Wanneer ga je naar een kinderpsycholoog?

Wanneer ga je naar een kinderpsycholoog?

Een kinderpsycholoog onderzoekt en behandelt psychologische problemen bij kinderen en jongeren tot 18 jaar. Maar wat doet een kinderpsycholoog precies, wanneer kun je er naartoe en hoe het zit met de vergoeding?

Kinderpsychologen houden zich bezig met het bestuderen van het gedrag, het denken en beleven van mensen vanaf de geboorte tot aan het einde van het leven. In de fase van baby tot volwassene vindt de meeste ontwikkeling en verandering plaats van een persoon. Loopt het in deze fase niet lekker en hebben kinderen en hulp nodig, dan kunnen ze terecht bij een kinderpsycholoog.

Wanneer ga je naar een kinderpsycholoog?

‘Als je kind een moeilijke tijd meemaakt of een traumatische ervaring heeft gehad, kan hij last krijgen van gevoelens van angst of depressie. Bijvoorbeeld wanneer één van jullie ziek is of jullie in scheiding liggen of als er in de familie een sterfgeval is. Ook in andere gevallen kan je kind terecht bij een kinderpsycholoog. Bijvoorbeeld als hij het moeilijk heeft omdat hij op school wordt gepest of als hij leerproblemen heeft. Dat kan leiden tot faalangst of een gebrek aan zelfvertrouwen.’

Als je kind gepest wordt

Er zijn verschillende dingen die een kinderpsycholoog kan doen om je kind te helpen als hij wordt gepest. Het trainen van de sociale vaardigheden in groepsverband, bijvoorbeeld. Sommige kinderen worden namelijk gepest omdat het ze aan die vaardigheden ontbreekt. Ook kan er kan gekozen worden voor een weerbaarheidstraining. Hierbij wordt kinderen geleerd beter voor zichzelf op te komen.

Langdurig gepest worden kan een traumatische ervaring zijn voor kinderen. Om iets te doen tegen de angsten die je kind door het pesten heeft ontwikkeld, kan gekozen worden voor EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing). Dit is een effectieve behandelmethode om nare ervaringen te verwerken. Welke behandeling het beste is voor jouw kind, hangt af van het kind zelf en de mate waarin hij gepest is.

Bij een gebrek aan zelfvertrouwen

Meestal wordt gekozen voor cognitieve gedragstherapie, waarbij aan de irreële gedachten van een kind wordt gewerkt, zoals ‘ik ben lelijk’, ‘niemand vindt mij aardig’ etcetera. Dat kan zowel individueel als in groepsvorm. Het negatieve zelfbeeld wordt dan aangepakt door het te benoemen, te bekijken wat het positieve tegenbeeld ervan is en in hoeverre daarvan sprake is. Wel is het bij deze vorm van therapie belangrijk dat het negatieve zelfbeeld irreëel is, dus niet echt waar. Als je kind zichzelf te dik vindt en hij is inderdaad behoorlijk stevig, dan kan alleen de kinderpsycholoog niet voor een oplossing zorgen. Er moet dan ook iets aan het gewicht van het kind gedaan worden.

Helpen bij rouwverwerking

Als je kind een dierbare verliest, volgt er een periode van rouw. Net zoals dat voor een volwassene geldt is dit een gezonde reactie. De meeste kinderen kunnen het verlies van een familielid of iemand waar ze om geven in deze periode goed verwerken. Soms loopt een kind toch vast in de verwerking en ontwikkelt het psychosociale en emotionele klachten. Hoe kan een kinderpsycholoog een kind helpen bij rouwverwerking?

Bij jongere kinderen wordt vaak door middel van speltherapie aan het verwerkingsproces gewerkt. Er kan bijvoorbeeld samen met het kind een afscheidsdoosje gemaakt worden. Daarin kan het kind herinneringen stoppen die hij op papier heeft gezet. Bij oudere kinderen hangt de behandeling af van hoe ze ermee omgaan. Soms geeft verlies bij een kind depressieve klachten en wordt er gebruik gemaakt van cognitieve gedragstherapie. Er wordt dan geprobeerd om door middel van zijn gedachten het gedrag van een kind te veranderen. Bij andere kinderen is het vooral nodig om het verdriet een plek te geven. Er zijn verschillende ‘rouwtherapieën’ die een therapeut samen met een kind kan doorlopen om dit te bereiken. Hierbij worden vaak de ouders of, als het gaat om een van de ouders die overleden is, de overgebleven ouder, betrokken.

Vragen over gedrag

Ook als je vragen hebt over het gedrag van je kind in het algemeen, kun je terecht bij de kinderpsycholoog. Misschien vind je dat je kind erg teruggetrokken is of te snel overprikkeld is of veel moeite heeft zich te concentreren. Een kinderpsycholoog kan dan onderzoeken of er sprake is van een ontwikkelingsstoornis, zoals ADHD of een aan autisme verwante stoornis. Of misschien heb je het idee dat het gedrag van je kind het gevolg is van jullie manier van opvoeden en twijfel je over jullie aanpak. Ook daarover kun je in gesprek gaan met de kinderpsycholoog.

Wanneer wordt een behandeling vergoed?

Sinds 1 januari 2014 vallen behandelingen door een kinderpsycholoog onder de basis GGZ . Dit betekent dat ze onder het basispakket van de zorgverzekering vallen en hiervoor geen eigen bijdrage meer hoeft te worden betaald. Het aantal sessies dat vergoed wordt is wel afhankelijk van de zorgverzekering die op je kind van toepassing is.

Ook moet je rekening houden met het eigen risico van de door jullie afgesloten zorgverzekering. Zijn de problemen na behandelingen nog niet opgelost of kunnen de problemen niet behandeld worden binnen de basis GGZ, dan kan de huisarts of behandeld psycholoog je kind doorverwijzen naar de gespecialiseerde GGZ. Ook behandelingen die hieronder vallen hoeven vaak niet zelf vergoed te worden. Dit is wel afhankelijk zijn van de zorgverzekering die je voor je kind hebt afgesloten. Kortom: heeft je kind een behandeling nodig die valt onder de basis of gespecialiseerde GGZ, Vraag dan na bij jullie verzekeringsmaatschappij welke regels voor jullie gelden.

Heb je een doorverwijzing van de huisarts nodig?

Om de behandelingen vergoed te krijgen is die vallen onder de basis GGZ is een doorverwijzing van de huisarts of jeugdarts nodig. De huisarts of jeugdarts zal bij het consult onderzoeken of er sprake is van een vermoeden van een DSM-diagnose. Dit is een psychische klacht die staat in het ‘Diagnostisch en Statistisch Handboek van Mentale Stoornissen’.

Hij kan hiervoor de hulp van een praktijkondersteuner inroepen. Een prakijkondersteuner is een GZ-psycholoog die de huisarts bij onderzoeken op dit gebied ondersteunt. Mocht er geen DSM-diagnose gegeven kunnen worden, dan kan de huisarts met de praktijkondersteuner kijken of het probleem binnen de huisartsenpraktijk behandeld kan worden.