Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

 
door

‘Ik kon alleen maar denken: dit moet ik overleven, voor de baby in mijn buik'

Linda (36) was twintig weken zwanger toen haar auto op de snelweg over de kop sloeg. Een, twee, drie keer. De wereld draaide, het regende glasscherven. 'Ik moest hard huilen. Alles deed pijn en ik maakte me zorgen om de baby.'

‘Wat voelde ik me gelukkig toen ik erachter kwam dat ik zwanger was. Ik heb altijd al kinderen gewild. De vader was en is niet in beeld. Verdrietig natuurlijk, maar ik wist meteen: de baby en ik redden het samen. Tijdens de twaalfwekenecho stuiterde de baby heen en weer in mijn buik, alsof hij wilde zeggen: “Mama, hier ben ik!” En bij de twintigwekenecho bleek gelukkig alles goed. Ik was vreselijk moe, maar besloot toch fulltime te gaan werken in een callcenter. Nog even geld verdienen zodat ik na de geboorte meer tijd had om bij hem te zijn.

Advertentie

Over de kop

Het was een vrijdagochtend, ik was op weg naar mijn werk met de auto. Ik reed op de rechterrijstrook. Niet te hard, niet te zacht: gewoon voorzichtig en geconcentreerd. Achteraf hoorde ik dat er een auto achter mij invoegde op de snelweg, zonder gas terug te nemen. Ik heb dat zelf niet gemerkt. Het gekke is dat ik niet eens voelde dat mijn auto werd aangetikt. Uit het niets begon ik te schuiven over de weg, richting de vangrail. Ik was de controle over het stuur helemaal kwijt en voordat ik het wist, sloeg ik drie keer over de kop.

Paniek

Terwijl ik door de lucht vloog, was mijn eerste gedachte: laat álles los en geef je over aan de val. Ik liet het gebeuren en in mijn binnenste schreeuwde ik: dit moet ik overleven, voor de baby in mijn buik! Elke keer dat het dak van mijn auto de grond raakte, schrok ik van het kabaal. Glas vloog in het rond. Later ontdekte ik dat een deel van mijn haar door alle scherven was gekortwiekt. Ook rook ik een brandlucht. Toen de auto eindelijk tot stilstand kwam, wilde ik er direct uit. De deur ging niet open, dus klom ik door het gebroken raam aan de passagierskant. Zo rende ik in paniek de berm achter de vangrail in. Een man achter mij had het allemaal zien gebeuren. Hij zette zijn auto stil en kwam naar me toegerend om te kijken of alles goed was.

Boosheid

Ondertussen belde hij de politie en ambulance. Tegelijkertijd kwam de jongen die mij had aangereden ook op me afgerend. Hij was misschien nét achttien en begon me zonder gêne uit te schelden. Omdat ik zelf nauwelijks begreep wat er was gebeurd, liet ik het gebeuren. Het overviel me. Maar later werd ik alsnog zo boos. Die jongen heeft niet één keer gevraagd of ik oké was, ook niet toen hij hoorde dat ik zwanger was. Meerdere mensen hadden het ongeluk zien gebeuren en iedereen zei hetzelfde: het was zijn schuld.

Lees ook: Alles over stress tijdens de zwangerschap

Hoe gaat het met de baby?

Gelukkig was de getuige zorgzaam en wachtte hij met mij op de politie. Ik moest hard huilen. Alles deed pijn en ik maakte me zorgen om de baby. In de ambulance hield een verpleger me aan de praat, waarschijnlijk om me af te leiden van de controle-echo die eraan zat te komen, terwijl hij me uitgebreid onderzocht. Tot ieders verbazing had ik geen botbreuken, maar het voelde alsof mijn hoofd in brand stond. Er viel een diepe vermoeidheid over me heen; een soort zware deken die op mijn lijf drukte. Ik probeerde niet te piekeren over mijn buik. We zouden in het ziekenhuis snel genoeg zien hoe het met de baby ging.

Controle-echo

Mijn moeder kwam met spoed naar de gynaecoloog en samen gingen we de controle-echo in. Ik was zenuwachtig, want ik voelde de baby niet bewegen. “Het ziet er allemaal goed uit,” zei de gynaecoloog. “Met de baby en jouw baarmoeder is niets mis.” Ik kon de echobeelden zelf niet goed zien, omdat ik moeite had om mijn hoofd erbij te houden, maar ik vertrouwde op de arts. Ik was enorm opgelucht. Wel moest ik aan de pijnstillers, want mijn hoofdpijn werd steeds heftiger. Dat vond ik lastig, want wat voor effect zouden die op de baby hebben? Maar de artsen zeiden dat het geen kwaad kon en ik kon ook echt niet zonder.

Zwak lijf

Mijn ouders maakten een bed voor me klaar op hun bank en daar lag ik met een zware hersenschudding in het donker met een zonnebril op. Zelfs het kleinste streepje licht sneed door mijn hoofd. In de eerste weken na het ongeluk kon ik helemaal niets. Als ik langer dan vijf minuten stond, werd ik moe en begonnen mijn slapen te kloppen. Mijn hele lijf was beurs en het voelde alsof mijn lichaam álle energie nodig had voor mijn herstel en de baby. Een fysio probeerde mijn schouders en rug los te masseren, maar daarvan werden mijn klachten alleen maar erger. Bang vroeg ik me af: hoe moet ik met dit zwakke lijf bevallen?

Alleen maar staren

Aan een intensieve kraamweek zonder slaap durfde ik niet eens te denken. Lezen of tv-kijken: ik kon het allemaal niet. Kon alleen maar voor me uit staren. Ik had me zo verheugd op de tweede helft van mijn zwangerschap. Kleertjes kopen, de babykamer klaarmaken, naar een zwangerschapsclubje, in mijn verlof afspreken met vriendinnen. Dat hele feest ging niet door. In mijn hoofd maakte ik lijstjes met dingen die allemaal nog moesten gebeuren, maar mijn lijf werkte niet mee.

Lees ook: Autorijden tijdens je zwangerschap: zó doe je het veilig

Beschermengel

Op een avond keek ik met mijn ouders het journaal, toen er beelden van een auto-ongeluk werden getoond. De inzittenden waren net als ik over de kop geslagen, alleen hadden zij het niet overleefd. Ik voelde me dankbaar dat ik er nog was, maar ook verdrietig, want het had ook zomaar voorbij kunnen zijn. De middag voor het ongeluk had ik een wiegje cadeau gekregen van kennissen. Op de zijkant was een engeltje van stof gespeld. Die avond wilde mijn vader het bedje uit de auto halen, maar om de één of andere reden stond me dat tegen. “Dat doen we morgen wel,” zei ik. Nu denk ik stiekem weleens dat dat beschermengeltje, achter in de auto, ons leven heeft gered.

Nieuwe start

Terwijl ik op de bank lag, dacht ik steeds vaker aan mijn toekomst. Hoe wilde ik mijn leven met baby gaan inrichten? Ik moest er niet aan denken om weer aan de slag te gaan in het callcenter; ik wilde zo veel mogelijk tijd doorbrengen met mijn kind. Langzaam ging het beter met me en ik besloot voor mezelf te beginnen. Mensen coachen. Helpen ze het roer om te gooien, zodat ze, net als ik, kunnen doen wat ze écht leuk vinden. Ik zocht op internet hoe je een website moet bouwen en het beste een blog kunt schrijven. Zo ging ik aan de slag en inmiddels ben ik mijn eigen praktijk gestart. Voor mij was het ongeluk een reden om kritisch naar mijn leven te kijken, maar er zijn veel mensen die op een andere manier tot dat inzicht komen.

Energieboost

Met eenenveertig weken en drie dagen werd Sil geboren. Mijn lijf was nog niet hersteld, maar tijdens de bevalling leek het of er een vaatje vol energie openging, waardoor ik hem op de wereld kon zetten. De kraamperiode was heftig, omdat het slaapgebrek grote invloed had op mijn pijnlijke lijf, maar ik kreeg gelukkig veel hulp van familie en vrienden. In de kraamweek kreeg ik de sleutel van mijn nieuwe huis en maakte ik een gezellig nestje voor Sil en mij. Sil is nu één en een ondernemend en pienter mannetje. Hij is vrolijk en sociaal. Als hij overdag slaapt, ben ik bezig met voorbereidingen voor sessies en opa en oma passen op wanneer ik cliënten spreek.

Geluk

Mijn lijf knapt gelukkig rustig op. Sil zit graag op mijn rug als we paardje spelen. Soms ren ik achter hem aan en grijp ik naar zijn voetjes, dan gilt hij van plezier. Ik geniet van het samen boekjes lezen. Ik wandel graag met hem in de draagzak en hij vindt het superleuk om naar de orchideeënkas bij ons in de buurt te gaan. Dan kijkt hij met grote ogen naar alle gekleurde bloemen. Ik ben ontzettend blij met hem.’

Meer persoonlijke verhalen lezen?

Dit artikel is eerder verschenen in de rubriek ‘Soms gaat het anders’ in Ouders van nu Magazine – Auteur: Albertine Otten, Beeld: Unsplash

Artikelen van Ouders van Nu ontvangen in je mailbox? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.