PeuterOpvoeden & ontwikkeling

Van slissen tot stotteren: de meest voorkomende spraakproblemen op een rij

Van slissen tot stotteren de meest voorkomende spraakproblemen op een rij Getty Images
Getty Images
Leestijd 7 minuten
(Medisch) beoordeeld door:
jente timmer
Jente Timmer
Logopedist
eline walraven
Eline Walraven
Logopedist – klinisch linguïst
Lees verder onder de advertentie

Wat is een spraakprobleem?

Allereerst is het goed om het verschil te weten tussen een taalprobleem en een spraakprobleem. Taalproblemen hebben te maken met belemmeringen in het begrijpen of spreken van taal. Denk aan het opvolgen van instructies, het begrijpen van een verhaal of het maken van zinnen.

Bij een spraakprobleem gaat het vooral om hoe klanken worden gemaakt en gecombineerd tot woorden of zinnen. Soms heeft een spraakprobleem een fysieke oorzaak, zoals slappe mondspieren. Vaak gaat het echter om een vertraagde of afwijkende ontwikkeling van spraak en is er dus geen duidelijke lichamelijke oorzaak.

Als een kind ongeveer één jaar is, zegt hij de eerste woordjes. Het ene kind praat eerder dan het andere kind. Als je kind wat later is met praten, is dat niet direct reden tot zorg. Er is pas een spraakprobleem als de spraak van je kind duidelijk achterblijft bij zijn leeftijdsgenootjes. Je kind spreekt onduidelijk en/of kan bepaalde klanken niet uitspreken. Die klanken slaat hij over of vervangt hij door een andere klank. Hierdoor is hij voor anderen moeilijk verstaanbaar.

Lees hier meer over de spraakontwikkeling bij peuters en kleuters.

Mogelijke oorzaken spraakproblemen bij een kind

Er zijn verschillende mogelijke oorzaken voor spraakproblemen bij kinderen. Soms ligt er een fysieke oorzaak onder. Daarom is het belangrijk om te onderzoeken of het spraakorgaan (de stembanden, het gehemelte, de tong en de lippen, de stembeheersing) in orde is. Daarnaast moet het gehoor voldoende zijn voor een goede spraakontwikkeling.

Zie ook:
Taalontwikkelingsstoornis: wat is het en wat kun je eraan doen?

Spraakproblemen kunnen ook ontstaan als je kind de fijne motoriek van het spreken nog niet goed beheerst of problemen heeft met de planning en het aansturen van de spreekbewegingen. Het kan ook zijn dat de taalontwikkeling in het hoofd van je kind te snel gaat. Hij wil dan veel vertellen, maar moet nog leren om gedachten, woorden en spraak soepel op elkaar af te stemmen. Dat is meestal een normale ontwikkelingsfase.

Andere mogelijke oorzaken van spraakproblemen bij een kind zijn:

  • Langdurig verminderd gehoor (bijvoorbeeld bij regelmatig terugkerende oorontstekingen)

  • Te lang duimen of zuigen op een speen

  • Te grote neusamandel en/of keelamandelen

  • Ook kan de oorzaak liggen bij het hebben van een spierziekte, een beroerte, een gezichtsverlamming of een neurologische aandoening. Dit komt bij kinderen echter zelden voor.

Lees verder onder de advertentie

Lees meer: Wat is beter: duim of speen?

Gevolgen spraakprobleem

Als je kind zich niet goed kan uiten, kan dat leiden tot frustratie. Dit kan zich uiten in gedragsproblemen. Je kind kan opstandig of boos worden, omdat hij zich niet begrepen voelt. Of hij kan zich juist vaker terugtrekken. Ook het leren op school kan moeizamer verlopen, terwijl er niets mis is met de intelligentie of het taalvermogen van je kind.

Zo herken je een spraakprobleem

Rond de leeftijd van drie jaar is het klanksysteem van een kind volledig ontwikkeld. Dit betekent dat hij alle klanken van zijn moedertaal herkent. Vanaf de leeftijd van drie jaar verbetert de verstaanbaarheid van een kind: op driejarige leeftijd is een kind voor ongeveer 75% verstaanbaar, op vierjarige leeftijd is dat 90-100%.

Tot de leeftijd van ongeveer 6-7 jaar kunnen spraakproblemen horen bij een normale ontwikkeling. Veel kinderen gaan bijvoorbeeld door een fase waarin ze stotteren als onderdeel van hun taal- en motorische ontwikkeling. Maar hoe weet je nou of het bij de normale spraak- en taalontwikkeling hoort of dat er iets meer aan de hand is? Dit zijn aanwijzingen dat je kind mogelijk een spraakprobleem heeft:

Lees verder onder de advertentie
  • De L en R zijn de laatste klanken die een kind leert. Het is dus niet gek als een jong kind deze klanken nog niet (goed) gebruikt. Rond de leeftijd van 6 à 7 jaar moet een kind echter alle klanken goed uit kunnen spreken.

  • Als je je kind geregeld niet verstaat en begrijpt.

  • Als hij regelmatig boos of verdrietig is, omdat hij zich niet begrepen voelt.

  • Als anderen moeite hebben om je kind te verstaan.

  • Als je kind praten uit de weg gaat.

Soorten spraakproblemen van kinderen

Er zijn verschillende soorten spraakproblemen waar kinderen last van kunnen hebben:

Bij een fonologische stoornis kan een kind de klanken wel maken, maar gebruikt deze verkeerd in woorden. Dit uit zich vaak in vaste patronen. Je kind laat bijvoorbeeld de laatste klank van een woord weg (‘poe’ in plaats van ‘poes’), of vereenvoudigt klankcombinaties (‘peen’ in plaats van ‘speen’). Het kind kan de klank dus wel goed uitspreken als je deze los aanbiedt, maar hij past de klank niet goed toe in een woord. Als deze patronen langer blijven bestaan dan past bij de leeftijd, kan er sprake zijn van een fonologische stoornis. Een logopedist kan beoordelen of het om een tijdelijke achterstand gaat, of dat een behandeling nodig is.

Bij articulatieproblemen (ook wel fonetische stoornis genoemd) lukt het een kind niet om klanken goed uit te spreken. Het probleem zit dan in de uitspraak van de klank zelf: de tong, lippen of kaak worden niet op de goede manier aangestuurd om de klank goed te produceren. Het verschil met een fonologische stoornis is dus dat het kind hierbij ook de losse klanken niet kan maken. De K wordt bijvoorbeeld altijd vervangen door een T (‘tip’ in plaats van ‘kip’), maar de losse productie van een K lukt ook niet. Bij logopedie leren kinderen de klanken op de juiste manier vormen en toepassen, waardoor hun verstaanbaarheid meestal duidelijk toeneemt.

Slissen of lispelen
betekent dat je kind de S en de Z verkeerd uitspreekt. De tong komt op een verkeerde plek, bijvoorbeeld tussen de tanden, of er ontsnapt lucht langs de zijkant. Soms komt slissen door te slappe tongspieren, mondgewoonte of het gebit. Een logopedist kan beoordelen wat er aan de hand is.

Stemproblemen
kunnen ontstaan door keel-, neus- en oorproblemen, een afwijking aan het strottenhoofd (het orgaan waar de stembanden zitten) of onjuist gebruik van de spraakorganen. De stem kan schor of hees klinken of helemaal verdwijnen. Spreken is erg vermoeiend met een stemprobleem en als het lang duurt kan het schade veroorzaken aan de stembanden. Meer lezen: Wanneer besluit een arts om de amandelen te verwijderen?

Verbale ontwikkelingsdyspraxie
is een zeldzame stoornis in het coördineren van de spraakbewegingen. Hierbij weet een kind vaak wel wat het wil zeggen, maar lukt het niet om de juiste mondbewegingen in de goede volgorde aan te sturen. Daardoor kunnen woorden wisselend of vervormd uitgesproken worden.

Afasie en dysarthrie
zijn neurologische communicatieproblemen die ontstaan door hersenletsel. Afasie is een taalstoornis die meestal wordt veroorzaakt door schade in de linkerhersenhelft, bijvoorbeeld door een beroerte, een hersentumor of een ongeval. Dysarthrie is een spraakstoornis die kan ontstaan door een beroerte of ongeval, waardoor de aansturing van de spieren in de mond en keel verstoord is. Beide aandoeningen komen echter zelden voor bij kinderen.

Lees ook:
Hoe ontwikkelt je kind zijn woordenschat en hoe kun je dit stimuleren?

Stotteren

Stotteren betekent dat je kind minder vloeiend praat. Hij herhaalt klanken, lettergrepen of woorden (b-b-bal), blijft hangen op een klank (sssssok) of loopt even vast Veel kinderen tussen de twee en vijf jaar laten dit soort onvloeiendheden horen. Dit is een fase die hoort bij de taalontwikkeling en hoeft niet te wijzen op blijvend stotteren. Stotteren heeft een andere oorsprong dan bovenstaande spraakproblemen. Bij stotteren gaat het om timing en coördinatie van het spreken. Meestal is er geen fysieke oorzaak en is er niets aan de hand met de stem of de uitspraak van de klanken.

Vaak gaat stotteren vanzelf over. Maak je je er zorgen over, duurt het stotteren langer dan acht à negen maanden en/of heeft je kind er zichtbaar last van? Neem dan contact op met een logopedist/stottertherapeut. Die kan bepalen of logopedie nodig is. Vroege begeleiding kan helpen om verergering te voorkomen.

Tips:
Dit kun je doen als je kind stottert

Lees verder onder de advertentie

Behandeling spraakprobleem

Heeft je kind problemen met het uitspreken van woorden of klanken? Loopt zijn spraak achter op die van leeftijdsgenootjes? Dan kun je het beste een afspraak maken bij de huisarts. Hij zal waarschijnlijk eerst het gehoor van je kind controleren. Indien nodig, kan de huisarts of de jeugdarts van het consultatiebureau je doorverwijzen naar een logopedist.

Een logopedist houdt zich bezig met stoornissen op het gebied van communicatie. Logopedie heeft vijf behandelgebieden: stem, spraak, taal, gehoor en slikken. Aan de hand van jullie verhaal, de klachten en een lichamelijk onderzoek stelt de logopedist een diagnose. Is er meer informatie of onderzoek nodig om je kind goed te kunnen begeleiden, dan kan de logopedist hem doorverwijzen naar een audiologisch centrum, KNO-arts, neuroloog of kinderarts.

Lees meer:
Zo gaat een logopedist bij kinderen te werk

Bronnen:
Maasstad Ziekenhuis, Fenac