PeuterOpvoeden & ontwikkeling

Zelfredzaamheid van je kind: hoe stimuleer je dit?

Zelfredzaamheid van je kind hoe stimuleer je dit Getty Images
Getty Images
Leestijd 5 minuten
(Medisch) beoordeeld door:
valerie ritchie
Valerie Ritchie
Opvoedcoach
Lees verder onder de advertentie

Wat is zelfredzaamheid?

Zelfredzaamheid is het vermogen om jezelf fysiek, emotioneel en praktisch te kunnen redden in het dagelijks leven. Het betekent dat een kind in staat is om – passend bij zijn leeftijd – voor zichzelf te zorgen, taken uit te voeren en oplossingen te bedenken zonder constante hulp van een volwassene.

Hoe snel die ontwikkeling precies verloopt, verschilt enorm per kind. Er is dan ook geen vastomlijnde leeftijd waarop je kind ineens volledig zelfredzaam ‘moet’ zijn. Om hulp durven vragen als iets niet lukt, is overigens ook een enorm belangrijke vorm van zelfredzaamheid.

Wat is het verschil tussen zelfredzaamheid en zelfstandigheid?

Zelfstandigheid gaat over het uitvoeren van een taak, terwijl zelfredzaamheid gaat over het zien en initiëren van de taak.

Een praktisch voorbeeld: een peuter kan misschien al heel zelfstandig zijn eigen boterham smeren en opeten terwijl jij naast hem aan tafel zit. Zelfredzaamheid gaat een stap verder. Een zelfredzaam kind voelt dat hij honger heeft rond lunchtijd, pakt uit zichzelf een boterham en gaat deze smeren en opeten, ook als jij niet in de directe omgeving bent. Je kunt dingen dus wel zelfstandig doen, terwijl je op dat vlak nog niet zelfredzaam bent.

Lees ook:
8 tips om het zelfvertrouwen van je kind te vergroten

Waarom is zelfredzaamheid belangrijk bij kinderen?

Het ontwikkelen van zelfredzaamheid geeft een kind regie over zijn eigen leven, wat enorm goed is voor zijn zelfbeeld en zelfvertrouwen. Elk nieuw succesje geeft je kind het gevoel dat hij de wereld aankan.

Daarnaast is zelfredzaamheid belangrijk voor de veiligheid. Hoewel je er als ouder niet aan wilt denken, raak je je kind misschien weleens uit het oog in een drukke winkel of op het strand. Een zelfredzaam kind raakt dan niet direct in blinde paniek, maar weet (ongeveer) wat hij moet doen om jou weer terug te vinden of om op een veilige manier hulp te vragen.

Valerie Ritchie, opvoedcoach bij The Parental Coach, voegt daaraan toe: “Zelfredzaamheid gaat niet alleen over veters strikken of een boterham smeren. Het gaat in de basis over het ontwikkelen van veerkracht. Kinderen die de ruimte krijgen om zelf dingen te proberen (en daarbij af en toe mogen falen), leren dat een tegenslag niet het einde van de wereld is. Dat vertrouwen in hun eigen kunnen nemen ze hun hele leven met zich mee.”Zelfstandigheid en zelfredzaamheid per leeftijd

Je kind wordt met de jaren steeds zelfredzamer. We noemen wat vaardigheden die passen bij de zelfredzaamheid per leeftijd. Sluiten de voorbeelden niet volledig aan op de ontwikkeling van jouw kind? Geen zorgen. Ieder kind ontwikkelt zich op zijn eigen manier.

Lees verder onder de advertentie

Wat kan een baby en dreumes zelf? (0 - 2,5 jaar)

In de baby- en dreumesfase zet je kind vooral de eerste, voorzichtige stappen richting zelfstandigheid. Denk hierbij aan leren zitten, vaste voeding eten, zelf uit een beker leren drinken en de eerste stapjes zetten.

Vanaf ongeveer een jaar of twee wil je kind ineens alles ‘zelluf doen’. Dit varieert van proberen te eten met een vork tot zelf de trap op willen klimmen. Omdat de emoties in deze fase soms alle kanten op kunnen schieten (niet voor niets de terrible two’s genoemd), is het goed om deze zelfstandigheid te stimuleren door je kind kleine, haalbare opdrachtjes te geven. Laat hem zelf zijn schoenen pakken of zijn plastic bordje naar het aanrecht brengen. Dit geeft hem een gevoel van controle en trots.

Lees ook:
Tips voor ouders tijdens de peuterpuberteit

Wat kan een peuter en kleuter zelf? (2,5 - 6 jaar)

Peuters en kleuters leren langzaamaan de basisvaardigheden van persoonlijke verzorging. Ze kunnen zichzelf (deels) aankleden, zindelijk worden en fietsen zonder zijwieltjes.

Op de peuterspeelzaal en de basisschool wordt dit proces flink gestimuleerd. Je kind leert nu ook beter te verwoorden wat hij wel en niet wil en kan zich beter oriënteren in een bekende omgeving. Laat je kleuter bijvoorbeeld eens vooroplopen op de terugweg van de supermarkt naar huis. Jouw vertrouwen in zijn richtinggevoel stimuleert zijn zelfredzaamheid enorm.

Wat kan een basisschoolkind zelf? (6 - 12 jaar)

In de basisschooltijd maakt de zelfredzaamheid gigantische sprongen. Je kind leert lezen, schrijven, klokkijken en gaat voor het eerst de straat op zonder dat jij er direct naast loopt.

Door de introductie van zakgeld leert hij bijvoorbeeld plannen en sparen. In deze fase kun je je kind de verantwoordelijkheid geven voor zijn eigen huiswerk, het inpakken van zijn eigen gymtas of hem laten bepalen wat hij aantrekt naar school. Geef hem de ruimte, wees flexibel en sta klaar om te sturen waar nodig.

Lees verder onder de advertentie

Hoe stimuleer je zelfredzaamheid bij paniek?

Je stimuleert zelfredzaamheid in lastige situaties door vooraf duidelijke en concrete afspraken met je kind te maken, in plaats van te handelen tijdens de paniek zelf.

Hier zijn een aantal handige stappen die jullie samen kunnen oefenen:

  1. 1

    Gebruik een hulpmiddel: Gaan jullie naar een drukke plek? Gebruik een polsbandje of schrijf je telefoonnummer op zijn arm. Leer je kind dat hij, als hij jullie kwijt is, op zoek moet gaan naar een medewerker, iemand van de reddingsbrigade, of een andere ouder met jonge kinderen.

  2. 2

    Spreek een vast verzamelpunt af: Laat bij aankomst direct een opvallend punt zien, zoals een grote verdwaalpaal of de EHBO-post, waar jullie afspreken als jullie elkaar kwijtraken. Zorg dat je dit punt zelf ook onthoudt; je zult niet de eerste ouder zijn die in paniek de hele boulevard afzoekt, terwijl het kind braaf bij de strandtent staat te wachten.

  3. 3

    Oefen de schoolroute: Fietst je kind voor het eerst alleen? Bespreek vooraf exact wat hij moet doen als de ketting eraf ligt of als hij valt. Bij wie mag hij aanbellen? Heeft hij een telefoon nodig?

  4. 4

    Niet meegaan met anderen: Leer je kind heel stellig aan dat hij nóóit zomaar met iemand mee mag gaan. Zelfs niet met de buurvrouw of een bekende, zolang hij dit niet eerst aan jou gevraagd heeft.

  5. 5

    Positief blijven bij een hereniging: Hoe enorm je ook in paniek was toen je kind kwijt was, wees vooral dolblij als hij weer terecht is. Voorkom dat je boos reageert vanuit opluchting en schrik. Bespreek pas op een veel later, rustig moment samen hoe de situatie de volgende keer voorkomen kan worden.

Lees ook: 9x zo voorkom je dat je je kind kwijtraakt

Lees verder onder de advertentie

De mooiste opvoedboeken en tools:

Bronnen: Nederlands Jeugdinstituut, Kijk op ontwikkeling