet nog dat we vorig jaar in Napels waren toen de regen met bakken uit de lucht viel. Terwijl Flin en ik de ramen vol tekenden met speciale raamstiften, nam Marc zijn laptop mee naar het bed. Hij schoof de gordijntjes dicht en deed zijn oortjes in, want hij had een online vergadering.

De gekste plekken

Zulke situaties komen vaker voor. Flin weet inmiddels dat hij niet naar papa toe kan als de gordijntjes voor het bed dicht zijn. Als het niet regent zoekt Marc met zijn kampeerstoel een plekje in de buitenlucht: op het strand, in het bos, aan het water. Ik heb hem op de gekste plekken zien vergaderen. Het meeste werk doet hij in de avonduren, als Flin slaapt.

Dat Marc overal best makkelijk kan werken had hij zelf ook niet verwacht. Sterker nog, hij ziet er elke reis weer tegenop. “Hoe moet ik dat allemaal gaan doen?” vraagt hij zich voor vertrek af. Hij is geneigd om hard en veel te werken en houdt eigenlijk wel van regelmaat en structuur. Op reis kan dat niet altijd.

Niet praktisch

De eerste weken in de camper is hij dan ook altijd een beetje in gevecht met zichzelf, ons en de camper. Op het moment dat ik wil vertrekken naar de volgende kampeerplek, gaat hij ineens alle keukenkastjes opnieuw inrichten. Om vervolgens boos te worden op zichzelf omdat de nieuwe inrichting toch niet praktisch is.

Maar na een week of twee zie ik hem ontspannen. Dan zit hij ineens rustig een boek te lezen terwijl Flin hem als menselijke klimpaal gebruikt. “Nu besef ik weer dat ik veel minder hoef te werken dan ik denk,” zegt hij elke reis. Hij focust zich op de prioriteiten en dat blijkt genoeg te zijn. Al lanceert hij onderweg geen nieuwe projecten om het bedrijf te laten groeien, dat lukt thuis beter.

Wat kost dat?

We krijgen weleens de vraag hoe we dit financieel kunnen doen, maar onze levensstijl is helemaal niet zo duur. De enige extra kosten die we maken zijn het onderhoud van de camper en de kosten voor diesel. Alle andere kosten maken we thuis ook: boodschappen en een keer uit eten of een ijsje. We kamperen bijna altijd op gratis plekken. Vaak zijn dat ook nog eens de mooiste plekjes in de natuur.

Opgeven?

Ik herinner me hoe we op een dag door Noorwegen reden, terwijl Flin zijn arm uit de gordel probeerde te wurmen. Hij bleef maar roepen dat hij eruit wilde. Op zulke momenten slaat de twijfel toe: is dit een bui die weer overgaat of moeten we het opgeven voor vandaag? We besloten eerder te stoppen met rijden en een kampeerplek te zoeken.

Dat maakt reizen met een kind anders dan met z’n tweeën: Flin bepaalt een beetje onze dag. Niet omdat hij de baas is, maar omdat we kijken naar zijn behoeftes.

Nog een nachtje dan

Gelukkig hebben we op de meeste dagen helemaal geen plan. Die flexibiliteit vinden we het mooie van een camper: we kunnen komen en gaan wanneer we willen. Zoals die keer in Sicilië toen Flin het geweldig naar zijn zin had tussen de dieren op een boerderijcamping. De zon scheen en we stonden prachtig aan zee. Elke avond zeiden we weer tegen elkaar: “Zullen we nog een nachtje blijven?”

Flin vindt het ontdekken van nieuwe plekken ook leuk. “Gaan we weer naar de camper?” vraagt Flin de laatste weken steeds vaker. We zijn nu sinds ­januari thuis. Hoe leuk Rotterdam ook is, we missen de natuur om ons heen. Daarom gaan we verhuizen.

Lagere woonlasten

Ons nieuwe huis ligt vijf minuten van het bos en onze woonlasten zijn daar een stuk lager. Wel zo fijn, aangezien we er maar de helft van het jaar wonen. Bovendien wonen Flins opa’s en oma’s er een stuk dichterbij.

Na de verhuizing gaan we weer op reis, waarschijnlijk van september tot maart. Hoe het de jaren daarna verder gaat, weten we zelf ook niet precies. We zijn van plan om elk jaar zes maanden door Europa te blijven reizen, maar het is voor ons ook een ontdekkingsreis: wat vinden we op dat moment belangrijk? Wat werkt dan voor Flin? Als we ooit aan hem merken dat hij minder wil reizen, dan doen we dat.

Niet naar school

Op dit moment zegt ons gevoel dat Flin voorlopig nog niet naar school gaat. Vier jaar is nog zo jong en omdat hij zo gevoelig is, denken we dat het te veel voor hem is. We zien een grotere meerwaarde in het samen reizen. Op reis speelt hij ook met andere kinderen, bijvoorbeeld in de speeltuin. Na een uurtje zwaait hij ze uit en dan is het goed.

Bovendien leert Flin op reis net zo veel als op school, misschien wel meer. Als ik merk dat hij interesse heeft in dieren, dan spelen we daarop in. Met boeken of video’s, maar vooral door naar een plek te reizen met veel dieren. Dat kunnen we met elk onderwerp doen.

Doe het nu

Laatst zei iemand tegen me: “Ik wil later ook zo reizen als jullie.” Dan denk ik: als het kan, doe het dan nu. Je weet niet hoe het leven loopt. Dat is ook waarom ik Marc soms een beetje meetrek. Als we op reis zijn, ben ik de volgende reis soms al aan het plannen.

“Oh schat, moeten we het daar nu al over hebben? We zijn net onderweg”, zegt Marc dan. Maar eenmaal op reis zegt hij na een tijdje toch altijd: “Ik ben blij dat je weer hebt doorgezet.”

Dit artikel is eerder verschenen in Ouders van Nu Magazine. Interview: Lisette Wouters. Fotografie: eigen beeld. 

Artikelen van Ouders van Nu ontvangen in je mailbox? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.