Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

 

Zwembandjes: welke zijn veilig?

Heeft je kind nog geen zwemdiploma, dan heeft hij in het zwembad zwembandjes of andere drijfmiddelen nodig. Maar hoe gebruik je ze veilig? En wanneer kun je beter geen zwembandjes gebruiken? Dit zijn de mogelijkheden.

In samenwerking met expert

Britt Klaassen-Anholts

Zwemonderwijzer

Wat zijn zwembandjes?

Zwembandjes, ook wel zwemvleugels genoemd, zijn bedoeld voor kinderen die nog niet kunnen zwemmen. Je schuift de opblaasbare of (deels) schuimrubberen bandjes om de bovenarmen van je kind. Het zijn hulpmiddelen om te blijven drijven en zijn hoofd boven water te houden. Ze hebben felle kleuren, waardoor je kind goed zichtbaar is in het water.

Advertentie

Zwembandjes zijn niet bedoeld om zelfstandig mee het water in te gaan en ze kunnen de veiligheid van je kind in het water niet garanderen. Blijf dus altijd bij je kind, zeker zolang hij geen zwemdiploma heeft. Je leest hier wat een ideale leeftijd is om met zwemles te beginnen.

Bekijk ook: Uv-werende kleding voor je baby en kind

Wat zijn veilige zwembandjes?

Koop zwembandjes met het veiligheidskeurmerk EN15649. Let erop dat ze meerdere luchtkamers hebben, waardoor er bij een lek altijd nog lucht in de andere luchtkamers blijft. Verder zijn veiligheidsventielen belangrijk: de lucht loopt dan niet meteen weg als de ventielen opengaan. Op de website van de Nederlandse Voedsel- en Waren Autoriteit kun je checken welke zwembandjes wel en niet veilig zijn.

Veilig gebruik zwembandjes

Controleer de naden van de zwembandjes op eventuele beschadigingen. Schuif de zwembandjes eerst om de bovenarmen van je kind, helemaal tot aan zijn oksels. Blaas ze vervolgens goed stevig op. Alleen zo helpen ze je kind zijn hoofd boven water te houden. Let erop dat de zwembandjes niet afzakken tijdens het zwemmen of spelen, bijvoorbeeld doordat de armen van je kind glad zijn door het water of zonnebrandcrème.

Advertentie

Lees hier meer over de beste aanpak van watervrees.

Zwembandjes: voor welke leeftijd?

Er zijn geen officiële leeftijdsadviezen voor het gebruik van zwembandjes. Zodra je baby gaat lopen, is het verstandig om hem zwembandjes om te doen als jullie naar het zwembad gaan. Koop de juiste maat zwembandjes, zodat ze goed passen en zeker niet te los zitten. De maat – of leeftijd of gewicht waarvoor ze geschikt zijn – staat aangegeven op de verpakking.

Wanneer wel en geen zwembandjes?

Ga je samen met je kind een zwembad in, zorg dan dat hij zwembandjes draagt. Zo kan hij vrij bewegen en het water ontdekken, terwijl zijn hoofd boven water blijft. Blijf wel altijd dicht bij je kind.

Het klinkt tegenstrijdig, maar neem je kind ook af en toe zonder zwembandjes mee het ondiepe zwembad in. Ondersteun hem uiteraard goed en laat hem niet los tijdens het drijven. Zo leert hij het verschil voelen tussen bewegen in het water met en zonder zwembandjes. Ook verklein je de kans dat hij in paniek raakt, mocht hij eens zonder zwembandjes in het water vallen.

Advertentie

Ga je met je kind naar open water met stroming, zoals de zee of een rivier? Dan gebruikt je juist géén zwembandjes. Met zwembandjes om kan je kind makkelijker worden meegevoerd door de stroming of wind, waardoor hij afdrijft.

Lees ook: Een gewone luier is onveilig in het water, trek je kind bij het zwemmen altijd een zwemluier aan.

Andere zwemhulpmiddelen

Er zijn naast zwembandjes nog meer zwemhulpmiddelen, zowel voor tijdens de zwemles, om de zwemslagen aan te leren, als om mee te spelen. Dit zijn de bekendste:

  1. Zwemband

    De welbekende opblaasbare band voor om het middel. Een zwemband is bedoeld als speelgoed en dus alleen geschikt voor kinderen die al kunnen zwemmen of die daarnaast ook nog zwembandjes om hebben. Let op dat de zwemband niet te strak rond het middel van je kind zit: mocht hij kopje ondergaan, dan moet hij makkelijk uit de zwemband kunnen glijden, anders komt hij niet overeind.

  2. Babyzwemzitje (babyfloat)

    Een babyfloat is een zwemband met een soort stoeltje erin. Daarin kun je je baby laten dobberen en laten wennen aan het water. Wees erop bedacht dat sommige zwemzitjes onbedoeld kunnen kantelen: gebruik alleen een zwemzitje dat voldoet aan de EN13138-norm en blijf altijd dichtbij. Let ook op dat het zitje geschikt is voor het gewicht van je kind, want je hebt ze in verschillende maten. Gebruik het babyzwemzitje niet als er kans is dat je baby wegdrijft of omslaat, zoals in water met stroming of wind, of in een golfslagbad. Verschillende zwembanden en babyfloats vind je hier.

  3. Babyzwemkraag

    Dit is een opblaasbare ring die je om de nek van je baby doet, waardoor zijn hoofd boven water blijft. Net als bij alle opblaasbare drijfhulpmiddelen is het belangrijk om de naden goed te controleren en het artikel te gebruiken volgens de gebruiksaanwijzing. En: blijf altijd binnen handbereik, laat je kind nooit (ook niet heel eventjes) alleen in het water drijven.

  4. Drijfpakje: zwempakje met drijvers

    Dit is een soort zwemvest, met aan de voor- en achterkant twee grote platte drijvers, bij de schouders twee kleine drijvers en om de hals een drijvend nekstuk. Het drijfpakje heeft aan de voorkant een rits, maar je kunt het ook achterstevoren aandoen, zodat je kind het niet zelf kan uitdoen. Een drijfpakje is geschikt voor kinderen die oud en sterk genoeg zijn om zelf hun hoofd boven water te houden door te trappelen. Als je kind stil in het water hangt, zakt hij tot ongeveer zijn mond onder water, waardoor enige zwemervaring wel nodig is.

    Een voordeel van een drijfpakje ten opzichte van zwembandjes, is dat kinderen het niet zelf kunnen uittrekken. Ook kan het niet lek gaan of leeglopen. Let wel goed op de leeftijds- en gewichtscategorie. De drijvende kraag moet goed passen en de drijvers mogen niet te veel kunnen bewegen.

    Let op: een drijfpak is géén reddingsvest. Zoals bij alle zwemhulpmiddelen geldt: blijf in de buurt van je kind. Sommige zwemscholen die werken met de diepwatermethode, waarbij kinderen meteen het diepe ingaan, laten kinderen tijdens de zwemlessen een drijfpakje zonder nekstuk dragen. Zo kunnen ze zich makkelijk en toch veilig bewegen terwijl ze hun zwemslagen oefenen.

  5. Zwemplankje

    Een zwemplankje is een zwemhulpmiddel dat wordt gebruikt tijdens de zwemles of om mee te spelen en oefenen. Een zwemplankje kan snel uit de handen van je kind schieten en is daarom niet geschikt als hulpmiddel in diep water als je kind nog niet (goed) kan zwemmen. Het is wel leuk om mee te spelen in ondiep water of te gebruiken in combinatie met zwembandjes of een drijfpakje.

  6. Zwemgordel

    Een zwemgordel, ook wel zwemkurkjes genoemd, is ontwikkeld voor zwemles. Met de zwemgordel komt een kind horizontaal in het water te liggen, waardoor hij de zwemslagen kan leren. Als je kind op zwemles zit en al in het diepe mag, kun je de zwemgordel ook gebruiken om samen te oefenen.

  7. Zwemtube

    Een zwemtube, ook wel FlexiBeam of poolnoodle genoemd, is een buigzame, schuimrubberen staaf, die wordt gebruikt als zwemhulpmiddel om de zwemslagen te leren. De zwemtube helpt je kind bij het drijven en geeft een stabiel en een veilig gevoel in het water, waardoor hij beter kan oefenen. En je kunt er leuk mee spelen, natuurlijk. Voor kinderen die nog niet goed kunnen zwemmen is de zwemtube geen veilig drijfmiddel. Je moet je kind dan ook nog zwembandjes of een drijfpakje aandoen.

Ooit gehoord van secondary drowning? Lees hier wat deze vorm van verdrinking betekent.

Veilig op de boot

Gaan jullie met je kind varen, trek hem dan altijd een reddingsvest aan. Ook als hij al een zwemdiploma heeft. Een reddingsvest is van alle drijfhulpmiddelen het enige reddingsmiddel. Stel dat er iets gebeurt en je kind stoot bijvoorbeeld zijn hoofd, dan zorgt het reddingsvest ervoor dat je kind vanzelf op zijn rug draait in het water. Reddingsvesten zijn er al voor baby’s vanaf twee maanden.

Laat je kind altijd een zwemluier dragen (of geen luier) als hij een reddingsvest aan heeft. Gewone luiers houden lucht vast, waardoor de billen boven water kunnen draaien en het hoofd juist onder water. In ondiep water is een reddingsvest ook geen goede optie: als je kind de bodem kan raken draait hij niet vanzelf op zijn rug.

Bron: VeiligheidNL, Consumentenbond

Lees hier meer over veiligheid rondom (open) water.

Britt Klaassen-Anholts

Zwemonderwijzer

Britt Klaassen-Anholts, moeder van twee, is zwemonderwijzer en docente bewegingsonderwijs. Samen met haar man heeft ze sinds 2006 een eigen succesvolle zwemschool. Haar boek 'Met succes op zwemles!' is uniek en bevat eenvoudige en leuke tips, oefeningen en spelletjes om op een plezierige manier het zwemtraject te ondersteunen, voor zowel ouder én kind.

Contact
Website
Facebook
Instagram
Youtube