Dirk Lotgerink (1985) schrijft, is docent Spaans en werkt als tolk in de internationale voetbalwereld. Hij woont samen met Kayleigh in Beek (bij Nijmegen). Thorre en Lizzie, hun driejarige tweeling, vormen de inspiratie voor zijn columns.
Ontbijttafels vertellen geheimen. Tafel keurig gedekt? Rust in huis. Ligt alles kriskras door elkaar? Dan is de kans groot dat de ochtend een race tegen de klok is. Bij ons is het vandaag chaos.
Ik ben vroeg opgestaan voor een mooie klus in de voetbalwereld, maar eerst moeten Thorre en Lizzie nog naar mijn ouders. Ik wil snel door. Ondanks die haast wil ik altijd samen ontbijten. Aan tafel, elkaar aankijken, muziekje op de achtergrond. In elk geval heel even doen alsof deze dag geen verplichting met zich meebrengt.
Lees ook: Dirk (40): ‘Zwaar, een tweeling? Helemaal niet, wij zijn geluksvogels’
Peutertempo
Alleen hebben mijn kinderen nooit haast. Ze eten rustig, zeggen dat ze een vogel zien vliegen, vertellen iets wat niets met de ochtend te maken heeft. Ze begrijpen sowieso nog niet waarom iemand zou rennen als er geen spel gespeeld wordt.
Op tafel staan boterhammen en een pot pindakaas waarmee ze zichzelf inmiddels kunnen redden. Ondertussen schiet mijn hoofd alle kanten op. Bij uitzondering is Kayleigh er vanmorgen niet bij door een vroege afspraak op het werk. Ik ben het type vader dat dan altijd iets vergeet. Waterflesjes. Liga's voor onderweg. Een zwembroek als we gaan zwemmen. Of de hele rugzak, natuurlijk.
Vandaag moet Floddertje mee. Het boek is bijna uit, Thorre en Lizzie willen het einde kennen vóór ze vanmiddag op het logeeradres in slaap vallen. Terwijl ik naar de klok kijk, houden mijn kinderen me een spiegel voor. Waarom heb ik eigenlijk haast? Is deze afspraak echt belangrijker dan een ontspannen ontbijt?
Lees ook: Lauren: ‘Altijd krijg ik als moeder dat gevoel: schiet op. Los het op. Houd de boel niet op’
De haast-paradox
Haast bereikt altijd precies het tegenovergestelde. Zodra Thorre en Lizzie voelen dat mijn aandacht ergens anders zit, vertragen ze juist meer. De pot pindakaas valt van tafel, Een T-shirt wordt ondersmeerd. Omdat ik nooit te laat wil komen op mijn werk, begin ik ongeduldig te worden. Het tandenpoetsen gaat te snel, een ander shirt aantrekken levert nog meer vertraging op. 'Hup, naar de auto', zeg ik dan, zo vrolijk mogelijk. 'Opa en oma wachten al op jullie.'
Maar Thorre wil zijn treinen nog geen gedag zeggen. Lizzie rijdt haar poppenwagen nog één rondje door de kamer. 'Doei, papa', zegt ze. 'Wij blijven hier.' Soms lijken ze zelf vergeten te zijn dat ze pas drie jaar oud zijn, maar omdat ze pas drie jaar oud zijn, nemen ze toch met enige tegenzin plaats in de kinderstoeltjes op de achterbank.
Papa had haast
Na mijn werk haal ik ze weer op. Thuis kook ik en dek ook meteen de tafel. Het bestek leg ik extra netjes neer. Buiten rijden de kinderen nog op een tractor door de tuin. ’Mama komt bijna thuis,’ roep ik. ‘Kom, plassen, handen wassen en aan tafel!’ Hebben we nog steeds, of alweer, een beetje haast? Als Kayleigh thuiskomt, is het meteen gezellig. De kinderen vertellen over hun geslaagde dag. Dan kijkt Thorre haar aan. ‘Papa was *Floddertje* vergeten.’ ‘Ja,’ vult Lizzie aan. ‘Papa had een beetje haast.’
Meer lezen van Dirk? Dat kan in zijn dossier.