Bijvoeden van je baby: de eerste hapjes

Bijvoeden van je baby: de eerste hapjes

Vanaf vier maanden kun je je baby naast flesvoeding gaan bijvoeden. Zo maakt je baby kennis met nieuwe smaken en leert hij vast voedsel eten. Hoe pak je dat aan, wat worden de eerste hapjes en wanneer eet je kind met de pot mee?

Bijvoeden vanaf vier maanden

Tot zes maanden leveren borst- en/of flesvoeding alle voedingsstoffen die je baby nodig heeft en heeft hij nog geen vaste voeding nodig. Maar vanaf vier maanden kun je wel al starten met het geven van de eerste hapjes, als je kind en jij daaraan toe zijn. Zo leert hij nieuwe smaken en texturen kennen en kunnen zijn tong en mond aan de spierbewegingen wennen die straks nodig zijn voor het kauwen op vast voedsel. Lees hier meer over de smaakontwikkeling van je baby.

Het is belangrijk dat je niet al voor vier maanden begint met de oefenhapjes: het spijsverteringskanaal van je baby is dan nog niet klaar voor vast voedsel waardoor hij allergieën kan ontwikkelen. Tegelijkertijd is het ook niet goed om later dan zes maanden te beginnen, ook dan is de kans op voedingsallergieën groter.

Wanneer is je baby er klaar voor

Naast zijn leeftijd zijn er ook andere factoren waar je op kunt letten om te bepalen of je kind klaar is voor zijn eerste hapjes: je baby…

  • kan goed rechtop zitten
  • kijkt het eten uit je mond of probeert het van je af te pakken
  • doet je na: als jij kauwt doet hij dat ook
  • kwijlt minder (tenzij zijn eerste tandjes al doorkomen, dan kwijlt hij juist meer)
  • maakt steeds meer smakgeluiden
  • blijft hongerig, ook als je hem al melk hebt gegeven

Pap

Omdat rijstebloem licht verteerbaar en glutenvrij is, is dit een goede eerste stap in het wennen aan vast voedsel. Je kunt hiervan wat toevoegen aan de melkfles (vervang wel even de speen voor een met een groter gat, anders krijgt je baby het er niet doorheen) of je maakt er een dikker papje van dat je met een lepelt aan je kind voert.

Groente en fruit

Daarnaast kun je beginnen met de eerste hapjes groente en fruit. Zo went je kind aan andere texturen dan melk. Zowel fruit als groente pureer je eerst en groente moet je daarvoor nog even koken. Let op: deze eerste hapjes zijn alleen om te oefenen, ze vervangen de melk nog niet.

Begin met zachte en zoete smaken zoals banaan, perzik, wortels en bloemkool. Dan  is het verschil met melk niet zo groot. Als dit goed gaat, kun je doorgaan met andere smaken. Langzaamaan kun je aardappels, rijst, vlees, vis of brood toevoegen, zorg wel dat je alles fijnmaalt.

Mix de verschillende smaken nog niet door elkaar als je net begint met bijvoeden, maar hou het bij één ingrediënt. Zo kan je baby goed wennen aan een bepaalde smaak. Geef hem een aantal dagen achter elkaar hetzelfde prakje, voor je aan een volgende smaak begint. Hierna kun je smaken gaan combineren.

Hoeveelheid

Het gaat om kennis maken met nieuwe smaken, het is extra. Daarom geef je maar een paar kleine hapjes (een paar lepels) per dag. Als je te veel geeft, kan het zijn dat hij geen trek meer heeft in zijn melk en die heeft hij nu juist nog hard nodig. Een goed tijdstip voor het geven van en hapje is dus na zijn melk of tussen twee voedingen door. Dan heeft hij niet heel erg honger en is hij ontspannen en wakker.

Uitspugen

Grote kans dat je baby het prakje weer snel z’n mond uit werkt. Dat is niet erg, hij moet nog wennen aan de nieuwe smaak en textuur. Dit gaat na wat vaker proberen steeds beter. Op een gegeven moment gaat hij meer binnenhouden en het eten van hapjes waarschijnlijk ook leuk vinden.

Bijvoeden vanaf zes maanden

Vanaf zes maanden gaat vaste voeding de melk gedeeltelijk vervangen. Dit is ook het moment dat je kind meer nodig heeft.

Vanaf acht maanden kun je melk geleidelijk afbouwen. Je hoeft zijn hapjes niet meer zo fijn te pureren: ze mogen kleine, zachte stukjes bevatten die de kauwontwikkeling stimuleren. Je kind groeit hard in deze periode en heeft veel energie en voedingsstoffen nodig.

Vanaf een jaar

Vanaf twaalf maanden kan je kind met de pot mee-eten. Je mag borst- of flesvoeding ook vervangen voor koemelk als je dat wilt. Grote kans dat je kind vanaf dit moment niet meer gevoerd wil worden, maar graag zelf wil eten. Laat hem dat ook doen. Het wordt gegarandeerd een puinhoop, maar op deze manier maakt hij nog beter kennis met eten. Uit onderzoek blijkt zelfs dat als kinderen met hun handen eten de kans groter is dat ze op latere leeftijd meer lusten, gezonder eten én minder zwaar zijn. Doordat je je kind zelf laat bepalen hoeveel hij eet, is ’ie beter in staat om te stoppen wanneer hij vol zit.

Dit is ook hét moment om je kind gezonde eetgewoontes aan te leren. Hou daarbij rekening met regelmaat en variatie: leer je kind dat er vaste momenten op de dag zijn om te eten en te drinken. Ontbijt, lunch en avondeten. Tussendoor kun je hem iets kleins geven. Je kind raakt zo gewend aan vaste tijdstippen en zal tussendoor minder snel trek hebben.