populair

Wat als jouw kind niet populair is?

Je zou je kind het liefst in een doosje doen en beschermen tegen kinderen die gemeen doen. Maar zo werkt het niet. Wat als jouw kind niet goed in de groep ligt? Kun je daar iets aan doen? Móet je daar iets aan doen?

Wat als jouw kind niet populair is?

Je hart breekt bij de gedachte aan een eenzaam kind op een vol schoolplein. Vooral als het gaat om jouw kind. Je ging er gewoon van uit dat jouw lieve, behulpzame zoon goed in de groep lag. Of het viel je niet echt op dat jouw stille, maar superslimme dochter nooit werd uitgenodigd voor een partijtje. Kun je als ouder iets doen aan zo’n situatie? En nog belangrijker: is het slim om in te grijpen?

Kindervriendschappen

Uit onderzoek is gebleken dat vriendschappen voor kinderen belangrijk zijn om zich te ontwikkelen. Ze leren elkaar als het goed is ook sociale vaardigheden. Maar het aantal vriendjes zegt niet zo veel over de populariteit van een kind in een groep. Kinderen met veel vriendjes beschikken meestal over goede communicatieve en sociale vaardigheden. Maar als iemand populair is in een groep, betekent dat niet automatisch dat hij ook veel echte vrienden heeft. Vriendschap is iets tussen twee mensen, populariteit wordt door een groep bepaald. Bij een onderzoek onder een grote groep kinderen op twaalf basisscholen bleek dat 33% van de populaire kinderen geen echte vriend heeft. Andersom was dat ook zo: de kinderen die vaak werden afgewezen, waren niet per definitie ‘vriendloos’. Van hen had 20% een echte vriend.

Leider en volgers

De meeste kinderen zijn gemiddeld: niet populair en niet afgewezen. Slechts een beperkt aantal kinderen wordt door iedereen gezien als vriend of juist genegeerd. Er wordt wel eens gezegd dat populaire kinderen een grotere kans hebben om later succesvol te worden, maar dat staat niet vast. Dus ook niet dat alle gepeste kinderen minder goed terechtkomen. Er zijn genoeg ministers of andere invloedrijke personen die vroeger zijn gepest. Bovendien is het leiderschap niet statisch. De leider van de klas hoeft niet de aanvoerder van de voetbalploeg te zijn. In de klas moet je over andere kwaliteiten beschikken dan in een voetbalteam. En de leider van groep 2 is misschien geen leider meer als hij eenmaal in groep 8 zit. Datzelfde geldt voor populariteit. Dat heeft te maken met de samenstelling van de groep, maar ook met de ontwikkeling van kinderen.

Bijsturen ja of nee?

Als ouder kun je vriendschappen van je zoon of dochter stimuleren door andere kinderen uit te nodigen om te komen spelen. Let er dan op hoe je kind met anderen omgaat en stuur zo nodig bij. Dat is geen bemoeizucht, daar mogen ouders zich best spelenderwijs voor inspannen. Spreek geen waardeoordeel over vriendjes uit waar je kind bij is. Misschien vind je het ene vriendje leuker dan een ander vriendje, maar het is wel een vriendje van jouw kind. Het kan geen kwaad om kinderen met een andere achtergrond te leren kennen en je horizon een beetje te verbreden. Ook leerkrachten kunnen invloed uitoefenen op hun groep. Zij kunnen kinderen zonder vriendjes bij belangrijke taken betrekken of dominante figuren iets meer op de achtergrond laten meedoen, en zo voor een aangenamer klimaat in de groep zorgen, als dat nodig is.

Goede genen

Het is ook weer niet zo dat je met de juiste aanpak de populariteit van je kind kunt regelen. Of dat het allemaal wel in orde komt als je jouw kind maar genoeg sociale vaardigheden bijbrengt. Ook genen spelen een rol. Het ene kind kan zich van nature makkelijker aanpassen en beheersen dan het andere. Temperamentvolle kinderen hebben het in een groep moeilijker dan kinderen die zich gemakkelijk aanpassen. Ook daar kun je je kind bij helpen, door hem te leren zijn boosheid niet onmiddellijk te uiten. Zo kan hij proberen om tot tien te tellen als hij boosheid voelt opkomen (oefen thuis door samen te tellen als hij boos is). Of leer hem dat hij, wanneer hij voelt dat hij wil gaan gillen of slaan, uit een situatie kan weglopen om even tot zichzelf te komen.

Knuffelen helpt

Kinderen die goed zijn in het herkennen van gezichtsuitdrukkingen, kunnen zich beter inleven in de gevoelens van anderen. En dat helpt ze weer bij het maken en behouden van vrienden. Nu blijkt dat kinderen met veel oxytocine in hun bloed (ook wel gelukshormoon of knuffelhormoon genoemd) beter gezichten kunnen lezen. Heb je het idee dat je kind hier nog wel wat hulp bij kan gebruiken? Knuffel en masseer hem zoveel mogelijk. Daardoor komt er oxytocine vrij.

Weetjes over kindervriendschappen

Zodra hij naar school gaat, kiest je kind zelf zijn vriendjes. Zo kan je rustige, bedachtzame kind ineens thuiskomen met een stuiterbal of een enorme haaibaai. Voordat je hier conclusies uit trekt, is het handig om deze weetjes even te lezen:

  • Kinderen stellen op het schoolplein geen hoge eisen als ze hun vriendjes uitkiezen: iemand met de nieuwste gadget is al snel favoriet.
  • Meisjes hebben meer behoefte aan kameraadschap dan jongens. Ze hebben de neiging om kleinere groepjes om zich heen te verzamelen en samen te kletsen, terwijl jongens vaker in een grotere groep meer vrienden hebben.
  • Kinderen, óók kleuters, zijn enorm trouw. Een vriendschap van zes maanden is geen uitzondering.
  • De invloed van het karakter van een ander kind valt erg mee. Kinderen die omgaan met een agressief klasgenootje gaan zich niet ineens veel woester gedragen. Jouw kind heeft nog altijd zijn eigen karakter.
  • Uiteindelijk kiezen kinderen vriendjes die een beetje op ze lijken. Iemand met wie ze op één lijn zitten en van wie ze op aan kunnen.