‘Toen ik van de vrouw op het consultatiebureau hoorde over zindelijkheidstraining vanaf de tweede zomer, fronste ik mijn wenkbrauwen. Mijn zoon Moses was net 20 maanden en ik vond het eerlijk gezegd nogal vroeg. In Nederland hoor je vaak dat kinderen pas rond hun 3e echt zindelijk worden. Maar onze nanny keek me aan met een blik van: kom op, dit kan hij best. En zo begon ons avontuur.
Van poepluiers naar potjes
Thuis begonnen we voorzichtig. Ik zette Moses op het potje, hij keek me aan alsof ik hem een nieuwe vorm van marteling voorschotelde, en sprong er weer vanaf. Toch bleven we volhouden. Inmiddels kan ik me niet meer herinneren wanneer ik voor het laatst een poepluier heb verschoond. Dat alleen al voelt als een kleine bevrijding.
In maart kwam de echte doorbraak. Op school, hier heet de crèche gewoon ‘school’, zeiden ze dat we hem zonder luier moesten brengen. Ik slikte even, maar deed braaf wat er gevraagd werd. En wat bleek? Hij maakte enorme sprongen. Binnen een paar weken liep hij zelfverzekerd daar naar de wc’s met een opstapje en een extra bril, alsof hij nooit anders had gedaan.
Een collectief project
Toen ik dit vertelde aan mijn Nederlandse vrienden, keken ze me aan alsof ik een wonderkind had gebaard. ‘Zonder luier naar de crèche? Dat doen ze hier echt niet hoor.’ Ook mijn moeder fronste haar wenkbrauwen. Zij vond het maar vroeg dat we Moses al met 20 maanden op het potje zetten.
Maar in Kaapstad is het de norm. Het idee is simpel: in de zomer kunnen kinderen makkelijk zonder broek rondlopen, en ongelukjes zijn zo opgeruimd. Op school wassen ze gewoon de sokken, onderbroek en broek uit en hangen die te drogen in het zonnetje. Geen drama, geen schaamte. Het is bijna alsof zindelijkheid hier een collectief project is.
Lees ook: Plaspotje kopen: waar moet je op letten?
Ongelukje hoort erbij
Dat betekent niet dat het altijd vlekkeloos gaat. Moses zag laatst zijn vader staand plassen en besloot dat hij dat ook wilde proberen op zijn potje. Je kunt je voorstellen hoe dat eindigde: plas naast het potje en ik met een dweil in de hand.
En ja, soms gebeurt er nog een ongelukje op de meest onhandige plekken. Zoals laatst, midden in de groenteafdeling van de supermarkt. Terwijl ik tomaten stond uit te zoeken, hoorde ik een klein stemmetje: ‘Mama ...’, gevolgd door een gele straal langs zijn benen en een natte vlek op de vloer. Niet ideaal, maar ik kon er eigenlijk alleen maar om lachen. Want eerlijk: dit hoort erbij.
In het vliegtuig
’s Avonds doen we nog steeds een luier om voordat hij gaat slapen. In het begin deed ik dat ook als we het huis uitgingen, gewoon omdat ik het idee van een ongelukje in de auto niet kon verdragen. Maar inmiddels vertrouw ik erop dat hij het redt.
Binnenkort vliegen we naar Nederland en dan gaan we bij opa en oma een opzetbril gebruiken. Ik ben benieuwd hoe hij daar zijn nieuwe vaardigheden laat zien. Misschien dat hij opa zelfs gaat uitleggen hoe je als peuter staand plast.
Lees ook: Hoe wordt je kind ’s nachts zindelijk?
Gewoon doen
Zindelijkheidstraining was iets waar ik enorm tegenop zag. Het idee van eindeloos potjes schoonmaken, ongelukjes opruimen en discussies voeren met een peuter die nooit zin heeft om naar de wc te gaan, klonk als een nachtmerrie. Maar het viel me eigenlijk alles mee.
Het grappige is dat ik vooral heb geleerd om mijn eigen verwachtingen los te laten. In Nederland zou ik waarschijnlijk nog maanden hebben gewacht. Hier in Zuid-Afrika werd ik er gewoon ingeduwd door de nanny, door de school, door de cultuur. En het werkte.
Gaat soepel
Ja, ik vind het nog altijd verschrikkelijk als ik met mijn neus boven een dampende drol sta om de inhoud van het potje door de wc te spoelen. Maar meestal kijk ik met een glimlach naar mijn zoon, die trots zijn eigen wc-ritueel uitvoert. En ik denk: dit is weer zo’n typisch ouderschapshoofdstuk waarvan je eerst denkt: help, dit kan ik niet, en je uiteindelijk verbaasd bent hoe soepel het gaat.
Misschien is dat wel de grootste les: kinderen zijn vaak sneller klaar voor dingen dan wij als ouders. Het enige wat je hoeft te doen, is ze de kans geven. En een dweil paraat houden.’
Lees ook: Terugval zindelijkheid bij je kind: hoe komt dit en wat kun je doen?